Olga heeft weer eens een Project gerealiseerd. Deze heet ‘Wrivinge’ en het is “een reis door de geschiedenis van de erotiek”. Olga schrijft hilarisch, dus ik wist zeker dat deze show ook hilarisch ging zijn. En Jeroen en Bertine, die eraan meedoen, bevestigden dat ik er zeker heen moest.
Initieel was ik te laat maar gelukkig werden er nieuwe data gepland en speelden ze gisteravond in een theater relatief in de buurt (Den Bosch). Helaas kon Richard niet mee, dus kocht ik voor mezelf een kaartje.
Nou, ik kan iedereen aanraden om óók een kaartje te kopen voor een van de volgende voorstellingen, want ik heb vele malen vaker en harder gelachen dan bij de gemiddelde cabaretier! Net als de rest van de zaal, want het publiek (volgens mij voor minimaal 70% bestaande uit mensen uit de LGBTQ+-community 😋) was leuk en deed ook goed mee.
Eigenlijk is de voorstelling een lezing met Powerpoint-presentatie over hoe mensen in verschillende eeuwen dachten over en bezig waren met seks en erotiek (spoiler: doorgaans een stuk vrijer, flexibeler en minder heteronormatief dan wij tegenwoordig). Maar dan gepresenteerd in drag en met een fantastisch verhaal en bijpassende plaatjes. En onderbroken door erotische verhalen uit verschillende tijdperken, voorgelezen door andere cast-leden in kostuums.
Het is een avondvullende voorstelling en er moet echt enorm veel tijd in hebben gezeten om al dat onderzoek te doen, en dan ook nog eens om deze voorstelling te schrijven, maken en instuderen. Hij is niet alleen komisch maar ook nog eens leerzaam én met een belangrijke boodschap.
En ik mocht achteraf op de foto met (bijna) de hele cast! 😍
Ga er met een open mind heen, én ‘historisch verkleed’, zoals in de uitnodiging stond. Niet verplicht, wel leuk! 😁 (Ik kwam in mijn 17e eeuwse outfit – de allerminst passende bij het verhaal bleek achteraf, maar middeleeuwse jurken heb ik al zo vaak aan en een Victoriaanse hoepelrok / 15 lagen petticoats vond ik wat minder handig op de fiets naar het station – en ja, het was een bijzondere ervaring om op de terugweg zo tussen allemaal stomdronken jongeren in de trein te zitten. 🤪)
Door al het (huis)werk dat ik momenteel doe als voorbereiding op mijn coupeuse-deelexamen, had ik echt behoefte om er even tussenuit te gaan. Gelukkig was afgelopen weekend Middeleeuws Festijn Cannenburch in Vaassen, waar we met De Soete Inval mochten spelen en kon ik dus een weekendje kamperen en even mijn hoofd op andere dingen focussen. En wat was het leuk!
Dit evenement is altijd relaxed, omdat het niet al te vroeg begint (hoewel dit jaar wel een half uurtje eerder dan anders) en op zondag om 17.00 uur eindigt (in tegenstelling tot andere evenementen die vaak tot 18.00 uur doorgaan), zodat je nog enigszins op tijd thuis bent en daar kunt eten. Vaassen is bovendien goed bereikbaar vanuit Nijmegen (nou ja, tenzij er zoals afgelopen vrijdag een ridicule hoeveelheid file staat) en het terrein bevat, in tegenstelling tot dat van Montfort, bomen zodat er schaduw is, er staat een kasteel dat mooie fotomomenten biedt en bovendien voelt het terrein knus aan.
Wat ook erg leuk is, is het wederzien van allemaal bekenden. Sowieso was het het eerste evenement van dit jaar voor ons na een winterstop. Dus dan is het extra gezellig om de andere deelnemers weer te zien, die ons ook herkennen van andere jaren en evenementen. Daarnaast zijn er bezoekers die ieder jaar komen en die we inmiddels herkennen, zoals een buikdanseres die altijd op onze muziek komt dansen. Ook waren er bezoekers die ik persoonlijk ken vanuit LARP, zoals Koen, Desirée en David!
Sowieso is het publiek daar heel leuk en positief. Ze kwamen regelmatig in drommen om ons heen staan, dansten mee, gaven ons complimentjes, of wilden op de foto met “die leuke geschiedenis-mensen”.
Een klein meisje kwam wat schoorvoetend naar me toe en vroeg of ze me iets mocht vragen. Natuurlijk mocht dat, zei ik, verwachtend dat ze iets over onze doedelzakken wilde vragen. Maar nee: “Mag ik een knuffel van je?” was haar vraag. Awww…. <3
Foto door Vaassenactief.nl
De eerste dag was het behoorlijk heet, maar wel te doen. Vanwege de droogte mochten er helaas geen kampvuurtjes worden aangemaakt, ook niet om op te koken, dus nam ik mijn camping-kookstelletje en een gasfles mee om na sluitingstijd te gebruiken voor ons avondmaal. Die had ik vorig jaar eigenlijk gekocht vanuit prep-oogpunt (mocht de stroom ooit uitvallen, dan kunnen we iig gewoon koken), maar nu was een goede gelegenheid om hem eens in praktijk uit te proberen. En met succes! Eigenlijk was het nauwelijks anders dan thuis op een fornuis koken en binnen no-time stond het eten op tafel. Gelukkig vonden mijn bandgenootjes mijn maal ook goed te eten.
Wel een raar beeld hoor, zo’n campingtafeltje met kookstel tussen de middeleeuwse tenten…
Muzikaal ging het ook goed. We hebben o.a. een nieuw arrangementje mét zang bedacht voor ons nummer ‘Komt vrienden in het ronde’, waarvoor ik ter plekke snel nog even 2,5 couplet moest instuderen. Gelukkig ben ik beter in taal-dingen dan in tweede stemmen bedenken.
Bovendien heb ik ‘muzikantenlevel: pro’ unlocked! Tijdens het eerste optreden van de zaterdag kwam iemand van de crew naar me toe om te vragen of we op een specifieke plaats wilden gaan staan spelen en ik kon het gesprek daarover met hem voeren terwijl ik gewoon doorspeelde!
Ik genoot zo veel mogelijk van de zaterdag, want de weersvoorspelling voor die nacht en de zondag was bijzonder suboptimaal: onweer, wind, hagel en regen. En jawel, op zaterdagavond begon het behoorlijk te flitsen in de verte. Ai… Op basis van meerdere eerdereervaringen wist ik hoe hard noodweer kan huishouden in een kampement, dus spande ik alle scheerlijnen nog eens extra aan, instrueerde ik mijn bandgenootjes om alle spullen die niet nat mochten worden in mijn tent te zetten, sloot ik de luifel, pakte ik in mijn slaaptent alle spullen vast zoveel mogelijk in kisten, tassen en koffers in, en legde ik praktische kleding aantrek-klaar voor het geval ik er ‘s nachts snel uit moest.
Gelukkig bleek dat onnodig te zijn geweest, want de onweersbui trok vlak langs in plaats van over het evenemententerrein heen. Maar we waren daardoor wel mooi op tijd voorbereid op de plens regen die desondanks over ons kampement heen viel.
En ook de zaterdag viel reuze mee: pas rond kwart voor 3 (net toen de veldslag ging beginnen… arme soldaten) begon het met regenen. Aangezien ons kampement direct tegenover het horeca-plein was gepositioneerd, konden we de mensen die daar onder de luifels zaten te schuilen, muzikaal vermaken vanuit onze eigen luifel. Wel was er, zoals verwacht, aan het eind van het evenement geen kip meer aanwezig, dus stonden we om half 5, toen we waren ingepland voor een ‘podiumoptreden’ (lees: in een zeer onsfeervolle pvc-partytent, maar iig wel overdekt en dus regenbestendig), voor welgeteld één gezin te spelen. Oh well. In ieder geval was het droog toen we inpakten, dus hoewel ik Richard moest appen om vast plek in de garage te maken voor het ophangen van natte tentdoeken, ben ik erg blij met hoe het afgelopen weekend is gegaan! ^_^
Ik ben een redelijk reguliere Marktplaats.nl-gebruiker, maar toen Richard en ik besloten te gaan samenwonen, moest er natuurlijk ruimte worden gemaakt in huis en werd ik intensief gebruiker van het platform. Daardoor kwam ik in nog veel meer typische Marktplaats-situaties en conversaties terecht dan anders.
Inmiddels zijn de meeste spullen verkocht en is het goed om de balans op te maken. En een blogpost te maken. Want jullie mogen uiteraard meegenieten van mijn belevenissen in de wereld der tweedehandse meukverkoop.
Blijkbaar heeft tegenwoordig iedereen, behalve ik, de Marktplaats-app geïnstalleerd? Want mensen verwachten dat je binnen een minuut op een *pling* van dat ding reageert.
En mensen bedenken zich ook steeds sneller. Of moet ik zeggen: denken in het geheel niet na / lezen niet voordat ze een bod doen of afspraak met je maken?
Deze persoon kostte het toch nog 19 minuten om zich te bedenken:
Maar deze houdt het record:
Eindelijk heb ik ook niet. Ofzo.
Belangrijke tip: overleg éérst met je partner voordat je een deal met iemand sluit…
Als je apparatuur aanbiedt, zul je wel een man zijn.
Mensen die ‘trek’ & trace niet snappen:
Maar goed, bovenstaande valt allemaal best mee. Irritanter zijn de mensen die eerst contact opnemen en daarna domweg niks meer laten horen. Of die je 20x vraagt om te laten weten hoe laat ze precies komen omdat je ook nog andere dingen te doen hebt op een dag dan op hen wachten, waarna je eindelijk een tijdstip krijgt te horen, waarna ze vervolgens alsnog 20 minuten of meer te laat komen.
Maar waar je écht het bloed mee onder mijn nagels vandaan haalt, is flink onderbieden. Op de voet gevolgd door de vraag: “Wat wil je er minimaal voor hebben?” Die vraag wordt onnoemelijk vaak gesteld en hij irriteert me mateloos, want: de vraagprijs staat in de advertentie en bieden werkt niet zo dat ík start met het allerlaagste bod dat ik accepteer, waarna jij die prijs gaat betalen!
En als je dan ook nog eens beide combineert…
En dan heb je nog de veeleisende mensen. Als je iets tweedehands koopt, dan weet je dat het er niet noodzakelijk nog als nieuw uitziet, toch? En als je een gebruikte stofzuiger koopt, verwacht je dan echt dat hij aan de binnenkant nog brandschoon is?? Deze koper blijkbaar wel. En ze was er blijkbaar zo teleurgesteld over dat ze me één ster gaf. :’-)
Maar gelukkig gloort er nog hoop. Want er zijn ook mensen zoals mevrouw Frowijn. Mevrouw Frowijn is beleefd. Mevrouw Frowijn ondertekent ieder bericht met ‘Mevrouw Frowijn’. Ik ben fan van mevrouw Frowijn. Wees als mevrouw Frowijn! <3
Was al het gedoe het het waard? Jawel, want in de afgelopen 4 maanden heb ik een kleine €1.230,- verdiend met de verkoop van mijn spulletjes! Dat is overigens ook inclusief verkopen via Vinted en Facebook. Echt wel een leuk zakcentje om nieuwe spullen van te kopen!
Want ik verkocht natuurlijk niet alleen dingen, ik speur het platform ook regelmatig af op dingetjes om juist in huis te halen. En dan kom je ook vanalles tegen. Met name hilarisch zijn mensen die instrumenten verkopen terwijl ze overduidelijk geen verstand hebben van instrumenten. Lees en huiver.
“Ik heb een blokfluit te koop. Ik heb er geen verstand van, maar je krijgt alleen een foto van het ding in het hoesje te zien zodat je zelf ook niet kunt beoordelen wat voor formaat het is en wat voor boring die heeft. En ik wil er 100 euri voor.”
Maar deze is toch wel de meest briljante. Ik snap heel goed dat niet iedereen weet hoe een Schotse doedelzak er precies uitziet, maar ehm… eh…. :-X
Na de vorige escape-activiteit met de Wonderland Weirdo’s stelde Jeroen voor dat hij de organisatie van de volgende activiteit op zich zou nemen. Tegenover hun huis in Haarlem zit namelijk ‘de Koepel’: een oude gevangenis waar nu bedrijfsruimtes, een bios en horeca in zitten. Én een escape-room!
Helaas bleek dat die maar voor maximaal 4 personen geschikt was, terwijl wij met ons vijven zijn. Maar ze hadden ook een locatie elders: Haarlems verzet. Over het verzet aldaar in de Tweede Wereldoorlog. Niet een thema dat past bij de Wonderland-insteek van ons groepje, maar wel weer bij het doel waarmee ons LARP-groepje oorspronkelijk IC bij elkaar was gekomen. Prima dus! En Jeroen en Bertine wilden ons ook heel graag meenemen naar hun favoriete kaasfondue-restaurant, dus die werd als vervolgactiviteit geboekt.
Fase 1 van het uitje startte gisteren aan het begin van de middag: koffie, thee en zelfgebakken brownies bij Jeroen en Bertine thuis (helaas geen foto van gemaakt ), met een rondleiding door hun verbouwde woning.
Fase 2: de escape-room! Enthousiast stormden we naar binnen, haalden alles overhoop, zetten allerlei dingen op een andere manier weer in elkaar en… stonden na 39 van de 60 minuten alweer buiten.
Misschien zijn we inmiddels iets te ervaren qua escape-rooms doen… We hebben behoorlijk goed samengewerkt en stoven door de puzzels heen!
De kamer was heel sfeervol in thema ingericht en ze hadden het meubilair en aanverwante zaken op een leuke manier gebouwd en ingezet. De puzzels waren voor ons dus wel iets te simpel en ook iets teveel van hetzelfde type. Het grote pluspunt van deze escape-room was dat het allemaal heel mechanisch voelde, in tegenstelling tot de recente kamers die we hadden gedaan, waarbij je duidelijk wist dat iemand in een andere ruimte op een knopje drukte om iets te laten gebeuren zodra je iets goed had gedaan. Deze ruimte had veel meer een direct automatisch gevolg van je eigen handelen, want ik fijner vind.
Tijd voor fase 3, want na de snelle afloop van de escape-room stonden we nog in hyper-modus en besloten we even af te koelen op het bijbehorende terrasje, onder het genot van een bak nacho’s. :-9
Zittend aldaar kreeg Jeroen een mailtje van de kaasfonduelocatie: helaas konden ze onze reservering niet bevestigen. Doei! Euh…? Aangezien we nog in speurmodus stonden, achterhaalden we via hun website en een fysiek bezoekje aan de locatie dat ze waterschade hadden opgelopen en nog geen gasten konden ontvangen. Sneu voor hen, maar ook voor ons – en hadden ze dat niet een paar dagen geleden al kunnen doorgeven?
Nou ja, we vonden snel genoeg een ander tentje voor fase 4 van Haarlems verzet voedsel. Omnom!
Er ontstond een vervolgplan: in Haarlem is ook een eetgelegenheid die alleen toetjes serveert. Daar wilden we de maaltijd wel afsluiten.
Maar helaas wachtte ons ook daar een teleurstelling: ze bleken gesloten.
Niet getreurd, we regelen gelijk een andere fase 5 van onze Haarlemse vreetronde: de ijstent onder de kerk.
Waren we toen voldaan? Uiteraard niet! We eindigden in stijl: alsnog in de Koepel. Waar we een kopje koffie of thee nuttigden, door het luikje naar de andere escape-room loerden en lazen over verzetstrijdster Hannie Schaft, die daar gevangen had gezeten.
Daarna was het echt tijd om op huis aan te gaan, want er paste niet meer in ons buikje. Het was weer gezellig!! We hebben ook nog eens veel gezien en geleerd, want Jeroen en Bertine hebben ons als volleerde tourguides door hun stad geloodst en er vanalles over verteld (en wat een mooi centrum heeft Haarlem!). En tsja, we zullen dan toch nog maar een keer terug moeten komen voor die kaasfondue… ^_^
De planning was wat suboptimaal: vorig weekend naar de Dansstage en dit weekend naar het workshopweekend van Stichting Draailier & Doedelzak. Maar het was er niet minder leuk om!
Ik had wederom gekozen voor de workshop voor (ver)gevorde doedelzakspelers, want dat vind ik het meest interessant én we zouden les gaan krijgen van Toon van Mierlo, wat een van mijn favoriete doedelzakspelers is, plus hij geeft ook nog eens heel prettig les. Richard was ook weer mee en schoof bij dezelfde workshop aan. <3
Optreden van Idun’s Apples tijdens het avondprogramma
Hoewel ik van iemand een vreemde blik kreeg (“Jij gaat toch zelf geen workshop meer volgen? Of kom je dit weekend les geven?”) kan ik echt nog enórm veel leren. De workshop was dan ook zeker nuttig. Onder andere om weer te oefenen met liedjes op gehoor aanleren. Dat gaat mij op zich okee af, maar er zijn soms onderdelen van een melodie die gewoon niet in mijn hoofd willen klikken en dan vind ik het fijn om even op de bladmuziek te kunnen spieken om de structuur van het nummer te begrijpen. (Oh, dat is een opmaat… nou snap ik de telling!) Ditmaal ging het ook over begeleiding bedenken voor een nummer, door met akkoorden te werken. En als ik nou ergens geen verstand van heb als melodie-instrumentspeler is het wel akkoorden, dus dat vond ik super waardevol! Fijn ook om te merken dat ik niet de enige leek in de groep was op dat gebied, want soms voelt dat wel zo.
Hoewel ik een vergevorderde doedelzakspeler ben, zit er een hoop niveauverschil binnen die categorie, want er is geen aanbod op hoger niveau, dus het is min of meer het eindstation als je aan het workshopweekend mee wil doen. Ik denk dat ik ongeveer in het midden van de groep zat. Het is wel een beetje pijnlijk om te horen dat sommige mensen na een paar jaar doedelzak spelen al die status bereiken, terwijl ik voor mijn gevoel niet zo heel had meer vooruitga. Als ik er meer tijd in zou stoppen zou ik zo veel meer kunnen leren! Hopelijk kan ik wat meer aandacht besteden aan muziek als ik na juni met mijn opleiding tot coupeuse ben gestopt.
Wat ook heel nuttig was, was de paneldiscussie waar je tijdens de borrel heen kon. Er waren diverse organisatoren van festivals uitgenodigd om te praten over ‘hoe word je als band geboekt’, oftewel we do’s en don’ts. Super initiatief!
Het panel
Verder is het altijd enorm gezellig om al die bekende gezichten weer te zien! Lekker bijkletsen en in de avond samen balfolken. Al was het contrast qua dansvaardigheden wel een beetje groot na de dansstage van vorig weekend. Ik ben diverse malen onder de voet gedanst of gesandwiched tussen meerdere paren, dus heel veel heb ik niet gedanst. Ook qua sessie hebben we het beschaafd gehouden: met die van vrijdagavond hebben we meegedaan maar op zaterdag besloten we verstandig te zijn en (relatief) op tijd naar bed te gaan.
Presentatie van de samenspelgroep aan het eind van het weekend
Het workshopweekend van volgend jaar staat alvast in de agenda! ^_^
Toevallig zag ik een poos geleden een aankondiging van een cabaretshow van Bas Birker langskomen. Ik kende hem niet, maar de show zou over zijn hoogbegaafdheid gaan en dat vond ik wel interessant. Lekker lachen om mensen met dezelfde afwijkingen als ikzelf, want ik ben wel van de zelfspot. Dus kocht ik kaartjes en sleurde ik Richard gisteravond mee naar een zaaltje in Berlicum.
Het was een vermakelijke avond, maar de show was niet helemaal wat ik ervan verwacht had. Ik had gehoopt op Herman Finkers-achtige humor maar het ging helaas wat meer richting Theo Maassen – dus meer grove grappen ten koste van anderen in plaats van hoog niveau omdenkgrappen.
De doelgroep van zijn show was me ook niet helemaal duidelijk. Doorgaans zit er wat hoger dan gemiddeld opgeleid publiek bij cabaretshows (en veel oud en blank, in dit geval), maar hij sprak ons de ene keer aan alsof wij de dommerds waren (vergeleken met hem) en een andere keer moesten wij ons verheven voelen boven andere domme (dommere) mensen die in zijn show voorkwamen. Een beetje verwarrend.
Wat hij wel heel goed deed, was inspelen op het publiek en zo toevoegingen aan zijn grappen improviseren. Hij had er overduidelijk ook zelf heel veel lol in om op het podium te staan.
Dus ook al zou ik niet nog een keer naar zijn shows gaan, we hebben ons wel geamuseerd. 🙂
Ik had het nodig om een weekend er tussenuit te gaan. Even niet denken aan mijn to-do lijst, maar mezelf lekker een paar dagen onderdompelen in dansjes en muziek, tijdens de Dansstage op de campus van Universiteit Twente.
Langslopende studenten: “Mogen we wat vragen? We zien allemaal mensen in kleurrijke broeken enzo rondlopen… is er iets bijzonders te doen vandaag?”
Hoewel ik er altijd in mijn eentje heen ga, tref ik er vele bekenden en ontmoet ik ook altijd weer nieuwe mensen. Als ik aan een tafel zit komt er iemand bij zitten, als ik in de rij voor de lunch sta vraagt er iemand of ik mee buiten ga zitten, en zelf ben ik ook niet bang om aan te schuiven aan een tafel met wildvreemden. Want balfolkies zijn lief en gezellig en laagdrempelig!
Nou ja, meestal dan. Onderweg naar een van de workshops hoorde ik een groepje zeggen dat er best een kliekje was binnen balfolk en dat het lastig was ertussen te komen. Ik mengde me in de conversatie en antwoordde dat ik het jammer vond dat ze dat zo ervaarden. Er volgde een gesprek en even later vroegen ze aan mij of ik docent of ook deelnemer was? Ik zei dat ik gewoon deelnemer was. “Oh, ja maar jij bent wel muzikant, dus…” *gebaar van afstand*” Uh okee… blijkbaar kijken mensen naar je op als je in een band zit. Ik heb ze verteld dat ik heel laagdrempelig ben en dat ze me gewoon moesten aanspreken, en gelukkig kwam één van hen daadwerkelijk tijdens het bal naar me toe om me ten dans te vragen.
Dat ‘opkijken naar’ was wel een beetje een thema voor mij tijdens de Dansstage. Tijdens één van de workshops kreeg ik behoorlijk wat veren in mijn reet van de docent, waardoor mijn mede-dansers ook een hoge pet van mij op hadden (en ik spontaan nieuwe vrienden erbij kreeg). En blijkbaar vond een van de andere docenten (waar ik dit jaar geen les van had, maar wel tijdens diverse eerdere Dansstages workshops bij had gevolgd) mij ook een goede danser, want tijdens het laatste bal van het weekend vroeg hij of ik een tovercirkel met hem wilde dansen, wat helaas een mixer was (waardoor je steeds van partner wisselt), maar hij wilde in ieder geval één keer even met me gedanst hebben omdat het nog niet eerder gelukt was. Terwijl ik uiteraard weer naar hem opkijk als dansdocent zijnde.
Met een mede-muzikant had ik ook nog een fijn gesprek over sessie spelen en begeleiden met akkoorden, waarin we allebei toegaven dat stiekem best eng en moeilijk te vinden / hebben gevonden. Het was prettig om te horen dat andere muzikanten dat ook zo ervaarden. Dus nu hebben we afgesproken om te gaan werken aan gezamenlijk repertoire om een stok achter de deur te hebben om beter te worden op dat instrument, en een blokfluitsessie te gaan starten.
Want ik had mijn blokfluit wel meegenomen voor de zekerheid, maar uiteindelijk niet gebruikt. Het is traditie dat de mensen die in de blokhutten overnachten, ‘s ochtends gewekt worden door iemand die muziek komt maken. Dit jaar hadden ze niemand daarvoor en postten ze een oproepje op Facebook. Ik werd daarin door iemand getagged, maar ik weet dat het me echt niet in dank gaat worden afgenomen als ik mensen ‘s ochtends wakker maak met een doedelzak Op mijn blokfluit kan ik nog niet zoveel nummers spelen, maar ik had hem toch maar meegenomen. En jawel, tijdens het weekend werd ik ook nog eens aangesproken door iemand van de organisatie omdat ze voor de zondag nog steeds niemand hadden. Ik had even wat uitgeprobeerd maar kon geen geschikt liedje met thema ‘wakker worden’ / ‘ochtend’ vinden dat subtiel genoeg klonk en dat ik goed genoeg op de blokfluit kon spelen, dus ik was blij dat ze uiteindelijk een harpiste bereid hadden gevonden dat te doen – die deed het een stuk beter dan ik had kunnen doen. Misschien voor volgend jaar maar iets thuis voorbereiden. Weer een stok achter de deur om beter te worden op dat ding!
Taal was ook een thema dit weekend. Er zijn veel buitenlandse bezoekers, dus de communicatie is meestal in het Engels in plaats van het Nederlands. En de workshops zijn in het Engels, tenzij alle aanwezigen voldoende Nederlands verstaan. Tenzij de docent niet goed Engels spreekt. Dus hadden we een Franse docent die een Nederlandse vertaler als assistent had die de boel naar het Engels moest vertalen. En hadden we een docente uit België die zowel Vlaams als Frans als Duits als Engels sprak, maar daar niet noodzakelijk een keuze in maakte, waardoor de workshop werd gegeven via zinnen samengesteld met woorden uit meerdere talen, die bijzonder genoeg prima te volgen waren!
En als ik een onbekende aansprak deed ik dat initieel in het Engels. Waarna vaak duidelijk werd dat we allebei Nederlands konden spreken. En ik één keer zelfs dialect. “Want jij speelt in Androneda, toch?” Oh ja, zo weten mensen dat ik Limburgs plat kan praten zingen.
Zoals ieder jaar kwam ik bek-af van het slaapgebrek en met zwaar vermoeide voeten en kuiten thuis, maar ditmaal zat er een Richard op me te wachten, die frietjes voor me haalde en bereid was mijn arme beentjes te masseren. Dus ook nog een heerlijke afsluiting van het weekend! <3 <3 <3
De afgelopen dagen waren perfect om samen klusjes buitenshuis af te tikken, zodat ons huis nóg meer van ons tweetjes wordt!
Nadat Richard was ingetrokken en onze inboedels waren gecombineerd, hadden we nogal veel hout in de garage liggen, wat in de weg lag. Tijdens oud & nieuw fikten we al flink wat stukken op, maar niet alles. Bovendien waren sommige stukken hout eigenlijk te mooi om op te stoken, maar anderzijds ook niet de meest handige stukken om te bewaren voor een project. Daarnaast hadden we ook best wat ‘officieel’ brandhout in de schuur liggen voor bv. een bbq of kampvuurtje en die schuur lag eigenlijk ook overvol. Hmmm… Wat nou als we een deel van het resthout gebruikten om buiten een houtopslag te maken? Win-win!
En zo geschiedde. Richard timmerde de basis in elkaar en ik voorzag het geheel van een likje beits en een laagje dakleer (beide hadden we ook nog liggen). Tadaa! Knus hè? En een goede voorbereiding op de houtkachel die we overwegen in de huiskamer te laten plaatsen.
Alleen al de stellage zelf bestaat uit 5 verschillende soorten hout 😋
Een tijdje geleden had ik mooie metalen huisnummers gescoord en die moesten ook nog opgehangen worden. Toen ik bekeek wat een geschikte plek op de muur daarvoor was, realiseerde ik me dat Richard ook nog op het naambordje erbij moest. Dus lapte Richard een mooi reststukje eikenhout op om de cijfers op te schroeven en schuurde ik het metalen naambordje op en voorzag het van nieuwe verf:
(Het begin van ons huisnummer heb ik even verwijderd, anders wordt het waarschijnlijk té makkelijk voor inbrekers 😉)
Richard maakte daarnaast, van overgebleven hout van de tuinoverkapping, een verhoging voor de regenton, zodat er makkelijker een gieter onder past. Helaas kregen we de ton nog niet aangesloten op de regenpijp omdat de aansluiting van de slang van de vulautomaat niet gemaakt bleek voor zo’n dikke wand, dus dat is een project voor later deze week.
Maar yay, wat is ons huis weer een stukje functioneler en knusser geworden! ☺️
We hadden weer eens een crisis op het werk. Want er moet bezuinigd worden. En in al hun wijsheid hadden collega’s van de facilitaire afdeling besloten om te bezuinigen op de koffie-automaten.
Het initiële nieuwsbericht over de nieuwe leverancier, dat vorig jaar augustus universiteitsbreed verspreid werd, leverde geen reuring op. Het was vooral geformuleerd als een jubelbericht over betere kwaliteit koffie voor minder geld (studenten moeten voor hun koffie betalen, medewerkers na bliepen met hun medewerkerspas niet – voorheen waren er andere automaten voor medewerkers dan voor studenten). Enkel aan het eind van het bericht stonden de zinnetjes ” Automaten die weinig werden gebruikt zijn niet vervangen. De nieuwe machines staan voortaan op centrale, goed bereikbare plekken en de koffie is altijd dichtbij.” Wij maakten ons dus geen zorgen.
Maar op een kwade dag bleek de koffie-automaat in de pantry van onze verdieping ineens verdwenen! We stuurden ons secretariaat op speurtocht en vernamen dat de automaat op onze verdieping viel in de categorie ‘weinig gebruikt’. Het was de bedoeling dat we vanaf nu op een andere verdieping onze koffie en thee gingen halen. Wut??
Het is zo dat op onze verdieping minder medewerkers werken dan op andere verdiepingen, omdat een deel van de verdieping opslagruimte is. Bovendien liepen sommige collega’s af en toe naar een andere automaat in het pand omdat de kwaliteit van die koffie beter was (als ik ergens niet tegen kan is dat Belangrijke Mensen in de organisatie betere kwaliteit dingen krijgen… maar dat is een andere discussie). Maar toch. Niet iedereen wil naar een andere verdieping lopen om koffie te kunnen krijgen! Bovendien hangt het hebben van een koffie-automaat samen met het geleverd krijgen van theezakjes, dus hoewel wij (blijkbaar illegaal) een waterkoker in de pantry hebben staan omdat heet water uit een koffie-automaat niet te zuipen is, konden we ineens ook geen thee meer zetten. En dan hebben we ook nog eens een blinde medewerker, die steeds zijn blindegeleidehond in moet zetten als hij wat te drinken wil. Voor hem hadden we voelbare stickers op de automaat geplakt zodat hij wist waar hij moest duwen voor zijn bakkie. De arme man moest vanaf nu dus ineens met zijn hond een trap af en naar de hele andere vleugel van het gebouw lopen om wat te drinken te krijgen, uit een automaat zonder hulpmiddelen.
Ter illustratie: de route van onze werkplek naar de dichtstbijzijnde koffie-automaat.
Maar daar hadden de facilitaire collega’s natuurlijk niet over nagedacht. Die kijken blijkbaar alleen naar cijfertjes, niet naar mensen. Zelf vonden ze trouwens van wel. We moesten juist dankbaar zijn voor deze ontwikkeling, want nu werden er veel meer ‘ontmoetingsmomenten’ met collega’s van andere afdelingen gecreëerd. Zó goed voor de samenwerking! Right…
Waar ze ook niet over na hadden gedacht, is dat wij met studentmedewerkers werken, die fysiek op onze verdieping zitten. Alleen hebben studentmdewerkers geen medewerkerspas, dus kunnen ze de automaat op de andere verdieping niet bereiken (want de pas dient ook als toegangspas tot bepaalde vleugels van het gebouw, dat beveiligd is omdat er o.a. het college van bestuur (en dus voorheen ook die betere koffie) gehuisvest is). En als ze daar al kunnen komen, kunnen ze nog steeds geen gratis koffie uit de automaat halen. De oplossing van de facilitaire afdeling toen we vroegen hoe dat dan moest? “Dan kan iemand diens pasje toch even uitlenen?” Euh… ik vermoed dat een andere afdeling binnen de universiteit daar ook nog wel een mening over heeft…
Rebellie werd geactiveerd. Er werden plannen gesmeed voor het overvallen van een cateringmedewerker voor het verkrijgen van theezakjes. Er werd gesproken over het maken van een schema voor theezakjesjatdienst (van de automaat van genoemd college van bestuur – je moet immers zorgen dat een issue hoog in de boom wordt gevoeld als je wil dat het opgelost wordt!).
Na enige tijd had de facilitaire afdeling wat langer nagedacht over onze issues. In september meldden ze dat er afdelingspassen speciaal voor studentmedewerkers zouden komen, want bij nader inzien waren ze het wel met ons eens dat het uitlenen van toegangspassen niet zo’n goed idee was. Voor de blinde medewerker zouden ze nog met een oplossing komen.
Eind oktober vroeg ik maar eens hoopvol naar de status, want onze blinde medewerker had eerder te horen gekregen dat er wegens hem een resterend apparaat zou worden teruggeplaatst (ik heb geen morele bezwaren tegen het inzetten van mijn mindervalide collega’s voor eigen gewin). Maar nee, er was toch besloten dat er geen automaat terug zou komen. Onze blinde medewerker kon vanaf nu de catering laten komen als hij behoefte had aan koffie.
Ja, je leest het goed. Hij moest iedere keer als hij dorst had, de catering gaan bellen en wachten totdat die helemaal naar ons pand kwam om alleen voor hem koffie te brengen. Terwijl wij, wegens de bezuinigingen, zelfs geen koffie en thee meer mogen bestellen voor onze interne vergaderingen en trainingen. (Dat laatste is ook een leuke: ik moet tegenwoordig dus de medewerkers van andere faculteiten, die bij mij een training komen volgen, voorafgaand en in de pauze van de training met mijn pasje begeleiden naar een andere verdieping als ze koffie willen halen.) Ik denk dat jullie wel begrijpen dat wij ook daar een mening over hadden.
En oh, waarschijnlijk moest onze waterkoker ook weg, vertelden ze erbij:
[…] dat [mag] helaas niet, met name vanuit veiligheids- en Arbo-oogpunt. Apparaten die warmte genereren (zoals koffiezetapparaten en waterkokers) mogen alleen gebruikt worden op aangewezen plekken met de juiste voorzieningen en controle, om brandgevaar en storingen te voorkomen. De waterkokers die nu in het pand staan vormen eigenlijk al een risico en zullen op termijn ook weggehaald moeten worden.
Er brak bijna een opstand uit. En paniek, want blijkbaar waren we de afgelopen jaren in Groot Gevaar geweest! Ik googlede vast naar hooivorken en een collega zocht naar een geheime plek om onze waterkoker te verbergen op het moment dat de Waterkokergestapo langs zou komen.
Maar onze onvrede had blijkbaar toch een intimiderende werking gehad op de facilitaire collega’s, want in november volgde uiteindelijk het verlossende bericht dat er ‘in het eerste kwartaal’ een automaat terug zou komen! Begin 2026 zou er namelijk een ander pand leeggeruimd worden (vanwege bezuinigingen, what else) en de automaat die daar stond, zou dan naar ons gebouw komen. Nog even een paar maandjes doorbikkelen dus, maar er hing een wortel voor onze neus. En onze waterkoker mocht blijven staan. “Eind goed, al goed”, meldde ons secretariaat naïef.
Volgens mij heeft geen enkel ander Teamsbericht ooit zoveel smilies gegenereerd als deze XP
Aangezien de gemoederen tot bedaren waren gebracht, beperkten we de rebellie tot het zelf aanschaffen van een Senseo-apparaat, zodat onze blinde medewerker in ieder geval in de overbruggingsperiode op een menselijke manier (nou ja, het blijft Senseo) aan zijn bakkie pleur kon komen. En het secretariaat zou supermarktbezoekjes plegen om voor theezakjes op onze afdeling te zorgen.
In de tussentijd hielden we ons bezig met advies geven over verdere optimalisatie van de koffie-klantreis. Zoals het verzoek van een collega of er ook een knop kon komen voor een dubbele portie, want het achter elkaar moeten tanken van meerdere Haagse bakjes om onze mokken te vullen (met dus steeds opnieuw moeten aanmelden via je medewerkerspas) zorgde voor onnodige opstoppingen in de pantries. De reacties erop waren zoals te verwachten was.
Maar goed. Op 12 maart werd dan eindelijk De Komst van De Vervangende Koffie-automaat aangekondigd!! Vol spanning hielden we onze blikken op de pantry.
Maar die middag stond er nog steeds geen apparaat. Ons secretariaat waagde er een telefoontje aan. Het antwoord: “Ja, het is nog geen 5 uur, je weet niet wat er vandaag nog allemaal gaat gebeuren.” Nou, aan het eind van de dag wisten we zeker dat er niks gebeurde.
Op 17 maart werd gemeld dat hij ‘hopelijk vandaag’ zou komen. We hoopten tevergeefs.
Op 25 maart werd ons medegedeeld dat hij op 30 maart zou worden geplaatst. Niet verrassend werd er met enige scepsis op het bericht gereageerd. En niet voor niets, want ook die dag… gebeurde er niets.
In de tussentijd waren er wel andere ontwikkelingen. Op 26 maart bereikte ons het bericht dat er Qookers in de pantries zouden worden geplaatst. Hoera, want gezien de frequentie waarmee onze waterkoker wordt gebruikt, hadden we daar al jaren geleden om gevraagd. Een Qooker is in ons geval namelijk duurzamer dan een waterkoker en bovendien scheelt het steeds wachten totdat het water kookt. Maar ik juichte te vroeg, want vervolgens las ik dat ze op de 1e en 2e verdieping zouden worden geplaatst.
Dus… niet bij ons op de 3e verdieping, vroeg ik?
Nee, niet bij ons. Want wij zouden immers op de 30e een koffie-automaat gaan krijgen. En die geeft ook heet water, daar betaalden ze Douwe Egberts voor.
Maar… op de andere verdiepingen hebben ze toch ook koffie-automaten? Bovendien: ik ken niemand die heet water uit een koffie-automaat gebruikt om thee mee te zetten, want: ranzig.
Ja, maar het ging om de pantries in de vleugels van het gebouw waar de koffie-automaat niet staat (er staat één automaat per verdieping en iedere verdieping heeft 2 pantries). De medewerkers in die vleugel moeten nu namelijk helemaal naar de andere vleugel lopen om hun koffie te halen, en op deze manier wilden ze hen een beetje tegemoet komen, was het antwoord.
Ik ontplofte bijna. Maar wist op een nette manier te formuleren dat die redenatie enigszins naar overkwam, aangezien ze van ons hadden verwacht dat we niet alleen helemaal naar een andere vleugel, maar óók nog eens naar een andere verdieping gingen lopen voor koffie.
Dat begreep de collega. Maar die automaat zou er toch alsnog gaan komen? Uit kostenoverweging hadden ze nu eenmaal besloten om in de pantries waar wel een automaat stond, niet ook nog een Qooker te plaatsen.
Daar konden we het mee doen.
Maar hee, vooralsnog werd onze illegale, levensgevaarlijke waterkoker gedoogd, dus count your blessings ofzo?
Op 31 maart kwam er een nieuw bericht, dat de automaat de dag erna zou komen. Maar ja, die datum van plaatsing was niet optimaal gekozen…
We wachtten die dag desondanks wederom in spanning af. Er leek wéér niets te gebeuren. Maar! Het bleek toch geen 1-aprilgrap te zijn, want een half uur voor het eind van de werkdag werd hij dan daadwerkelijk geplaatst! Hoezee!! Gelukkig hadden we slingers liggen om de volgende ochtend onze blijdschap te demonstreren.
Wel een beetje jammer dat onze blinde medewerker deze automaat niet bleek te kunnen gebruiken vanwege het touchscreen, de hoeveelheid opties en de noodzaak tot swipen.
Niet veel later die dag:
R.I.P. koffie-automaat. Het waren drie fantastische uren.
Ik wilde mijn outfit voor komend festivalseizoen wat pimpen, dus naaide ik eerder dit jaar een sluier met ruches. Maar ik had ook al een hele tijd mijn oog op een nieuwe riem. Ik heb weliswaar al een leren riem, maar die is historisch gezien wat aan de lange kant en inkorten vond ik toch wel zonde. Ik maakte al eens een kaartgeweven riem, maar die past ten eerste qua kleur niet zo optimaal bij mijn muzikantenoutfit en ten tweede is hij niet zo geschikt om zware tasjes met mobieltjes aan te hangen.
Erg mooi en gracieus vind ik de damesriemen met twee eindstukken waartussen een ketting hangt (blijkbaar ‘demysent’ of ‘demicient’ genaamd), zoals deze:
Ze komen in verschillende varianten voor: (kaart)geweven, van metaal en van leer. Al dan niet met metalen decoraties of stempels, in de vorm van objecten of teksten. Leer leek me het meest geschikt gezien de stevigheid en verkrijgbaarheid.
De meeste afbeeldingen die ik kon vinden zijn uit 1400-1500, terwijl de outfit van mijn personage gebaseerd is op 1350, maar onderstaande beeld dateert van 1390 dus ze hadden ze vast ook al iets eerder:
Sommige hebben ook speciale houdertjes voor een buidel:
Dit soort riemen zie je dus regelmatig op afbeeldingen, maar nauwelijks langskomen tijdens re-enactmentevenementen. En ik snap inmiddels waarom, want ik kon nergens winkels of kraampjes vinden die ze verkochten. Wel vond ik een (buitenlandse) webshop die de metalen eindstukken, tussenketting en een buidelhanger online verkocht. Dus die bestelde ik en vervolgens ging ik op zoek naar iemand die de riem voor me in elkaar kon zetten.
Toegegeven, dat in elkaar zetten had ik ook zelf kunnen doen als ik dat echt heel graag had gewild, want een recht stuk leer snijden is niet het allemoeilijkste wat er is en het bevestigen van die metalen elementen is een kwestie van de punten aan de achterzijde door de riem steken en dan omhameren. Maar toch. Je moet wel een geschikt stuk tuigleer hebben liggen en om nou een hele lap ervan te kopen alleen voor een strook eruit is best duur. Vervolgens moet je het ook nog verven in de juiste kleur. Zou ik ook weer speciale leerverf voor moeten kopen. En ik wilde er mooie stempels op. Waar ik ook wel een paar van heb liggen, maar misschien had iemand anders nog mooiere? Anyway, heel on-Lenny-ig besteedde ik dit uit, beseffend dat het zelf doen waarschijnlijk duurder ging zijn dan uitbesteden en ik vast ook een veel mooier resultaat zou krijgen als ik het door iemand met ervaring liet doen.
En dat was zeker het geval! Het duurde even voordat ik iemand had gevonden die het kon en wilde doen én ook nog eens reageerde op mijn berichtjes, maar uiteindelijk namen Peter en Ernst de Boer de taak op zich. Niet zomaar, uiteraard. Want zij zijn Serieuze Re-enacters en dit model riem was destijds behoorlijk kostbaar, dus wat was mijn reden om die te gaan dragen? “Because pretty” was geen geaccepteerd antwoord. Dus voegde ik een stukje toe aan de achtergrond van mijn muzikantenpersonage (ja, dat heb ik echt wel) over hoe ze op een bepaald feest voor de adel deze riem heeft ontvangen als loon, en dat ze deze nu draagt als zowel een spaarpotje voor moeilijker tijden als om te laten zien dat ze goed genoeg is om voor de hogere kringen te musiceren.
Na wat heen en weer ge-app over stempels en andere opties, kwam Ernst met de suggestie om er metalen bloemdecoraties op te doen in plaats van stempels. Nog een slag duurder, maar hij had exemplaren die heel goed matchten met het door mij aangeleverde riembeslag. Oeehhhhh…. die waren inderdaad te mooi om niet te accepteren! En dus is dit het resultaat geworden:
<3 <3 <3
Ik kan niet wachten om bij ons eerstvolgende optreden mijn geupgrade outfit aan te trekken! ^_^