Omdat één van onze collega’s vaak in z’n eentje op onze Amsterdamse vestiging werkt, terwijl de rest van onze afdeling in Den Bosch zit, hadden we een tijdje geleden besloten om de banden wat aan te halen door middel van een afdelingsuitje. Oorspronkelijk zouden we gaan bowlen, maar de baan werd blijkbaar net deze week geschuurd, dus werd het karten. Ook niet slecht! ![]()
Nou had ik pas 1x in m’n leven gekart en ik wist niet eens meer wanneer en waarom dat was. Ik kon me alleen nog herinneren dat ik er niet bepaald goed in was. Ik ben ook een veel te voorzichtige doos voor dat soort dingen. Hard rijden? Oeh nee, eng!
Tijdens de pauzes maak ik echter iedereen in met Mario Kart op de Wii. Ik had dus wel een reputatie hoog te houden.
Wat overigens best moeilijk is als je een suf haarnetje op moet ter bescherming van de helm, plus een veel te grote jas van het kartcentrum aan moet trekken (maatje S, my ass… ik moest de mouwen nog oprollen en de taille zat op m’n heupen zodat de jas niet dicht kon…).
De eerste ronde was echt dra-ma-tisch. Ten eerste scheurde iedereen weg uit de startblokken, behalve ik, omdat een paar seconden voor de start mijn motor was afgeslagen (niet mijn schuld, gewoon pech). Maar het rijden ging ook voor geen meter; als een oud omaatje ging ik de bochten door. Oeh, zo’n ding gaat toch best wel hard, zeker als je zo laag bij de grond zit! Toen ik uit de auto stapte had ik het idee dat iedereen me minimaal 2x had ingehaald. Ik was dan ook vet laatste geworden, met een rondegemiddelde van maar liefst dik 11 seconden meer dan de beste uit onze groep. Plus het feit dat ik 2 rondes minder gereden had…
Tijd voor een comeback dus. Gelukkig mochten we na een pauze (die broodnodig was, want 7 minuten karten is echt vermoeiend!) nog een tweede poging wagen. In die pauze had ik goed geluisterd naar de ritbeschrijvingen van mijn collega’s en had mijn onderbewuste bovendien de tijd gehad om de leerervaringen te verwerken.
De tweede keer ging het dan ook een stuk beter. Nou ja, wederom afgezien van de start dan. Mijn voorganger had de kart in een hoek geparkeerd, zodat ik me direct tegen de verhoging aan de zijkant vastreed zodra ik het gaspedaal intrapte. Een medewerker moest eerst mijn kart een stuk naar achteren trekken voordat ik weg kon rijden. Maar het rijden zelf ging veel beter en glunderend van trots stapte ik uit de kart omdat ik dit maal door niemand was ingehaald.
De rondetijden bevestigden het: in plaats van laatste was ik ditmaal precies in het midden geëindigd en had ik mijn gemiddelde met maar liefst 10,5 seconden verbeterd! Geen eerste plek, maar wel de steilste leercurve van iedereen. Elk rondje reed ik weer net een stukje sneller dan die ervoor. Dus was ik toch behoorlijk tevreden met mezelf.


De avond eindigde met steengrillen. Weer veel te veel gegeten natuurlijk, maar het was wel heel lekker en erg gezellig. En goed voor de team spirit dus. Hopelijk snel weer? Het volgende plan was om met z’n allen te gaan skydiven… ![]()