Kokend water over mijn hand en pols gooien was niet mijn beste actie van vandaag. Snel koelen onder de kraan!
Tijdens het koelen (duurt lang…) had ik tijd om te bedenken dat ik misschien wel aloë vera op de brandwond kon smeren om het beter te laten genezen. Ik heb in de woonkamer zo’n plant staan en ik had al een tijdje geleden bedacht dat die dringend aan wat snoeien toe was, dus dit was het ideale moment om dat daadwerkelijk te gaan doen. (Het schijnt niet wetenschappelijk bewezen te zijn dat het spul helpt, maar dit leek me een gevalletje ‘baat het niet, dan schaadt het niet’.)
Stap 1: de overtollige bladeren met een scherp mes afsnijden en even laten uitlekken, zodat het geel/bruine sap eruit gaat.
Stap 2: de punten en stekels aan de zijkanten eraf snijden.
Stap 3: De aloë vera eruit halen.
Volgens diverse online instructies kan dat makkelijk met een dunschiller, maar dat werkte bij mij niet lekker. Misschien is mijn dunschiller inmiddels te bot, dat zou kunnen. Maar als je eenmaal één zijkant hebt verwijderd is er sowieso nergens meer een manier om het blad vast te pakken zonder volledig onder de glibberige yuck te komen zitten, waardoor het uit je vingers glibbert. Dit was dus een beetje improviseren.
Het blad doormidden snijden en eruit lepelen werkte ook niet goed – het spul is een soort dik slijm, niet vast en niet vloeibaar, dus je kunt het er niet uit laten stromen maar ook niet makkelijk eruit scheppen of snijden.
Uiteindelijk heb ik het maar half eruit gesneden, half eruit geschraapt.
Het resultaat: yuck in een potje! Tot een week of twee houdbaar in de koelkast. Invriezen kan ook, maar zo veel heb ik nou ook weer niet.
Of het echt helpt op mijn brandwond weet ik niet, want ik kan natuurlijk niet objectief het effect met en zonder vergelijken. Maar een psychologisch effect vind ik goed genoeg.
De rest kan ik gewoon als huidcrème gebruiken de komende dagen. Handig, want met dit weer is alles zo snel droog en jeukerig!




