Gisteren was de eerste naailes na de zomerperiode. Na zo’n vakantie is het extra confronterend om weer in dat gezelschap te zijn.
Op zich zijn het allemaal echt hele aardige mensen, die samen met mij naailes hebben. Het zijn alleen vooral hele andere mensen en ik heb me nooit bepaald thuisgevoeld in de groep.
De ‘naailes’ die ik heb, is ook eigenlijk meer een ‘naaiclubje’. We hebben geen vastomlijnd lesprogramma; iedereen heeft gewoon een eigen werkstukje en tijdens de anderhalf uur op woensdagavond kunnen we vragen stellen aan de juf als we ergens op vastlopen.
De meeste dames gebruiken het echter vooral als gezellig keuvelavondje. Het zijn vrouwen van middelbare leeftijd of vrouwen die net moeder zijn geworden (en dus alleen maar kinderkleertjes maken). Die eerste groep komt er al járen en boekt niet bijster veel progressie. Na 10 jaar vraagt één van de dames bijvoorbeeld nog steeds elke keer aan welke kant ze de spelden ook alweer moet steken bij het inzetten van een mouw. Maar ze komen ook niet voor progressie, lijkt het.
Bij al dat blijkletsen schijnt de regel te zijn, dat je zo hard mogelijk door elkaar heen moet praten. Als iemand iets aan het vertellen is, mag je er best keihard tussendoor tetteren. Stel je voor dat je niet gehoord wordt, namelijk! En dat is iets waar ik niet aan kan wennen. Ik voel me beledigd als ik overschreeuwd word tijdens mijn verhaal en bovendien kan ik niet zo goed tegen harde stemmen.
Daarnaast; omdat ik geen kinderen heb en compleet andere interesses dan de anderen, boeien de conversaties me ook niet bepaald en houd ik me meestal afzijdig. Als het niet over de schoolprestaties van de kroost gaat, gaat het wel over een verhaal dat begint met: “Nou nou, het is me weer wat, met <insert random recente gebeurtenis>”, waarop een volledig ongenuanceerde, tenenkrommende discussie ontstaat die niet getuigt van enig politiek inzicht of zelfs politieke correctheid.
In deze eerste les na de vakantie werd er natuurlijk allereerst uitgebreid bijgepraat over iedereen zijn vakantiebestemming. Hoewel ik tijdens de zomerperiode een hoop vragen had opgespaard over mijn naaisels (ik bleek de enige te zijn die iets gedaan had, de rest was nog even ver als voor de vakantie), was ik daardoor gedoemd om werkloos te wachten, totdat de weersomstandigheden en uitjes doorgesproken waren, en, niet te vergeten, nadat er geklaagd was over al die moslima’s in burka’s, die er blijkbaar heel ranzige eetgewoonten op nahouden en een schrik zijn voor de Nederlandse hotels (hun woorden, niet de mijne – tenenkrommend moment #1 van de avond) en de juf eindelijk tijd voor me had.
Er was ook een nieuweling. Iemand die daadwerkelijk jonger leek dan ik (ik ben niet de jongste op les, maar dat zou je niet zeggen) en niet overkwam alsof ze al kinderen had. Ah, een potentieel maatje?
Ze had de LARP-outfits die ik bij me had, direct gespot, dus moest ik natuurlijk uitleggen wat LARP is. De gebruikelijke vraag-en-antwoordcyclus volgde (mijn mede-LARPers weten precies hoe die verloopt – bonuspunten als je ‘m treffend weet te beschrijven in de comments!). Dat leverde me dus direct enkele minpunten op de schaal van normaliteit op.
Na een ietwat pijnlijke stilte, die volgde op de laatste vraag, werd het volgende gesprek geïnitieerd.
“HEBBEN JULLIE OOK ‘STERREN SPRINGEN VAN DE DUIKPLANK’ GEZIEN??”, tetterde het vanaf de andere kant van de tafel. Er werd instemmend teruggekird.
Mijn enige reactie was: “‘Sterren springen van de duikplank’…. serieus??” (I kid you not, het programma blijkt dus echt te bestaan.)
Op een gegeven moment was men klaar met het bespreken van Patty Brard’s opgelopen verwondingen (doet dat mens ook nog iets anders dan in sterrenshows aan haar publiciteitstaks proberen te komen?) en ging het gesprek richting het slechte weer, om zo via het in het water gevallen weekend uit te komen op het Gebroeders van Limburg festival.
“Ja”, droeg ik weer bij aan de conversatie, “ik deed mee en de regen was inderdaad heel vervelend omdat ik bijna niet op mijn instrument kon spelen”.
“Oh, wat speel je dan?”
“Doedelzak…” (oh oh)
“DOE-DEL-ZAK??”
Weer minpunten op mijn normaliteitsschaal. Het was wonderbaarlijk dat het nieuwe meisje naast me bleef zitten.
Ach ja. De juf is goed en ik leer er een hoop. Het zal voor mij nooit het gezellige wekelijkse uitje worden zoals het voor de anderen is, maar eigenlijk is dat ook niet zo erg. Ik zie het maar als een mogelijkheid om een andere cultuur te observeren ![]()
Juist, ga de volgende keer gewoon met een dagje-naar-de-dierentuin mindset en het komt helemaal goed. XD En vooral erover blijven bloggen, ik lach me dood!

En als je er niet genoeg van kunt krijgen, ga je gewoon een keer om 5 voor 3 op het plaatselijke basisschoolplein staan, want geloof me, het kan altijd incorrecter!!
Er is een Engelse zegswijze die vrij vertaald ongeveer luidt:
“Domme mensen zijn niet op de wereld om je aan te ergeren, maar om je mee te amuseren”.
Als je het zó bekijkt worden bijeenkomsten zoals hierboven beschreven snel hilarisch.
Het gevalletje “doedelzak” had ik afgelopen week ook op mijn werk. Bij de kenjutsu-training een knappe snee in m’n vinger gemaakt met m’n zwaard, waardoor ik met een verbandje om mijn vinger op het werk verschijn.
Random collega: “Oh? In je vinger gesneden?”
Ik: “Yep. Met een samurai-zwaard.”
*insert korte stilte*
Random collega: “Met WAT?”
Ik: “Wat ik zeg: een samurai-zwaard.”
Random collega: “Oh.”
*insert ijzige stilte…*
Als bij ons de hobby’s exotischer worden dan voetbal of hardlopen, houdt het echt op. Kenjutsu hoef ik al niet proberen uit te leggen, laat staan larp… (en toch is het opleidingsniveau allemaal HBO en hoger…)
@Wim
“Domme mensen zijn niet op de wereld om je aan te ergeren, maar om je mee te amuseren”.
Het schijnt dat je dan voor topamusement naar de IKEA moet gaan op zaterdagmiddag – in Amsterdam.
L=Larper
R=Random andere persoon
R= Nog leuke dingen gedaan dit weekend?
L= Zeker, ik ben op Larp geweest en heb me super vermaakt
R=Larp?
L= Ja, Live action Roleplaying
R= *blank stare *
L= Eh, dat is een soort improvisatietoneel, waarbij je wel een rol speelt, maar niet een hele tekst van tevoren moet instuderen
R= Aha, en waar hebben jullie opgetreden dan?
L= Nee, het is niet voor publiek en het is ook niet op een podium. Iedereen die aanwezig is speelt een rol namelijk
R= Maar waar doe je dat dan?
L= Meestal op een scoutingterrein in de open lucht.
R= En hoe weet je dan wat je moet doen?
L= Wel, er wordt wel een soort raamwerk als verhaal geschreven waarbinnen je personage rondloopt, maar hoe je reageert op situaties is helemaal aan jou en je personage.
R= Juist ja, maar hoe ziet dat eruit dan?
L= Eh, nou, de wereld waarin je speelt heeft een soort Lord of the Rings achtige setting, dus je kan allerlei verschillende soorten personages spelen, bijvoorbeeld een strijder, magiër, een geestelijken van één van de goden… je mag het zelf bedenken.
R= * achterdochtige blik * juist ja, en met hoeveel mensen doe je dat dan?
L= Nou, gemiddeld zo’n man of 100, zowel spelers als NPC’s samen
R= NPC?
L= *zucht * NPC’s zijn personages die door de spelleiding gestuurd worden om het verhaal door te laten gaan. Als de spelers bijvoorbeeld in een dorpje aankomen, dan zijn de NPC’s de dorpelingen die de spelers tegen komen en in dat dorpje is dan meestal iets aan de hand dat de spelers moeten oplossen.
R= Dus jouw ‘personage’ doet dat ook?
L= Jazeker, ik speel een genezer die godheid hutsefluts aanhangt, dus die moet soms hard rennen om iedereen weer op zijn pootjes te zetten.
R= Dus je rent zo’n heel weekend lang in een rare jurk door het bos?
L= * diepere zucht * Ja, dat klopt…
R= Hahahaha! Rare hobby’s heb jij hoor… misschien moet ik maar eens komen kijken…
L= Tja, het is weer eens wat anders dan laveloos in de kroeg hangen hè?
R= Ja
L= Dus
R= * stilte *
L= * stilte *
R= Eh, wil je nog koffie
L= Ja hoor, lekker
*normaal verloop van de dag zet zich voort*
Zo gaat het inderdaad heel vaak
Het kan ook zo eindigen:
R= Hahahaha! Rare hobby’s heb jij hoor… misschien moet ik maar eens komen kijken…
L= Tja, er zijn ook mensen die zich met een hele groep in een soldatenpakje hijsen en dan achter elkaar aan gaan rennen met neppistolen. Dat noemen ze dan Paintball.
R= Oh.
of zo:
R= Hahahaha! Rare hobby’s heb jij hoor… misschien moet ik maar eens komen kijken…
L= Tja, er zijn ook mensen die zich met een hele groep in een afzichtelijk skipak hijsen en met een veel te grote zonnebril naar superslechte muziek gaan luisteren en zich helemaal klemzuipen. En ze rijden er nog een p*kke-end voor ook. Dat noemen ze “Apres-Ski”.
R= *zichtbaar op de teentjes getrapt* Da’s anders.
L= Is dat zo?
R= Ja!
L= Wat jij wilt.
R mijdt L voortaan.
@Wim: Het enge is alleen, dat ze stemrecht hebben. En in de meerderheid zijn… :-X
@Kenshin: IKEA’s op zaterdag zijn een serieus risico voor de gezondheid. Dat valt volgens mij onder ‘extreme sporten’
@Bjorg: Bonuspunten voor jou!
Zinnen die bij mij altijd terugkomen zijn inderdaad ook “hoe weet je dan wat je moet zeggen / doen?”, “hoeveel mensen doen daar aan mee?” (ze willen waarschijnlijk weten hoeveel andere gekken er statistisch gezien in hun omgeving rondlopen
) en het eindigt inderdaad structureel met: “oh, kan ik eens komen kijken”. Ik mis alleen nog de opmerking “Sla je elkaar dan ook echt?”
Ook leuk dat volgens mij iedere LARP’er het ongeveer op dezelfde manier uitlegt. Iets met ‘improvisatietoneel’ en ‘Lord of the Rings-achtig’.
Ik heb het zelf alleen niet meer over NPC’s, maar over ‘figuranten’. Daar kunnen mensen zich blijkbaar iets meer bij voorstellen.