De nacht van het noodweer

Het kwam dichterbij. Ze kon het voelen. Het waren niet alleen de elkaar steeds sneller opvolgende lichtflitsen die de horizon voor een fractie van een seconde deden oplichten, of het dreigende gerommel, dat steeds luider het naderende noodweer aankondigde. Nee, ook diep binnenin haar lichaam vertelde  iets haar dat het tijd was.

Ze herkende zichzelf bijna niet. Eerst had ze met grote ogen door het raam naar de lichtflitsen gekeken. Maar nu… iedere spier in haar lijf was gespannen. Een rilling trok langs haar ruggegraat. Ze moest naar buiten, nu!

De straten en het gras waren vochtig van de vorige bui. Maar dat deerde haar niet. Ze rende, draafde bijna, naar de plek waar ze al zo vele avonden kwam. Niemand wist precies waar ze heen ging. En dat was prima zo.

Ongeveer een week geleden had ze de plek ontdekt. Als bij toeval, want eigenlijk wist ze helemaal niet waar ze heen ging. Het leek alsof iets haar er naartoe had geleid. Dagenlang had ze bij het water gezeten. Observerend. Maar nooit actie ondernemend.
Vannacht zou anders worden.

Ze nestelde zich op een relatief droog plekje lang de kant van het water. Hier moest het gebeuren.

Het was alsof ze in een soort roes leefde. De drukkende warmte, het gerommel in de verte, de spookachtige lichten… het zette al haar zintuigen op scherp. Ieder ritseltje in de struiken, ieder rimpeltje op het wateroppervlak werd door haar waargenomen. En toen zag ze het.

Met grote moeite wist ze zich te beheersen. Afwachten… laat het dichterbij komen. Nog dichter. En nog een klein stapje… Haar spieren spanden zich… en ze sprong!

Het wezen had geen kans. Het weke lijfje was niet opgewassen tegen haar krachtige uithalen. Pats! Nog een keer. Pats! En nog een keer. En nog eens. Ze had het en het zou haar niet ontsnappen!

Ineens ontwaakte ze uit haar moorddadige roes. En een angst maakte zich van haar meester. Was ze te ver gegaan? Ze keek naar het levenloze lichaam dat voor haar voeten lag. Gehavend, maar nog net goed genoeg. Voorzichtig pakte ze het op en rende terug naar huis. Het was nog niet te laat.

.

.

.

…en zo kwam het, dat ik vanochtend de restanten van een mini-kikkertje in de huiskamer vond. Dankjewel poes, voor je allereerste cadeautje…

*slik*

(de visuele ondersteuning van deze post is ditmaal wegens omstandigheden weggelaten)

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.