Normaal gesproken zou ik nu een post hebben gemaakt over hoe leuk ik had deelgenomen aan de workshopdag van Stichting Draailier & Doedelzak. Maar ditmaal waren de rollen omgedraaid: na vele jaren aanwezig te zijn geweest als deelnemer, stond ik vandaag voor de groep als docente!
Ik was gevraagd om les te geven aan ‘begonners’ op de doedelzak: mensen die geen echte beginners meer zijn omdat ze al eens wat lesjes op het instrument hebben gehad, maar die nog niet goed genoeg zijn om mee te doen aan de lessen voor de halfgevorderden.
Nou is dat nog steeds een behoorlijk vaag criterium. Want wanneer val je precies onder die definitie? Ik had dus o.a. mensen die bijvoorbeeld één keer eerder aan een workshopdag hadden deelgenomen en daarnaast een cursusreeks van een aantal zaterdagen hadden gevolgd, maar ook mensen die al vier jaar speelden en in meerdere bandjes zaten. Maar ja, vier jaar dagelijks spelen is ook weer heel iets anders dan vier jaar lang het instrument eens in de twee maanden uit de koffer halen, dus ook dat zegt weer nauwelijks wat. Oftewel: ik moest voorbereid zijn op uiteenlopende niveaus. Dus had ik een flinke lijst aan onderwerpen voorbereid waar we mee aan de slag konden gaan, met optionele extra opdrachten voor mensen die zich verveelden, met als idee: beter te veel dan te weinig, iets weglaten kan altijd nog.
Het is maar goed dat ik ook op mijn werk vaak flexibel moet zijn wat betreft de trainingen die ik geef aan collega’s, want op de ochtend zelf kreeg ik er spontaan een extra deelnemer bij, die geen goed Nederlands bleek te spreken. Of ik alles in het Engels kon doen? Natuurlijk, doe ik wel vaker. ![]()
Het thema van mijn workshop was ‘wiebelen’: zorgen dat je bourdons geen wiebelgeluid maken door ze goed te stemmen (leren luisteren is een ding!), zorgen dat je speelpijp geen wiebelgeluid maakt door goed druk te houden, en bewust wiebelen door vibrato toe te passen. Zo hebben we onder andere druk-oefeningen gedaan door alleen de bourdons te laten klinken in plaats van ook de speelpijp, en geoefend met juist wel de bourdon en speelpijp strak tegelijkertijd aan te spreken bij de inzet van een liedje, en ook weer strak alles te stoppen aan het eind, zonder ‘naloeien’ van de bourdons.
Aan het begin van de workshop gingen we relatief snel door de stof heen, maar na de lunch ging het allemaal wat moeizamer. De hoofden van de deelnemers raakten uiteraard vol en het melodietje dat ze eerder in majeur makkelijk wegspeelden, bleek in mineur een te grote uitdaging, dus die heb ik laten zitten, net als de tweede stemmen die ik voor beide liedjes had voorbereid. Maar iedereen leek het gelukkig wel heel interessant en nuttig te vinden! Er werden ijverig aantekeningen gemaakt en achteraf kreeg ik veel complimenten over de inhoud van de workshop en mijn lesgeven. Het scheelt natuurlijk dat ik uit mijn eigen ervaringen kon putten – ik weet wat ik zelf als leerling prettig en niet prettig vond tijdens die workshops.
Desondanks had ik wel een beetje last van het ‘imposter syndrome’ hoor. Ik bedoel: zo’n goede speler ben ik zelf ook niet; vibreren kan ik lang niet perfect op iedere noot, en mijn glissando’s zijn niet noodzakelijk veel beter dan die van mijn leerlingen… en dan moet ik het aan hen gaan voorspelen, en dan willen ze het ook nog opnemen op video? Argh!! Maar ik denk dat dat gevoel er ook een beetje bij hoort. ![]()
Extra leuk was trouwens dat we met heel Androneda aanwezig waren, want ook mijn bandgenootjes gaven vandaag les: Wouter aan beginners op de trekzak, en Patricia gaf een samenspelworkshop.
Maar nu ben ik echt wel bek-af hoor! Ook omdat ik behoorlijk vroeg was opgestaan omdat ik Menno, die met me mee zou rijden, moest oppikken en ik had beloofd eerder aanwezig te zijn om te helpen deelnemers te ontvangen. Aan het eind van de dag ben ik gebleven totdat alles opgeruimd was, want aangezien Menno ook met me terugreed, moest dus ook alle meuk die hij normaal gesproken als organisator meeneemt bij mij in de auto. Maar hee – mijn car of holding heeft het weer uitstekend gedaan hoor! Een stuk of 12 doedelzakken, 6 draailieren, 3 kratten bier, 3 kratten voedsel, een backpack, mijn eigen spullen en nog wat diverse andere meuk? Geen enkel probleem! ![]()
En ja, ik heb het Lies gelijk vergeven toen na mijn optimale tetris-actie bleek dat er toch nog een draailier omgewisseld moest worden – uiteraard de draailier die precíés in het midden van mijn auto, helemaal onderop stond. ![]()
Ik vind het heel erg mooi dat het cirkeltje inmiddels rond is. Ik ben in de afgelopen jaren door vele mensen ontzettend gestimuleerd om doedelzak te spelen, onder andere door stichting Draailier & Doedelzak, maar bijvoorbeeld ook door de mensen van Madlot, die me als beginnend rogue doedelzakspelertje op het Gebroeders van Limburgfestival onder hun hoede namen. Mijn voormalig doedelzakdocent Marcel heeft me zelfs een poosje gratis les gegeven, omdat hij het belangrijk vond dat de kennis over spelen bewaard bleef en hij hoopte dat ik het op een gegeven moment weer aan anderen kon gaan leren. Nou, Marcel: je doel is hierbij dus bereikt!
En ik ben heel blij om weer wat terug te kunnen geven aan de doedelzakgemeenschap en andere mensen te stimuleren om ook verder te gaan met het instrument. ^_^



Leuk dat je anderen ook weer enthousiast maakt voor de doedelzak en de doedelzakmuziek!