Le Son Continu

Wouter had gevraagd of ik met hem mee wilde naar Le Son Continu: een folkmuzikantenfestival bij chateau d’Ars in hartje Frankrijk. Ik was er nog nooit eerder geweest maar het schijnt een beetje the place to be te zijn voor folkmuzikanten, vooral als je een bourdoninstrument speelt. Tot nu toe had ik al die buitenlandse festivals een beetje afgehouden, want ik bezoek al genoeg Nederlandse festivals, als bezoeker of muzikant, maar nu ik me meer in de balfolkmuziek ga storten leek me dit een mooie kans om eens kennis te maken met dit festival.

Helaas kon Patricia niet mee, anders hadden we er met Androneda op een open podium kunnen spelen. Desondanks was er genoeg gelegenheid om muziek te maken.

Het festival heet namelijk niet voor niets ‘le son continu’ (het continue geluid): dat verwijst niet alleen naar bourdons, maar ook zijn overal op het terrein mensen samen muziek aan het maken. Er zijn geprogrammeerde luisterconcerten en bals, maar ook spontane sessies. Er zijn wedstrijden, presentaties en lezingen. En er is een enorme markt waar instrumentbouwers hun instrumenten showen en verkopen. Je mag alles uitproberen en dat wordt dan ook veelvuldig gedaan. Met als resultaat een constante kakofonie van doedelzakken, draailieren, trekzakken, violen, fluiten, trommels, nickelharpa’s, banjo’s en nog veel meer. Soms prachtig om naar te luisteren, soms retevals. :-P (En ik heb geconstateerd dat je blijkbaar heel prima ‘The Final Countdown’ op een zampogna kunt spelen! XD ).

Het probleem is wel dat de definitie van ‘sessierepertoire’, oftewel ‘dit kent iedereen’, behoorlijk verschilt. In Nederland verschilt het al per sessiekring, dus al dat Franse repertoire zei me helemáál niets. Ik was dan ook blij dat ik ontzettend veel Nederlandse bekenden trof met wie ik wel wat overeenkomstig repertoire had. En ik heb veel titels opgeschreven, met de intentie die te gaan instuderen voor een volgende keer. Wat dat betreft is het festival enerzijds enorm inspirerend, anderzijds enorm frustrerend. Want oh mijn god, wat heb ik nog veel te leren…

Vooraf was ik een beetje bang dat mijn bioritme niet overeen zou komen met dit festivalritme, want de optredens begonnen ‘s avonds pas en duurden tot 4 uur ‘s nachts. Terwijl je niet kunt uitslapen, want rond half 9 ‘s ochtends brand je je tent echt wel uit! (Het was er 33-35 graden… maar gelukkig waaide het een beetje en was het onder de bomen van het festivalterrein veel beter uit te houden dan op het campingweiland). Maar ik heb me kranig geweerd! De eerste nacht heb ik het tot 4 uur gered en de volgende dagen ben ik steeds een uurtje eerder gaan slapen. Met dank aan Wouter, die me iedere nacht overtuigde om toch nog éven langer te blijven hangen dan ik me had voorgenomen. :-P

Het blijkt wel handig om actief te gaan shoppen op de instrumentenmarkt, want dat (plus met anderen hangen en muziek maken) is de voornaamste bezigheid overdag. Ik wilde graag een vedel kopen en heel misschien een meer middeleeuws ogende doedelzak, mocht ik die tegenkomen. Maar de mooi middeleeuws uitziende exemplaren klonken niet bepaald optimaal en er waren maar twee standjes met slechts 1 a 2 vedels, die me ook niet konden bekoren. Dus die heb ik laten liggen.

Wel heb ik progressie gemaakt met het oplossen van het probleem van mijn oude doedelzak. Die is structureel wat te hoog, wat lastig is met samenspelen met De Soete Inval. Maar als ik het riet hoger in de speelpijp zet om de hoogte wat te verlagen (volg je het nog? :-P ) dan worden de hoge tonen heel vals ten opzichte van de lage tonen en gaat de D kraken. Ik had al diverse rieten geprobeerd, zonder succes. Flip had voorgesteld een riet met langere stift te proberen. Dus heb ik op het festival me gemeld bij een instrumentbouwer die heel veel rietjes te koop had. Nou, we hebben alle varianten uitgeprobeerd en de conclusie was: het ligt aan de speelpijp, niet (alleen) het riet. Die is namelijk krom getrokken ergens in de afgelopen jaren.

Een mogelijke oplossing was alleen een nieuwe speelpijp in plaats van een compleet nieuwe doedelzak. Dus ging ik de volgende dag daarvoor shoppen. Dat was een behoorlijk frustrerende ervaring, want iedere bouwer had er zo zijn eigen mening over. Van “nee, volgens mij is het toch echt het riet hoor” tot “je moet inderdaad een nieuwe speelpijp maar daarvoor moet je instrument mee naar mijn atelier” tot “volgens mij doet ‘ie het prima, het is gewoon de temperatuur”. :-S Eentje waagde het zelfs aan mijn huidige (enige enigszins functionerende) riet te gaan prutsen, ondanks mijn protesten, waardoor ik daarna niet meer fatsoenlijk met anderen samen kon spelen. :-(

Ook opvallend: de bouwer van mijn huidige doedelzak zei altijd dat mijn riet eigenlijk te licht was en ik beter een zwaardere kon nemen. En Flip’s doedelzakken, waarop mijn collega’s van De Soete Inval spelen, zijn zo zwaar dat ik er moeite mee heb geluid uit te krijgen en het lang vol te houden. Maar diverse bouwers op dit festival vonden mijn huidige riet maar zwaar en zeiden dat ik te hard druk gaf op hun rietjes. Of ik niet liever een lichter riet wilde? Zucht…

Anyway, uiteindelijk vond ik een paar bouwers die niet moeilijk deden en gewoon een losse speelpijp wilden en konden verkopen die in mijn huidige doedelzak kon. Na wat vergelijkend warenonderzoek te hebben gedaan, heb ik er eentje besteld! Er zit een wachttijd op, maar hopelijk heb ik hem voordat het nieuwe festivalseizoen in 2020 begint binnen.

Verder is er niet heel veel aan mijn vingers blijven plakken, behalve een setje cd’s van Patates Sound System en de statiegeldbeker van het evenement. :-)

Natuurlijk heb ik ook gedanst: iedere avond waren er diverse bands ingepland en overal op het terrein waren houten dansvloeren neergelegd. Helaas was het bij de geprogrammeerde optredens loeidruk, waardoor je of van de rand van de dansvloer werd gedrukt als je niet uitkeek, of ergens in het midden werd geplet. De Fransen zijn blijkbaar ook niet zo van het veilig dansen; er waren diverse lomperikken die niet uitkeken waar ze heen walsten en gewoon doordrukten. Op een gegeven moment heb ik zelfs besloten om maar niet meer mee te doen aan cercles en gigues, want meermaals was het zo chaotisch op de vloer dat het onmogelijk was om een of meerdere sluitende cirkels te vormen, waardoor je ergens tijdens de dans partnerloos raakte, en bovendien bleven sommige leiders het een goed idee vinden om hun volgers te draaien terwijl er al nauwelijks ruimte was om elkaar te kruisen. :-S

Maar verder was de sfeer op het festival echt super. Ik dacht dat Castlefest relaxte mensen trok, maar dit folkfestival was helemaal bijzonder. Overal vriendelijke mensen, iedereen was welkom om bij een willekeurige sessie aan te schuiven, instrumenten mochten ook zonder koopintentie uitgeprobeerd worden en het hele terrein bleef brandschoon – niemand die het in zijn hoofd haalde om ook maar een papiertje op de grond te gooien! En dan heb ik het nog niet eens gehad over de superstille camping, waar je daadwerkelijk kon slapen en niet midden in de nacht werd wakkergebrald of om half acht ‘s ochtends al door een overenthousiaste muzikant uit je tent werd gedoedeld. :-)

Er was ook wachtmuziek bij de toiletten en douches. De rijen waren daar wat minder optimaal, in de brandende zon, maar uiteraard is er dan altijd wel iemand die zijn instrument erbij pakt en muziek gaat maken om de wachtenden te amuseren. <3

Ik had vooraf behoorlijk opgezien tegen de heen- en terugrit, maar dat is me heel erg meegevallen. Het scheelt als je goed gezelschap hebt en je onderweg met elkaar kunt afwisselen. Bovendien hebben we ontzettende mazzel gehad met files bij zowel Antwerpen als Parijs. Op de terugweg waren we uiteraard wel vermoeid, maar gelukkig niet te moe om te rijden. Lucas is op de terugweg ook met ons meegereden en dus heeft mijn car of holding bewezen dat er heel prima 3 mensen met bijbehorende festivalbagage (waaronder 3 tenten en zeker 6 instrumenten) in kunnen, zonder dat het zicht op de achterruit wordt geblokkeerd. B-)

Al met al was Le Son Continu dus een succes, al denk ik dat ik het nog leuker ga vinden als ik meer mee kan spelen met anderen. Dat wordt dus nog meer repertoire instuderen en oefenen met tweede stemmen erbij improviseren. Maar nu eerst… bijslapen!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.