Weekje Schotland

Wat hebben we een heerlijk weekje vakantie in Schotland gehad!

We zijn er met een huurauto en onze eigen TomTom (hoera voor deze uitvinding!) heen gegaan en hebben lekker onze eigen route uitgestippeld. Het was wel even wennen, links rijden en het stuur aan de andere kant! Vooral als die supersmalle bergweggetjes 20% naar beneden gaan en je daarna weer een aantal hobbels over moet, lijkt het net alsof je in de achtbaan zit. Of wat dacht je van eenbaanswegen met hier en daar een uitstulpinkje aan de zijkant, voor het geval je een tegenligger tegenkomt?

Bijna direct na het wegrijden kon ik Mark behoeden voor een ongeluk met een auto van rechts op een rotonde. En niet veel later, na wegwerkzaamheden waardoor we even op de rechter rijbaan moesten rijden, herinnerde Mark me er nog net op tijd aan dat ik nu wel weer heel snel terug moest naar de linkerbaan, vanwege tegemoetkomend verkeer…

Quote van de dag:
“Mag je hier echt 60 miles per hour rijden? Ik rijd pas 35 en het voelt nu al zo hard!”
“Lenny, dat is je toerenteller. De snelheidsmeter zit hier ook aan de andere kant…”

Verder dachten we dat de bordjes met een camera erop aangaven waar de mooie-foto-plekken langs de route waren. Pas later kregen we door dat het waarschuwingsborden waren voor snelheidscontroles…
Erg leuk was overigens dat de meeste borden niet alleen in het Engels, maar ook in het Gaelic waren.

Maar goed, na een uur of twee rijden ben je wel redelijk gewend. En als je op een gegeven moment begint te schelden op traag rijdende locals, dan weet je dat je volledig geïntegreerd bent in het Schotse verkeer…

We hadden dan ook een hele goede auto meegekregen: 6 versnellingen (hoewel die hoogste onbruikbaar was op bergweggetjes), 50 liter tank en heel zuinig (zodat we maar 1,5 tank nodig hadden voor heel Schotland) en niet te vergeten: ruitenwissers met een sensor, zodat je niet continu de ruitenwissersnelheid hoeft aan te passen! Heel handig voor die Schotse buien, waar de regenval iedere 30 seconden een andere hevigheid krijgt.

Droog zijn we dan ook zeker niet gebleven. Alleen de laatste dag in Edinburgh hebben we geen regen gehad. Maar ach, daar hadden we op gerekend en we hadden een paraplu bij ons. Bovendien: een bui duurt er nooit lang.

Natuurlijk is een week te kort om alles te zien wat je wil, maar we zijn toch een heel eind gekomen. Ik had bewust een week in augustus uitgekozen, omdat dat de festivalmaand is in Schotland. Dat betekende drukte en volle (=dure!) hotels, maar ook veel extra cultuur om te zien en te doen.

Maandag 9 augustus: Glasgow

Na de avond ervoor te zijn geland in Edinburg en direct door te zijn gereden naar Glasgow, was het vandaag tijd om de stad te gaan verkennen. Gelukkig hadden we er maar 1 dag voor uitgetrokken, want wat een lelijke stad is het… Heel veel oude gebouwen (sommige mooi, maar de meeste rijp voor de sloop) die tussen moderne gebouwen in gepropt staan.

Toen wij er waren was er net het Piping Live! festival, wat betekende dat er overal doedelzak-gerelateerde dingen te doen waren. Tijdens ‘Piping in the Square’ kon je gratis naar diverse doedelzakbands kijken.

Ook hebben we een ‘Come & try’ workshop gedaan, zodat ik nu ook eens op een echte highland bagpipe heb gespeeld. Nou ja, poging tot spelen heb gedaan. Want dat is echt superlastig! Ik heb maar 1 bourdonpijp en daar zitten er 3 op, zodat er veel meer lucht in moet en het ook veel zwaarder is om het ding te spelen. Echt veel geluid kreeg ik er dan ook niet uit.

‘s Avonds reden we via Loch Lomond richting Oban, met een omweg om nog even naar de zogenaamde ‘cairns’ te kijken, die langs de route verspreid lagen. De stenen op de foto waren van een oeroude druïdetempel. De sfeer op het veldje was nogal eery, maar dat kwam niet zozeer door de stenen alswel door de gigantische groep schapen er omheen, die maar bleven mekkeren, alsof ze zeiden: “Ga wè-è-è-è-è-è-g….”

Dinsdag 10 augstus: Isle of Skye

Na een overnachting in Oban reden we verder naar the Isle of Skye. Het begin van de route voerde voornamelijk langs lochs, heel veel lochs. Al snel merkten we dat we de highlands inreden, want de bergen (al dan niet gehuld in nevels) werden steeds hoger, groener en imposanter. We zijn dan ook meerdere keren langs de weg gestopt voor fotomomentjes.

Eenmaal aangekomen op het eiland zijn we naar Armadale castle en het clan McDonald museum gereden, waar we een prachtige wandeling hebben gemaakt. Met als hoogtepunt de uitkijkplek op Armadale Hill, waar Mark de vraag stelde…

‘s Avonds probeerden we naar een ruïne in het dorpje Kyleakin te lopen. Dat was niet zo’n succes, aangezien we geen rekening hadden gehouden met het tij… De normale route bleek ondergelopen te zijn, waardoor het stenen pad overging in een platgelopen graspad en vervolgens helemaal verdween, en wij ineens midden op een volstrekt onbegaanbare heuvel tussen de hoge heiplanten stonden en de ruïne alleen maar vanuit de verte konden zien, terwijl de zon steeds harder onder ging. Tot grote frustratie van Mark.

Toen zijn we maar de lokale bar ingegaan, waar een heel leuk bandje met gitaar, trekzak en doedelzak speelde. Ter herinnering heb ik hun cd’tje gekocht, dat voor erg sfeervolle achtergrondmuziek zorgde toen we de volgende dag verder door de highlands reden.

Woensdag 11 augustus: op weg naar Inverness

Stop #1 was bij Eilean Donan Castle – het meest gefotografeerde kasteel van Schotland. Niet omdat het het mooiste is, maar hij ligt wel heel leuk op een eilandje:

Vanwege de hordes toeristen in de veel te smalle gangetjes was ik er echter al snel klaar mee en reden we door naar Loch Ness, met daaraan gelegen de ruïnes van Urquhart Castle.

In het nabijgelegen dorpje bezochten we het Loch Ness museum, waar we leerden over alle wetenschappelijke bewijzen voor én tegen het bestaan van het Monster van Loch Ness. Wij Nederlanders denken bij een monster in een meer: “dan onderzoek je dat meertje toch even?”. Maar de lochs in Schotland zijn wel een aantal formaatjes groter dan de Nederlandse meertjes, dus dat gaat niet zo makkelijk. Loch Ness is blijkbaar zo diep en lang dat de hele wereldbevolking er 3x in past!
De conclusie van het museum was dat heel veel mensen ‘iets’ hebben gezien, maar dat er geen wetenschappelijk bewijs is voor het daadwerkelijk kunnen bestaan van het beest. Nou, laat ze maar kletsen. Wij hebben héél lang naar het water getuurd en toen zagen we… Nessie!!

;-)

De avond brachten we door in Inverness, in een pub waar sessions werden gehouden. Dat betekent: als je een instrument kunt bespelen en je kent het nummer (of kunt het snel leren), schuif dan gezellig aan en speel mee!

Donderdag 12 augustus: Ballater

Ballater is een dorpje in the middle of nowhere. Niet veel bijzonders te zien, behalve dan dat er deze dag echte Highland Games georganiseerd zouden worden! En ik wilde natuurlijk wel grote brede Schotten in kilt zien smijten met diverse objecten.

Naast bovenstaande activiteiten waren er ook wat meer ‘normale’ sporten, zoals hoogspringen, verspringen en rennen. Sommige wedstrijden waren onderdeel van landelijke kampioenschappen, maar voor andere competities kon iedereen zich ter plekke inschrijven. Met enige trots kan ik dan ook mededelen dat mijn vriendje mee heeft gedaan aan de highland games, in het onderdeel sprint!! Weliswaar op zijn gewone schoenen en zonder sportkleding bij zich te hebben, maar het ging om de ervaring :-)

Vrijdag 13 augustus: Edinburgh

Edinburgh bleek een veel prettigere stad te zijn dan Glasgow. Natuurlijk zijn we eerst het beroemde Edinburgh castle gaan bekijken, en daarna nog even het museum in geweest.

Maar op straat was er ook genoeg te doen. Er was een uiteenlopend scala aan festivals die tegelijkertijd plaatsvonden: van films tot kunst tot boeken. De hele stad hing volgeplakt met posters en mensen uitgedost in de meest vreemde kostuums probeerden je over te halen om vooral hun voorstelling te bezoeken. Er waren ook diverse straatartiesten, zoals vuurspugers en slangenmensen.

Ook de locaties waar de optredens plaatsvonden waren apart. Zo was er een gebouwtje op een plein neergeplant dat bestond uit een op haar rug liggende opblaasbare paarse koe (met de uiers de lucht in)…

Bij de ‘half price hut’, waar je tegen gereduceerd tarief tickets kon krijgen voor niet-uitverkochte voorstellingen voor diezelfde dag, kochten we op goed geluk een kaartje voor een comedyvoorstelling. Dat bleek een goede keuze, want hoewel dat snelle Engels af en toe moeilijk te volgen is, hebben we compleet dubbel gelegen om die man!

Eten

Voor culinaire hoogstandjes hoef je niet naar Schotland. Het pubfood hebben we zo veel mogelijk vermeden, maar ook in restaurants kreeg je voornamelijk vette hap. Dat gecombineerd met een uitgebreid Scottish breakfast (minimaal bestaande uit eieren, spek, worstjes, tomaten en bonen) en het feit dat er voor de lunch nauwelijks gewoon brood te krijgen is en als je dat al vindt, er ook gelijk chips bij geserveerd worden, zorgde ervoor dat ik me na een aantal dagen zienderogen voelde uitdijen.

Als je in Schotland bent, dan moet je natuurlijk wel haggis eten. En hoewel er de meest ranzig klinkende ingrediënten in gaan, is het niet eens vies. Het is een soort flink gekruid gehakt, best lekker eigenlijk. Hiernaast een portie haggis, geserveerd met het veel voorkomende bijgerecht neeps & tatties (bieten en aardappelpuree).

Ook moest ik even het drankje ‘Irn-Bru’ proeven. Wist je dat Schotland en Peru de enige landen zijn waarin de lokale frisdrank beter verkoopt dan Coca Cola en Pepsi? Ook dat spul is best lekker, het smaakt een beetje naar cherry bubblegum. Maar toch heb ik liever cola.

Poezebeesten

Niet alleen Schotse mensen zijn anders dan Nederlanders, ook bij hun katten is er een verschil in cultuur te herkennen! Hun manier van aaien is anders. Van de vier katten die ik ontmoet heb, wilden er twee door mij ‘gewassen’ worden: ze duwden met hun pootje mijn hand naar voren, likten de hand, en schuurden vervolgens met hun kopje over de natgelikte plek heen. Erg schattig :-)

Over poezebeesten gesproken… het enige minder leuke aan onze vakantie was dat Zulay en wij elkaar een hele week moesten missen. Gelukkig was Marion zo lief om haar niet alleen te komen voeren, maar ook dagelijks van een flinke portie aandacht en knuffels te voorzien. Desondanks was Zulay heel blij ons weer te zien en heeft ze daarna zo veel mogelijk bij ons op schoot gelegen. There’s no place like home!

3 comments

  1. Patrick says:

    Dag

    Leuk verhaal van jullie. Vroeg me af hoeveel jullie samen kwijt waren voor zo’n weekje incl alles.

    Groet
    Patrick

  2. Lenny says:

    Poeh, het is nogal lang geleden. Ik gok rond de 1500 euro, inclusief maaltijden enzo, maar dat weet ik echt niet meer zeker.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.