Vandaag hadden we met De Soete Inval een ééndags-evenementje. Daar hebben we dit jaar opvallend veel van, vergeleken met de weekend-evenementen. We speelden in Ommen, ter gelegenheid van het feit dat ze 775 jaar geleden stadsrechten kregen.
Normaal gesproken spelen we op wisselende plaatsen in een middeleeuws kampement, maar nu was het kampement op een plek buiten het centrum en waren wij met diverse andere artiesten op vaste momenten en vaste locaties in het centrum ingepland.
Toen ik op de parkeerplaats uit de auto stapte, werd ik al aangesproken door bezoekers: “Wat zie je er leuk uit! En wat een mooi mesje hangt daar aan je riem. Oh, je speelt in een muziekgroepje? We komen eigenlijk voor Datura, maar misschien zijn jullie ook wel leuk.” XD
We hoefden maar 4x een half uur te spelen. Tussendoor konden we lekker bijkomen in een cafézaal die als centrale ontmoetingsplek diende voor de crew en deelnemers. Yay, schaduw en limonade! Bovendien zijn we door de crew volgestopt met broodjes, chips, bouillon en ijsjes. Wij klagen niet! 😁 Het voelde zo wel alsof we ons er gemakkelijk vanaf maakten, want normaal gesproken spelen we veel vaker en langer op een dag. Maar het was maar goed ook, want eigenlijk was het veel te heet om meer te spelen op schaduwloze plekken.
Heel erg druk was het niet. Ik weet niet of dat lag aan beperkte promotie of dat mensen het gewoon te warm vonden om te komen. Wellicht een combinatie van beide. We zijn wel door diverse media geïnterviewd, dus we zijn live op de lokale radio geweest en komen waarschijnlijk ook in krant De Stentor. Een wederom zijn we herhaaldelijk gevraagd door bezoekers om Schotse liedjes als verzoeknummers te spelen. Zucht, misschien moeten we een bordje neerzetten: nee, dit zijn géén Schotse doedelzakken! 🤪
Nu zit ik dus alweer thuis op de bank, met pizza achter de kiezen en morgen tijd voor iets anders!
Alweer een post over een optreden met De Soete Inval? Jawel, maar na het derde weekend op een rij ben ik er ook wel weer even klaar mee hoor.
Niet dat het Belgische Quondam niet leuk was – in tegendeel! Op zaterdag leek het publiek weliswaar wat tammer, maar op zondag was het enthousiasme duidelijk terug. Waarschijnlijk trok de zaterdag echt ander volk, omdat die dag het evenement ook ‘s avonds toegankelijk was (en de toegangskaartjes daardoor duurder). Op zaterdag werd er slechts €4,35 in ons bakje gedoneerd (een groot contrast met de dik 80 euro op de zaterdag van vorig weekend in Duitsland), maar er werden wel weer enorm veel visitekaartjes uit gepakt. Dermate veel dat we er nu nog maar een stuk of 5 over hebben en snel nieuwe moeten laten drukken! Hopelijk resulteert het ook in nieuwe boekingen.
Het ging natuurlijk ook weer allemaal op z’n Vlaams. Gelukkig was ik er vorig jaar al geweest, dus inmiddels wist ik waar ik me bij aankomst moest melden. Dat stond namelijk nergens aangegeven, net zo min als waar de toiletten waren: de bewegwijzering daarvoor zag je pas als je al wist waar je moest zijn. En dan was er nog het vage programma van zaterdagavond. We zijn gewend dat we overdag gewoon zelf bepalen hoe laat en waar we spelen en dat afstemmen met eventuele andere aanwezige muzikanten, zodat je elkaar niet voor de voeten loopt. Maar avondprogramma’s zijn doorgaans meer gepland. In dit geval was ons niet verteld of het ook de bedoeling was dat we ‘s avonds speelden (wat ons betreft liever niet, want een werkdag van 11 uur ‘s ochtends tot 11 uur ‘s avonds is nogal intensief, zeker als je de volgende dag weer moet…). In de generieke briefing stond dat handelaars en ‘verzorgers van activiteiten’ zelf moesten inschatten of en hoe laat ze iets bleven aanbieden, maar vielen wij onder die laatste categorie? Waarschijnlijk niet. In het avondprogramma stond dat er om 21.00 uur ‘diverse optredens’ waren, maar ging dat dan om muziek en zo ja, betrof dat dan ons of alleen de extra entertainers die ze alleen voor de avond hadden geboekt? Niemand wist het, ook de mede-muzikanten die we troffen niet. Iedereen deed dus uiteindelijk maar wat.
Want er waren dus veel andere (Nederlandse) muzikanten en entertainers, waaronder een hoop bekenden van mij. Dat was natuurlijk superleuk! Samen spelen is er dit jaar helaas niet van gekomen, maar even bijkletsen gelukkig wel. Ook hebben we nieuwe contacten gelegd. Toen we op zoek waren naar een plekje bij de ingang om te gaan staan spelen, zodat we binnenkomend bezoek gelijk muzikaal konden verwelkomen, vroegen we aan een re-enactmentgroep of we in de inham voor hun tent mochten staan. Niet iedereen kan dat namelijk waarderen. Maar dat was gelukkig geen probleem. In tegendeel: binnen no-time waren ze onze grootste fans! Er werd na bijna ieder nummer enthousiast geapplaudiseerd, er werd ‘encore!’ geroepen, een van de leden kwam even zijn nieuwe hoorn laten horen, en we werden uitgenodigd om wat te komen drinken en om vooral later in het weekend nog een keer terug te komen. Echt superleuk, zo’n reactie! <3
Ondanks de diverse positieve reacties, is er helaas ook nog een hoop te verbeteren. We krijgen wel vaker de feedback dat de presentatie beter mag, en dit weekend ook weer. Ik ben me er terdege van bewust dat het grootste gedeelte van onze groep er nogal statisch bij staat tijdens het spelen en dat is natuurlijk niet zo aansprekend. Een paar evenementen geleden ben ik al begonnen met het stimuleren van mijn bandleden om vooral meer te bewegen en contact te maken met het publiek, maar ja, dat ligt niet iedereen en het gaat dus lang niet altijd van nature; daar moet actief aan gewerkt worden. Momenteel probeer ik dus maar de strategie van herhaling en ‘leading by example’.
Dat bewust een performance neerzetten werkt, werd bewezen door een bezoeker die mij zondag aanklampte om te vertellen dat hij ons zó leuk had gevonden! Mooie liedjes, maar vooral: dat hij kon zien dat ik er zélf zo overduidelijk lol in had! Quod erat demonstrandum…
Oh, en er is ook nog een fluit aan mijn strijkstok bourdonpijp blijven hangen. Er was een standje met muziekinstrumenten, waar ik al vaker verlekkerd naar had staan kijken, en ze hadden een Indiase fluit in G die, als ik er het stickertje vanaf sloop en de synthetische koordjes vervang door koord van natuurlijk materiaal, prima door kan gaan voor een middeleeuwse fluit! Nu alleen nog ‘even’ erop leren spelen, want de gaten zijn behoorlijk groot en zitten flink ver uit elkaar, en uiteraard is de vingerzetting wéér anders dan die van mijn doedelzak en blokfluit… *zucht*
Dit weekend speelde ik voor de derde keer met De Soete Inval tijdens ‘Sturm auf Zons’, een middeleeuws evenement in Duitsland.
Ik vind het altijd een erg mooi evenement, want Zons heeft nog een heel oud centrumpje met bewaard gebleven burcht en muren. De meeste reënactmentgroepen (grotendeels soldaten, die meedoen met het uitbeelden van de bestorming van die burcht) worden op een nabijgelegen weiland ondergebracht, maar wij mogen ons kampement opslaan binnen de muren, bij de kraampjes van de handelaars. Dat heeft als voordeel dat we niet zo ver hoeven te lopen en ook dat we niet door een drassige bodem hoeven te ploeteren.
Het had daar afgelopen week namelijk behoorlijk geregend, maar gelukkig hebben we het tijdens het weekend bijna droog gehouden. Op zaterdag waren er twee flinke buien (eentje precies tijdens de ‘sturm’… dus vele harnassen hebben opgepoetst moeten worden) maar die hielden snel weer op en de rest van het weekend was het heerlijk zonnig – zelfs af en toe behoorlijk heet!
Uitzicht vanuit ons kampement
We hebben enorm veel positieve reacties gehad op ons optreden! De dame van de organisatie was lyrisch, het publiek supervriendelijk en enthousiast. Handelaars vroegen ons actief om vooral naast hun stand te komen spelen, mensen bleven in grote drommen staan om te luisteren, zowel kinderen als volwassenen dansten regelmatig mee, en we hebben een recordbedrag aan donaties in ons visitekaartjesbakje mogen ontvangen. Waren we vorig weekend in Cannenburch nog blij verrast door iemand die een briefje van 5 euro in ons bakje achterliet, dit weekend hadden we er eentje van 10 én zelfs eentje van 20!
Die laatste was wel een beetje een bijzonder verhaal. We waren net klaar met het spelen van een setje en begonnen onze instrumenten in te pakken om wat verderop op het terrein te gaan spelen, toen er een man naar mij toe kwam.
“Weet je hoe je die zak opblaast?” vroeg hij aan me, wijzend naar mijn doedelzak.
Euh… wat was dat nou voor vraag?
“Nee, geen idee”, grapte ik maar. “Ik hou ‘m alleen maar vast.”
“Kunnen jullie ook ‘Danny boy’ spelen?” ging hij verder.
Ik vertelde hem dat wij regionale doedelzakken bespelen en dus ook vooral lokale folkliedjes in plaats van Schotse en Ierse. Welke dan, wilde hij weten?
Helaas hadden we de instrumenten die we gebruiken voor zangliedjes op dat moment niet bij ons, dus speelden we voor hem maar een simpel wijsje waarbij we wat zongen tussen het doedelzak spelen door. De man luisterde ernaar met gekruiste armen en een chagrijnig gezicht.
Nadat we uitgespeeld waren, pakte hij zijn portemonnee, bladerde wat door de briefjes, en trok er een briefje van €20 uit dat hij aan me overhandigde. Ik bedankte hem verbaasd en hij liep weer weg.
Okee…
(Volgens mijn bandgenootje was het een zeer onhandige flirtpoging, maar ik vond het vooral weird. )
foto door Peter Ripberger
Hoewel het dus erg leuk was, was het ook een behoorlijk intensief weekend. Normaal gesproken bouwen we op vrijdag op en spelen we alleen op zaterdag en zondag overdag. Dit evenement heeft op vrijdagavond echter een ‘taveerne-avond’ voor de lokale bewoners, en ze vinden het altijd fijn als we daar ook al muziek maken. Dus moesten we zorgen dat we op tijd arriveerden, dat het kampement al om 6 uur ‘s avonds toonbaar was voor bezoekers, en die hele avond tot een uur of 10 spelen. Gelukkig konden we de volgende ochtend rustig aan doen, want ter compensatie begon het evenement later dan gebruikelijk en hoefden we op zaterdag ‘slechts’ van 12 tot 8 te spelen en op zondag van 11 tot 6.
Flip was er ditmaal niet bij en hij leidt doorgaans ons groepje muzikaal. Nu werd ik gebombardeerd tot aangever van de start-, overgangs- en stopmomenten, dus het kostte ook meer energie dan normaal om te proberen iedereen in het gareel te houden (en mijn bandgenootjes waren natuurlijk ook nog niet gewend aan de manier waarop ik dingen aangeef, dus dat vereiste wat extra afstemming).
En dan was er nog de optocht, die dagelijks werd gehouden. Ook enorm leuk om te doen, want de hele stoet soldaten marcheert dan vanaf hun kampement een rondje door het dorp heen en wij mogen vooraan de boel muzikaal opleuken. Vooral het onder de oude stenen poortjes doorlopen is bijzonder, want de soldaten hebben ontdekt dat dat lekker galmt, dus op die momenten weerkaatsten er niet alleen de klanken van drie doedelzakken en twee grote trommers tegen de muren, maar brulden de soldaten ook nog eens luidruchtig orders naar elkaar, wat leidde tot een oorverdovend resultaat!
Ook dat optocht lopen kost extra energie, want je moet de juiste noten blijven spelen terwijl je ook een beetje leuk kijkt richting publiek, je moet goed opletten dat je niet struikelt in je enkellange kledij (zeker als je de traptreden naar het pleintje op moet lopen zonder vrije handen om de boel op te tillen), je moet voldoende afstand houden van de groep voor je maar ook weer niet te veel, en ik moest ook nog eens goed timen op welke momenten ik aangaf dat we gingen wisselen van nummer (Hoe lang spelen we dit melodietje al achter elkaar? Waar staat het minste publiek? En gaan we daar zijn op het moment dat we aan het einde van ons nummer zijn?).
Dus nu ben ik best wel moe.
Tijd om uit te rusten is er helaas nauwelijks, want deze week moet ik overdag gewoon werken, maandagavond heb ik bandrepetitie, dinsdagavond ga ik naar een concert en woensdagavond is mijn moeder jarig. Dus donderdag wordt crash-dag. En daarna pak ik de hele boel weer in (voor zover ik die überhaupt heb uitgepakt – een groot deel staat nog gewoon in de gang), want vrijdag vertrekken we naar België om daar een heel weekend te spelen!
Ik zou vandaag eindelijk weer een dagje vrij hebben. Ik had me voorgenomen om lekker te gaan naaien – mijn 17e eeuwse jack moest nog steeds worden ingenomen. Maar de plannen veranderden.
Dit weekend zouden we met De Soete Inval namelijk optreden bij kasteel Cannenburch. Het was een lastig weekend qua planning voor mij, want mijn zusje was jarig en het was niet duidelijk op welke dag ze haar verjaardag zou vieren: de vrijdag of de zondag. Ik hield ze dus voor de zekerheid maar beide vrij, en gaf door aan mijn bandgenootjes dat ik alleen de zaterdag kon komen. We hadden sowieso niet genoeg mensen voor de zondag, dus we zouden toch alleen zaterdag kunnen. Maar later bleek dat een ander bandlid kon invallen voor onze drummer en ging het toch door op zondag, alleen met een wat kariger bezetting.
Inmiddels wist ik dat mijn zusje haar verjaardag op vrijdag ging vieren, maar hadden we voor Androneda een offerteaanvraag voor de zondag binnengekregen, en ik had al aangegeven dat ik de zondag zou kunnen, dus moest ik de dag dáár voor vrijhouden. Maar toen ging dat folkbal niet door en ons optreden dus ook niet.
Inmiddels was met de organisatie van Cannenburch al afgestemd met hoeveel mensen en tenten we dat weekend aanwezig zouden zijn, dus dacht ik: nou, dan heb ik een vrije zondag! Hoe lekker! En reed ik vrijdagmiddag niet met volgepakte auto naar het festival, maar naar Zuid-Limburg voor mijn zusjes verjaardag, en zaterdagochtend in kostuum maar wederom zonder tentenmeuk naar kasteel Cannenburch voor één dagje optreden. Eigenlijk best lekker, om het festivalseizoen te beginnen met maar één dagje spelen, om er weer even in te komen.
Eenmaal daar keken mijn bandgenootjes mij smekend aan. Of ik niet toch zondag alsnog wilde komen? Dat zou net iets beter zijn qua bezetting. Het was immers maar een uurtje rijden voor mij, dus ik kon best zaterdagavond naar huis en zondagochtend toch weer komen. En eigenlijk was het ook handiger qua vervoer van de gezamenlijke kampementspullen, want degene die ze normaal gesproken mee zou nemen naar het volgende weekend optreden was er zondag niet om ze in te laden, terwijl ik bij beide weekends zou zijn. Zucht. Vooruit dan maar. Daar ging mijn vrije dag. En realiseerde ik me dat ik maar liefst 3 volledige weekends achter elkaar zal gaan optreden: dit weekend in Nederland, volgend weekend in Duitsland, en het weekend daarna in België. Wat ik normaal gesproken niet wil, maar je weet vooraf nooit welke offertes gaan vallen en welke weekenden dus wel en niet doorgaan, en waarvoor je je wel of niet moet opgeven. Nog meer zucht. Het leven van een muzikant met daarnaast een kantoorbaan gaat niet over rozen…
Maar goed, muziek maken met de band is natuurlijk wel heel leuk. Dus dan maar even bikkelen en alle andere dingen die ik nog wil doen, 3 weken vooruitschuiven.
En het was ook echt weer gezellig! We hebben lekker gespeeld en het was fijn om diverse mensen na de winterstop weer te zien en te knuffelen. Bovendien was het publiek erg enthousiast. Ze bleven in grote getale staan om naar ons te luisteren, we zijn vaak op de foto/film gezet en kinderen werden veelvuldig geïnstrueerd om een donatie in ons bakje te stoppen (waar we een lekker ijsje en avondeten van hebben gehaald). Zelfs de handelaren waren enthousiast en vroegen of we de volgende dag ook weer bij hun kraampjes wilden komen spelen (dat is wel eens anders ).
foto door Roy de Vries
Ook zag ik nog onverwachte mensen. Toen ik op de parkeerplaats uit mijn auto stapte, hoorde ik ineens: “Hee, ken ik jou niet van het coupeuse-examen?” En ja hoor, daar stond iemand die dezelfde opleiding als ik volgt en die ik op een van de landelijke coupeusedagen had ontmoet!
Wonderbaarlijk genoeg hebben we het zaterdag droog gehouden. Dat viel zondag wat tegen: toen hebben we meermaals onder een luifel moeten schuilen. Maar de dag is zeker niet in het water gevallen en de buien hielden vaak genoeg op om veel tussendoor te kunnen muziek maken. En het werd dan nog behoorlijk warm ook. Op zaterdag ben ik zelfs een klein beetje verbrand!
Ik moet wel weer even wennen aan al dat spelen na de winterstop hoor… Gek genoeg was ik vooral zaterdagavond helemaal gesloopt van al het staan en lopen. Vandaag valt het relatief mee.
De eerste eelt is dus alweer gekweekt. De gezamenlijke kampementspullen staan klaar in de garage en de wasmachine draait al, zodat mijn kleding op tijd schoon en droog is voor aanstaande weekend. Ik vermoed dat de komende weken de muziek- en kampeerspullen permanent in mijn gang blijven staan, want opruimen is weinig zinvol als het een paar dagen later alweer nodig is. Oftewel: het festivalseizoen is begonnen!!
Na het Draailier & Doedelzak workshopweekend had ik niet de moeite genomen om al mijn overnachtingsspullen netjes op te bergen, want vrijdag vertrok ik alweer naar Charm voor een weekendje LARPen!
Mijn hoofd was nog druk met andere dingen (Hoe moeilijk kan het zijn om vloertegels te bestellen? Ik probeer al een week om het geregeld te krijgen bij de leverancier!) en ik was moe (misschien had ik niet al op vrijdagavond pas om half 3 naar bed moeten gaan), en ik merkte dat ik daardoor niet optimaal heb gespeeld. Zowel op vrijdagavond als de hele zaterdag miste ik de immersie, waardoor ik meer Lenny in een kostuum was dan mijn personage Jipke. Het werd versterkt doordat het meeste plot geen Jipke-plot was, maar vooral epische problemen rondom necromantie en priesterlijke altaren. Vrijdagavond begon het bij de start van het spel gelijk typerend: er was een necromancer in een magische cirkel die moest worden gestopt, die werd verdedigd door ghouls en ondoden. Succes.
Nou, ik heb echt heel hard mijn best gedaan om te bedenken hoe dit met praktische vaardigheden en gezond verstand (deels) opgelost kon worden, maar de paar dingen die in me opkwamen werkten niet vanwege de chaos (communicatieproblemen) en het donker (weinig zicht), dus uiteindelijk ben ik maar bij de genezers gaan staan om een paar verbandjes te leggen om de enkele personen die niet-necromantische verwondingen op hadden gelopen, zodat ik in ieder geval nog een beetje bij kon dragen.
Dat is nu eenmaal wat Charm is en dat wist ik al. Natuurlijk zijn er ook diverse ‘gewone’ subplotjes, maar eigenlijk waren dat ook niet echt dingen waar Jipke door wordt getriggerd (denk aan: ‘deze persoon wordt gechanteerd door shinobi om spullen van altaren te jatten, wat gaan we er aan / met hem doen?’).
Ik besef overigens dat dit verwend en zeikerig over kan komen, dus even een disclaimer: ik bedoel dit absoluut niet als aanklacht richting de verhaalschrijvers, ik bedoel dat ik nu eenmaal een specifiek soort spel probeer op te zoeken en wat dat betreft blijft het een moeilijk type personage binnen deze setting. Ik vind ook dat ik dit soort spel vooral zelf moet creëren, maar ik merkte dat ik domweg te moe was om daar de energie voor te kunnen vinden. Het lukte me pas op zaterdagavond en zondag om zelf vanalles aan te zwengelen – toen heb ik zeer enthousiast (eindelijk kreeg ik de ‘Jipke-twinkeling’ in mijn ogen) experimenten zitten bedenken rondom het bewijzen / ontkrachten dat er een tweede maan in de spelwereld is, wat resulteerde in een behoorlijke to do-list en ‘te betrekken medespelers-list’ voor een volgend evenement.
Misschien lukte dat juist doordat de zondagochtend altijd een relatief plotluw moment is. Ook op de baravonden blijkt mijn personage namelijk beter uit de verf te komen. Op vrijdagavond heb ik actief mijn best gedaan om veel van het plot mee te krijgen, want ik merkte dat ik dat de vorige keren niet had gedaan en daardoor ook veel potentiële interactie met NPC’s had gemist. Maar alles meekrijgen is nog steeds een uitdaging (ik snap zelfs nog steeds niet wat er nou precies op de zaterdagavond is gebeurd, tijdens het epische altaren-magische-cirkels-gevecht-gedoe in het bos met NPC-personages waarvan ik niet wist wie er allemaal aanwezig waren, wie het voorstelden, laat staan wat ze (niet) van ons wilden, omdat het te donker, te rumoerig, te verspreid en te chaotisch was om iets mee te krijgen, behalve dan dat ik moest helpen een rij te vormen van een cirkel naar een altaar om blijkbaar een goddelijke krachtstroom door te geven (waarom?), waarna er ineens iets opgelost bleek te zijn (wat?) en we met een artefact dat blijkbaar ergens vandaan kwam (waarvan?), terug naar de bar sjouwden) en ook de plotkennis die ik wel had verzameld, hielp mij niet om zelf extra spel te genereren.
Het positieve is wel dat ik langzaam maar zeker een groepje gelijkgestemden om me heen aan het verzamelen ben. Er hebben OC al verschillende mensen me gevraagd om hen vooral erbij te betrekken als ik bezig ben met het zoeken van praktische oplossingen voor een spelprobleem, omdat ze dat ook leuk vinden om te doen. En in het spel kwam een van de spelers naar me toe met het expliciete voorstel om samen te proberen een niet-magische/priesterlijke/alchemistische/knok-aanpak te bedenken toen er weer eens een necromancer moeilijk stond te doen. Onsuccesvol, okee, (situatie: *Kijkt met gefronst voorhoofd naar rituele cirkel, krijgt plan en draait zich om naar mede-speler* “Oh, we zouden misschien kunnen…” *draait weer terug om naar de cirkel te wijzen en ziet dat het licht inmiddels uit is* “…laat maar, de magiërs hebben het blijkbaar zojuist opgelost”) maar we hebben het in ieder geval geprobeerd!
Een andere speler had bovendien zelf een erg leuk klein plotje bedacht: vissen vangen. Geheel pretentieloos, met als enige doel een lekkere vis te vangen om cadeau te doen aan een andere speler. Dat vind ik nou leuk spel, want je kunt het daadwerkelijk uitvoeren (hij had als phys-reps plankjes van hout gemaakt met een metalen oogje erin, zodat je het echt kon ophengelen uit het water, en op de onderkant van de plankjes geschreven wat het ding voorstelde) en je kunt er ook simpel een hoop lol omheen maken.
Zo bedacht mijn personage dat we dan natuurlijk wel aas nodig hadden. Aldus zijn we zeker twintig minuten bezig geweest met ‘regen nabootsen’ op modder om regenwormen te lokken. En liepen we uiteindelijk daadwerkelijk met een potje met levend aas (een heuse worm, een spinnetje en een wants) richting het meer! Tsja, het is maar waar je blij van wordt.
Verder heb ik fijn emo-spel gehad rondom het persoonlijke drama van een groep waar mijn personage mee bevriend is geraakt en dat was ook erg mooi om te doen.
Conclusie: Ik heb genoeg te doen gehad en echt wel leuke momenten gehad, maar ik ben nog steeds zoekende naar hoe ik een weekendevenement het beste aan kan pakken. Ik zie het vooral als een leerervaring en een uitdaging om mezelf als LARPer te verbeteren. Ik ben in ieder geval nog lang niet klaar met dit personage, want ik vind haar een leuk concept en zie nog veel spelmogelijkheden, dus ik blijf het gewoon lekker proberen!
Ook mijn tweede Baravond bij Charm als Jipke was een succes! Vorig weekendevenement verliep voor mij niet optimaal, omdat ik het lastig vond mijn personage neer te zetten zoals ik wilde. Maar dat was ditmaal geen enkel probleem! Ik ben de hele middag en avond druk bezig geweest met het op een zeer praktische manier (in plaats van met magische, goddelijke of alchemische vaardigheden) problemen oplossen!
Het scheelde waarschijnlijk een hoop dat er geen dungeon-plot was om me af te leiden en dat een Baravond bedoeld is voor het onderling uitdiepen van relaties en gewoon leuk spelen, in plaats van veel plot, zodat er ook minder drang was dan tijdens een weekendevenement om De Epische Bedreiging of wat dan ook zo snel mogelijk het hoofd te bieden, waardoor er meer ruimte was voor alternatieve initiatieven.
We waren met onze groep beland in een goederendepot in plaats van de locatie waar we eigenlijk heen wilden, en omdat we geen toestemming hadden om hier te zijn, moesten we ons verstoppen als er controle zou komen van de lokale machthebbers. Diverse spelers bedachten oplossingen zoals de bewaker omleggen of een vergeet-drankje geven. Mjah, Jipke vond het beter om het probleem te voorkomen dan op te lossen. En in een depot staan een hoop dozen en kisten. Dus charterde ik wat mede-spelers om te helpen met het bouwen van een heus kistenfort om ons achter te verstoppen, en vertelde ik de beheerders van het depot dat ze de stapel kisten moesten verklaren doordat er een muizenplaag was en ze de boel hadden moeten verplaatsen om hun holen te vinden.
Vervolgens overtuigde ik diezelfde beheerders ervan dat het doen van een oefening Echt Heel Belangrijk was, en dat ze moesten roepen dat de bewaker eraan kwam terwijl dat helemaal niet zo was. De suggestie van een medespeler om de rest niet te vertellen dat het een oefening zou zijn, om het realistischer te maken, omarmde ik uiteraard per direct. En jawel hoor, ik kreeg zowaar het grootste deel van de spelersgroep (al dan niet mopperend en met tegenzin) zo ver zich in mijn fort te verschansen. En toen het later die avond ‘voor het echie’ moest, zat daadwerkelijk iedereen keurig verstopt! Ik heb onze groep nog nooit zich zo lang, zo stil zien houden!
Er was ook nog het probleem van de grote hoeveelheid sporen die onze groep voor het pand in de sneeuw had achtergelaten. Die moesten natuurlijk ook verborgen worden. Aldus startte het grote experiment van het zelf sneeuw maken! Met onder andere pogingen om een watersaurus een straal water door een vergiet te laten spuiten, om regendruppels te creëren die met deze buitentemperaturen hopelijk zouden bevriezen, en een magiër met de vaardigheid ‘brandende handen’ laten proberen om in de lucht gegooid water spontaan te laten verdampen, met hopelijk ook sneeuwvlokjes als resultaat.
En omdat de bewaker wellicht nog een keer terug zou komen zonder lantaarntje, waardoor wij zijn aankomst niet zouden opmerken totdat het te laat was, brainstormde ik met wat mede-spelers over het maken van een waarschuwingsmechanisme, waarvoor we uiteindelijk belletjes met een contra-gewicht aan een touwtje hebben bevestigd en dat touwtje als een soort ‘trip wire’ over het pad naar het depot hebben bevestigd.
Anyway, het is vast niet zo leuk om dit terug te lezen als hoe het was om het zelf te doen, maar geloof me dat ik erg veel lol heb gehad met dit alles! Het werd laat (kwart over 3) en het was gezellig. En ik heb dus nu al veel zin in het volgende LARP-weekend!
Helaas kon ik vorig weekend niet naar Moresnet gaan. Jammer, want de eerstetwee LARP-evenementen van het drieluik was ik wel aanwezig geweest en het is toch wel fijn om een personage waarin je hebt geïnvesteerd, een mooie afsluiting te kunnen geven. Nu zie ik allemaal prachtige epilogen in de Facebookgroep langskomen en bedacht ik me dat ik via een epiloog misschien alsnog in ieder geval gevoelsmatig een afronding kon geven aan Anna Bindels, scribente van de burgemeester van Kelmis. Dus hier komt ‘ie…
———————
Met een snik trekt Anna de deur van haar schamele woning achter haar dicht. Het zal de laatste keer zijn dat ze dit doet. Het is tijd om te vertrekken en om haar geliefde plaatsje Kelmis en al haar inwoners, het enige thuis dat ze ooit kende, achter zich te laten.
Niet dat het daar alleen maar goede tijden waren geweest. Om eerlijk te zijn was haar leven altijd zwaar geweest. Nadat ze met haar Jan trouwde, moest ze gedwongen stoppen met haar werk als copiiste, want tsja, dat gebeurde nu eenmaal als je als vrouw ging trouwen. Helaas had ze slechts drie korte jaren bij haar man kunnen zijn voordat hij overleed, na een langdurig ziekbed waarin zij hem stiekem had ondersteund bij zijn werkzaamheden als klerk bij de Kanselarij van Kelmis, om te voorkomen dat het opviel dat hij eigenlijk niet meer in staat was om te werken en dus om inkomsten voor hen te vergaren. Toen ze uiteindelijk toch manloos, kinderloos en werkloos achterbleef, had ze hemel en aarde bewogen om via het Weduwenrecht zijn baantje te mogen overnemen. Met succes! Hard werken en haar oneindige volharding leverden haar uiteindelijk zelfs de functie van scribente van de burgemeester op – een positie waarin ze veel meekreeg van het reilen en zeilen van Kelmis en haar bewoners. Wel onderbetaald natuurlijk. Als vrouw moest ze niet verwachten net zoveel salaris als haar wijlen echtgenoot te ontvangen.
Ze deed daarom alles wat nodig was om rond te kunnen komen – waarbij ze het niet had geschuwd om gebruik te maken van de mogelijkheden die haar functie haar boden. Zo had ze de trouwakte van haar ook kinderloze zus vervalst toen zij overleed, zodat die slampamper van een vent van haar, die haar sowieso nooit had gemogen, niets zou erven en alles naar Anna zou gaan. Maar die erfenis was inmiddels ook al op. Tot nu toe had ze het weten te redden door af en toe wat bij te verdienen met nevenwerkzaamheden: door haar toewijding tot haar werk had ze het vertrouwen van bijna iedereen gekregen en klopten dorpelingen bij haar aan om al hun dubieuze afspraken formeel te laten vastleggen, of om hun diepst geheime documenten door haar te laten voorlezen als ze zelf niet konden lezen. En soms veranderde ze wat cijfers op de bonnetjes die ze de burgemeester liet tekenen als ze een uitgave had gedaan, zoals het aankopen van bonbons voor raadsvergaderingen, of het plaatsen van een gemeentelijk berichtje in de krant. De man tekende immers alles wat ze onder zijn neus hield en stond er ook niet om bekend zorgvuldig de inhoud van de gemeentekas te controleren. Maar dat was slechts kleingeld.
Natuurlijk had ze gehoopt dat er meer in zat, tussen haar en de burgemeester, maar ze wist ook dat dat ijdele hoop was. Haar harde werken en toewijding had hij gelukkkig wel degelijk opgemerkt en recentelijk had hij haar al wat extra salaris toegestopt. Of hij wist dat die heks van een vrouw van hem hem bedroog was haar niet duidelijk, maar zelfs al was dat zo: hoe kon een eenvoudige scribente als zij ooit hopen in de echt verbonden te worden met een belangrijk man als hij? Die droom was kort geleden sowieso al in duigen gevallen: ze had altijd gedacht dat het een best goede man was (nou ja, in verhouding tot al het andere gespuis dat zich in Moresnet ophield dan – niemand was perfect), maar wat ze niet zo lang geleden allemaal over hem had gehoord, had haar van gedachten doen veranderen. Het kon toch niet waar zijn dat hij echt…?
En dan waren er nog haar visioenen over dingen die in het dorp zouden zijn gebeurd of zouden gaan gebeuren, en vreemde verschijningen, die haar slapeloze nachten bezorgden. Zou het wellicht haar zwager zijn die was komen spoken? Of hadden haar acties haar slecht karma opgeleverd? Ze was zich gaan verdiepen in de esotherie en toen Helena Blavatski van de Theosophical Society in de buurt bleek te zijn, had ze haar kans gegrepen en haar naar Moresnet gehaald, in de hoop via haar wat meer inzicht te kunnen krijgen in wat haar overkwam. Ook dat bleek achteraf misschien niet het beste idee te zijn geweest (ze probeerde de herinnering aan de seance waarin een geest haar leek te hebben overgenomen nog steeds te verdringen), al had Anna wel geleerd dat haar visioenen wel eens zouden kunnen komen door haar zeer grote opmerkzaamheid, waardoor ze allerlei kleinigheidjes die om haar heen gebeurden, onbewust oppikte en onthield. Maar ook Helena Blavatski bleek haar eigen agenda te hebben en in plaats van een goede vriendin te worden, had ze Anna een richting op proberen te pushen waar ze helemaal niet op zat te wachten. Bovendien had Helena haar al een paar keer bijna in de problemen gebracht bij de burgemeester door geen blad voor haar mond te nemen.
En nu was er die dreigbrief. Wie hem had gestuurd wist ze niet zeker, maar ze had wel zo haar vermoedens. Eerst dacht ze dat het kwam doordat ze te veel wist. Maar inmiddels begreep ze dat het diegene er enkel om ging om haar positie bij de gemeente vrij te spelen, zodat er een pion in haar plaats neergezet kon worden die beter te manipuleren was.
Ze had zó hard haar best gedaan om onder al die manipulatie uit te komen. Eerst was er de opdracht geweest om het krantje van Sarah Steenfort ‘te controleren op spelfouten’ voor verschijning, waar ze geen vrienden mee had gemaakt en waardoor ze zelfs op zondagochtenden had moeten werken. Toen ze daar eindelijk vanaf had weten te komen, was de volgende dwingende opdracht al gekomen: morse gaan leren om dhr. Renard te kunnen vervangen bij het ontvangen van binnengekomen telegraafberichten als hij de post moest gaan bezorgen (lees: te kunnen inzien wat er allemaal binnenkwam). Gelukkig werd snel daarna de telegraaflijn doorgesneden en had ze een excuus om zich ook daar onderuit te maken. En dan waren er nog de dossiers die de burgemeester haar steeds vroeg aan te leggen over diverse inwoners. Ze was toch zeker geen privé-detective?? Ze had al niet zo veel vrienden en op deze manier bleven er nog maar zeer weinig over. Zelfs met de enige familie die ze nog had, nicht Pauline, kon ze niet te close zijn. Geassocieerd worden met een hoerenmadam zou haar precaire positie binnen de gemeente zéker geen goed doen.
De dreigbrief was de laatste druppel. Ze was moe gestreden. Klaar met vechten voor haar positie, klaar met onder druk gezet te worden. Ditmaal had ze toegegeven. Met tranen in haar ogen had ze, zonder enige toelichting, haar ontslag ingediend bij de burgemeester en haar spullen gepakt. Alleen van Helena had ze nog kort afscheid genomen; ze kon het niet opbrengen om ook bij anderen langs te gaan en alles wat er werkelijk was gebeurd te moeten achterhouden. Bovendien: wie zou haar eigenlijk gaan missen?
En nu dan? Waar kon ze nu heen? Ze wist het niet. De greep die ze uit de gemeentekas had gedaan (ditmaal zonder gefingeerde bonnetjes achter te laten) zou haar de eerste weken helpen overleven. Maar daarna was ze weer wat ze eigenlijk altijd was geweest: een vrouw alleen, zonder vooruitzichten.
Terwijl een traan over haar wang naar beneden rolt, zet ze de eerste stap richting de grens, oprecht niet wetend of ze het wederom zal gaan redden.
Het was een prima weekend: veel vrienden en andere leuke mensen terugzien is sowieso fijn, en ik heb me spel- en plottechnisch weer goed beziggehouden. Het weer beloofde prut te worden en we hebben inderdaad flinke hoos- en onweersbuien over ons heen gekregen, maar hoewel de dungeon structureel onder water stond (terwijl er geen grondzeil in de tent lag – visualiseer even deze situatie: er werden door de crew met bezems hele sloten water over het grasveld heen de legertent uit gebezemd! ) en we regelmatig moesten vluchten naar een afdakje, heeft het tegen verwachting in niet de héle zaterdag geregend en waren er genoeg momenten dat we lekker naar buiten konden.
Foto door Hugh Jansman
Toch heb ik geen juich-gevoel overgehouden aan het weekend, want het lukt me helaas niet om mijn personage helemaal neer te zetten zoals ik wil en dat frustreert me.
Ik speel Jipke, een halfling die inmiddels twee weekend-evenementen en een baravond meegaat. Ik vermoed dat de meeste mede-spelers Jipke inmiddels zien als een naïeve, adhd-achtige dief. Ze kan namelijk heel goed sloten open maken en vorig evenement had ze wat gestolen, waardoor ze nu rondloopt met een tijdelijke tatoeage die haar publiekelijk te schande maakt. Maar in werkelijkheid is ze juist behoorlijk intelligent en haar acties komen vooral voort uit haar enórme nieuwsgierigheid en goede bedoelingen. Soms wordt ze gewoon iets te enthousiast over dingen… Ze is bovendien heel handig in praktische zin: haar slot-openmaakvaardigheden zijn alleen maar een gevolg van het feit dat ze in het algemeen heel goed is in dingen maken (of uit elkaar halen). Dat komt alleen niet over, dus wordt mijn personage nu erbij gehaald als er iets gejat moet worden. Ik heb IC heel hard geprobeerd uit te leggen dat Jipke helemaal niet zo is, maar wat ze dan wél is of kan (praktische oplossingen voor problemen bedenken) komt nog steeds niet goed uit de verf. Eén van de andere spelers zei op een gegeven moment tegen me dat hij het idee had dat Jipke ditmaal heel anders was dan op de baravond, dus dat geeft al aan hoe ik nog loop te zwabberen in mijn spel.
Dat komt ten eerste doordat Charm nogal vaardigheid-gericht is. Het regelsysteem is gebaseerd op klasses, waar ik helemaal niet van houd want dat duwt je personage al gelijk in een bepaald hokje. Toegegeven: ik probeer zelf een gnoom-achtig personage in een gnoomloze setting te proppen, maar los van het ras dat je wil gaan spelen en of dat al dan niet in de spelwereld voorkomt, zou er ruimte moeten zijn voor alle verschillende soorten persoonlijkheden. Jipke valt nu in de klasse ‘schavuit’, wat totaal niet op haar van toepassing is, maar het was de beste manier om de vaardigheid ‘sloten openen’ te kunnen nemen. Wat een van de weinige echt relevante vaardigheden voor haar is die in het regelsysteem zitten, de rest moet gewoon geroleplayed worden.
Het plot is soms ook duidelijk gericht op verschillende groepen spelers, gebaseerd op hun klasses/vaardigheden (denk aan magiër, priester, alchemist of krijger), zoals het dungeon-plot van dit evenement en het vorige: naast de algemene puzzels is er een alchemische puzzel, is er magie nodig en zitten er goddelijke elementen in. Daar ben ik op zich enorm voorstander van, want zo betrek je zo veel mogelijk mensen bij het plot en heb je veel interactie met elkaar, omdat je met elkaar moet samenwerken om het einddoel te bereiken! Maar het zorgt er ook voor dat ik als speler geen alternatieve oplossing voor een bepaald probleem wil gaan bedenken, want dat voelt alsof ik het plot van een andere groep spelers ‘afpak’. Dus delegeer ik bijvoorbeeld het fabriceren van brouwsels en op handen zijnde knokpartijen naar spelers waarvan ik denk dat ze daar blij van worden en houd ik me bij het plot dat eruit ziet alsof het ‘voor mij’ bedoeld is.
Ook binnen de spelersgroep wordt er soms wat beperkt gedacht en gedacht in vaardigheden, heb ik het gevoel. Wil ik proberen naar de maan te gaan (don’t ask…), dan volgt bijvoorbeeld de reactie: “Dat kan niet, de maan is een manifestatie van de godin Anata”. Of er wordt voet bij stuk gehouden dat iets met magie opgelost moet worden. En “heeft er hier iemand <vaardigheid>??” is een veel voorkomende uitspraak onder spelers. De enige manier om daar mee om te gaan, is om er keihard tegenaan te gaan roleplayen. En dan merk ik mijn eigen OC-beperkingen. Als je in je achtergrond schrijft dat je goed bent in praktische oplossingen bedenken voor problemen, moet je die natuurlijk ook OC kunnen bedenken. Dat kan ik op zich wel, maar ik heb er soms net iets meer tijd voor nodig dan in het spel beschikbaar is. Moeten we in een ruïne door een gang heen die beschermd wordt door spinnen? Natuurlijk kunnen we iemand sturen die de vaardigheid ‘spreken met dieren’ heeft, en/of een priester van Anata sturen (de spin is het symbool van deze godheid). Maar we zouden ook dit tafelkleed om ons heen kunnen wikkelen zodat de spinnen ons niet kunnen bijten… Maar tegen de tijd dat ik dat heb bedacht, is er al iemand op een andere manier naar binnen aan het gaan. Damn, kans gemist. En dat gevoel had ik regelmatig, of ik had gewoon echt even geen inspiratie over hoe ik iets op een praktische manier kon oplossen. Het gebrek aan de mogelijkheid om dingen kunnen phys-reppen, ondanks mijn tas vol met handige tools, speelt soms ook een beetje mee (briljant idee: lege tonnen meenemen op de volgende bootreis, om te voorkomen dat we weer zinken / te zorgen dat we makkelijk vlotten kunnen bouwen als we toch schipbreuk lijden, maar… hoe ga ik dit uitspelen?).
In zulke situaties voel ik me een heel slechte roleplayer. Hoe lang LARP ik nu al? Ik moet dit toch kunnen?? Kom op, improviseer, en snel een beetje! :’-)
Het hielp ook niet dat ik niet in staat bleek om de gewone puzzels op te lossen, die nodig waren om een deur in de dungeon open te krijgen. Net als vorig evement was er een heel stapeltje documenten met verschillende soorten puzzels, maar die bleken echt ondoenbaar! Van de 6 puzzels heb ik er maar ééntje correct weten op te lossen, en dat ook alleen maar na een hint vanuit de spelleiding. Toegegeven: het lukte mijn mede-spelers ook niet, want aan het eind van het evenement waren er maar 4 van de 6 correct opgelost, waarvan eentje pas na de oplossing zowat door de SL’s in handen gedrukt te hebben gekregen, maar toch: ik vind dat ik dit moet kunnen! Dat Jipke het niet kan is één ding, maar OC voel ik me nu dom. Zucht.
En naast dat alles merk ik dat ik soms uit mijn rol val, bijvoorbeeld als ik heel hard bezig ben met puzzelen – dan word ik gewoon Lenny, en er waren nog een paar situaties waarop ik anders had willen reageren dan ik gedaan heb.
Ik zit dus eigenlijk vooral mezelf in de weg. Natuurlijk kan ik mijn personage anders insteken dan oorspronkelijk bedoeld, en soms is dat ook de beste manier om er mee om te gaan want je weet bij het creëren van een personage nooit of het goed matcht met het evenement en de spelersgroep. Maar ik heb het idee dat het wel mogelijk zou moeten zijn om Jipke te spelen zoals ik wil en dat het vooral een kwestie is van op een bepaald aspect beter leren roleplayen. Die uitdaging wil ik niet uit de weg gaan.
Ik moet hier dus nog even op kauwen. Gelukkig heeft Rinske al aangeboden met me te willen brainstormen over wat ik de volgende keer kan doen en van haar kan ik nog heel veel leren.
Maar voor nu ga ik me gewoon verheugen op de foto’s, want we hadden eindelijk weer een fotograaf op het evenement van wie ik erg mooie plaatjes verwacht (dank, Hugh!). Totdat die worden gedeeld blijft deze post nog even fotoloos, want ik was mijn telefoon thuis vergeten… ook al niet mijn beste moment.
Weer zo’n fijn weekend dat na twee coronajaren eindelijk weer kon doorgaan: Middeleeuws Ter Apel!
Het was een eindje rijden en het was warm, maar ook superleuk. Er werd veel geluisterd naar onze muziek en de sfeer was heel prettig. Als ik gewoon ergens langs liep, werd er veelvuldig naar me gelachen en ik had continu spontane aanspraak van onbekende mede-deelnemers bij het waterpunt, de toiletten, of waar dan ook. Natuurlijk zagen we ook heel veel oude bekenden terug! Lekker weer socializen met de mensen van onder andere De Graven van Holland en ‘t Vaerdich Volk. En alle andere muzikanten, die in grote getale aanwezig waren!
Zoals bij veel festivals, was er ook hier wel wat bezuinigd. Voor ons betekende dat niet meer gratis mee-eten met de heerlijke maaltijden die ze daar altijd bereiden. Aangezien de kosten om mee te eten best wel hoog waren en we toch graag iets van onze gage wilden overhouden, besloten we om dan maar zelf te koken. Dat kost wel veel meer tijd, want het duurt altijd even voordat je kampvuur-eten klaar is, en dat gaat van je speeltijd af. Maar dat was misschien maar goed ook, want zo hadden we verplicht een lange pauze ‘s avonds. We waren namelijk ook weer gevraagd om zaterdagavond te spelen bij de horeca-gelegenheid, tussen 10 en 12. En als je al vanaf 10 uur ‘s ochtends bezig bent, is dat best heftig… Andere muziekgroepen dachten er ook zo over, dus iedereen heeft zijn best gedaan om heel even te spelen en snel weer een andere groep af te lossen, zodat iedereen wat bijdroeg maar niemand verantwoordelijk was voor de volle 2 uur aan entertainment.
Ons eten en drinken werd grappig genoeg ook deels door het publiek verzorgd, want die gooiden als bedankje, festivalmuntjes in ons visitekaartjesbakje waar we op zondag een broodje hamburger en wat te drinken van konden halen.
Ik was het niet, ma!
Hoogtepunt is altijd de gezamenlijke afsluiting op het eind: alle aanwezige muzikanten komen dan samen om de vrijwilligers te bedanken en het evenement officieel af te ronden. Het is een heerlijke muzikale chaos! Je bent natuurlijk hartstikke moe van een heel weekend spelen op weinig slaap, en de laatste rondjes optreden pers je er echt uit. Maar dan komt de ontlading en euforie als je met z’n allen nog even gaat knallen. In de marketing heet dat een ‘peak end’ en het doet echt wat met je! <3
Andere leuke momenten waren onder andere het samen spelen met onze vriendjes van De Blauwe Schuyt en het voor de ridders uit mogen lopen op weg naar het slagveld.
Helaas was dit mijn laatste optreden met De Soete Inval van dit festivalseizoen. De groep heeft nog twee andere optredens staan, maar in die weekends kan ik niet mee. Wellicht komen er nog wat last-minute boekingen binnen voor eind dit jaar, maar voor mij begint nu in principe ‘de winterperiode’ en dat betekent: tijd om alle spullen op te lappen, kostuums te repareren, de doedelzak te onderhouden, nieuwe muziek in te studeren en meer. De lijst van dingen die we nog allemaal willen voor het volgende festivalseizoen begint is enorm, dus ik kan daar maar beter snel mee beginnen… voor je het weet is het alweer april!
In februari werd het wegens corona uitgesteld, maar gisteren vond het alsnog plaats: Casino Mortale. Oftewel een spionnen-LARP in James Bond/casino-stijl, in de jaren 60/70. Wie wil daar nou niet bij zijn?? Ik in ieder geval wel! En het was gaaaaaf!!!
Als spion werd ik overigens niet gecast. Ik werd Danielle Benson Cooper (D.B. Cooper voor de oplettende smoelenboeklezers ). Voor de buitenwereld een gulle maar enigszins mysterieuze Amerikaanse weduwe, die het verlies van haar man verwerkte door zijn vermogen uit te geven aan boord van jachten aan de rivièra en in Europese casino’s. In werkelijkheid was ze nooit getrouwd geweest; haar fortuin ‘verdiende’ ze eigenhandig met het zetten van grote, riskante kraken, die steeds maar uitdagender werden. Haar nieuwste project was het beroven van het casino waar het spel zich afspeelde. Daarvoor had ze diverse vakgenoten geronseld, met ieder hun eigen specialiteiten. E.e.a. was dus zeer zwaar geïnspireerd op Ocean’s Eleven – alleen waren wij de ZZZ, oftewel de Zwarte Zee Zeven. En ik was dus de ringleader, oftewel een soort vrouwelijke mashup van George Clooney en Brad Pitt.
Maar eerlijk gezegd wist ik al wat ik aan ging trekken voordat ik mijn rolbeschrijving binnen had… Want in zo’n setting moet je gewoon voor de Bond girl-look gaan vind ik! Cue de valse wimpers en diepe decolletés!
Je moet daar wel wat voor over hebben. Namelijk 1,5 uur en €35 voor de kapper. En daarna ook nog eens dit hieronder allemaal voor de make-up. :-X Maar het was het waard!
Helaas had ik geen tijd meer om voor vertrek een foto te maken, dus dit is een ‘after’ shot – enigszins uitgezakt, nadat ik 6 uur lang enthousiast op de locatie heen en weer heb gerend, onder laserstralen en door talkpoeder ben gekropen. Respect voor deze haarlak. Ik had weliswaar lipstick en lipgloss in mijn tasje voor tussentijdse bijwerksessies, maar daar heb ik domweg geen tijd voor gehad.
Iederéén had heel erg zijn/haar best gedaan om zich op te doffen. Dat in combinatie met de theaterlocatie en de gehuurde casinotafels, maakte het plaatje helemaal af. De setting en de sfeer stonden er vanaf het begin!
Foto door Bas Paap
Na tijd-in werd er gelijk gegokt, geflirt, gekonkeld, ge-politiekt en nog veel meer dingen die het daglicht vast niet konden verdragen. De meeste spelers waren in clubjes ingedeeld, die ieder hun eigen doel/plotje hadden, net zoals wij met de ZZZ. Zo waren er de CIA, MI6, KGB, politieke afgezanten, nazi’s, superschurken en weet ik wat nog meer. Iedereen was zo druk bezig, dat er amper tijd was om te minglen met andere groepen. Gelukkig heb ik in het begin van het evenement nog wel wat willekeurige mensen kunnen aanspreken, maar op een gegeven moment begon de tijd dermate te dringen dat ik alleen nog maar kon focussen op het voltooien van Het Plan voor onze beroving. Gelukkig vermoedde ik dat al van tevoren en had ik me er mentaal op voorbereid – ik heb vaker one-shots gedaan met voorgeschreven rollen en eigenlijk gaat het dan altijd zo. Desondanks jammer dat ik zelfs mijn beste vriendinnetjes, die ook aanwezig waren, alleen in het langslopen een of twee keer heb gezien en verder niets! Maar zo hebben we achteraf in ieder geval veel leuke verhalen aan elkaar te vertellen.
Ik moet bekennen dat ik vooraf wel 7 kleuren stront heb gescheten. In films is er een script en alleen daarom loopt het doorgaans goed af met dit soort complexe berovingen. Maar wij moesten dit roleplayen! En niet alleen met gebriefte figuranten, maar ook met andere spelers die hun eigen agenda’s hadden. We hadden alleen een globaal plan gekregen over hoe we e.e.a. konden gaan aanpakken, maar alle details mochten we zelf invullen. En hoewel we binnenspels ‘ogen en oren’ in het gebouw hadden in de vorm van een croupier die voor ons werkte, betekent dat buitenspels echt niet dat je al weet hoe de locatie er precies uitziet, welke persoon welke functie heeft, etc.! Oftewel: dat werd improviseren, improviseren, en ter plekke shit ruimen. En raad eens waar ik niet zo goed in ben…? Heel leuk dat ik me als IC groepsleider ook nog eens extra verantwoordelijk voelde voor het goed verlopen van Het Plan!
Om een beetje in mijn rol te komen, heb ik OC ook maar het initiatief genomen om dingen te regelen, zoals een Zoom-overleg ter kennismaking en voorbereiding, een Google Drive-map met aantekeningen en plannen, en een Whatsapp-groep voor gemakkelijke communicatie. Gelukkig bleken mijn mede-spelers fantastisch: ook zij hebben enorm veel bijgedragen! Ik had zelf uiteraard Het Plan alvast in grote lijnen op papier gezet, maar onze zakkenroller (Sander) kwam tijdens het eerste overleg al gelijk op de proppen met Een Schema! <3
Vervolgens werd er ijverig geknutseld door onze inbreker (Marc) en ons technisch talent (Anne), waardoor er allemaal fantastische gadgets langskwamen in de app-groep.
Een ventilator, overgespoten en omgebouwd om stiekem ook als boor te kunnen functioneren.
Een nep-fabergé ei in beschermende koffer, met daaronder een verstopte bergruimte voor inbraaktools.
Een fotolijstje (waar later een foto van Sean Connery in is gedaan) dat fungeert als afleidingsmechanisme in de vorm van een nep-bom, op afstand aanstuurbaar.
En waar laat je al je gadgets als vrouw? Juist.
Zelf was ik geen gadget-type, maar zorgde ik voor een handtasje vol met spulletjes die onschuldig oogden en dus prima door een fouilleer-ronde zouden komen, maar desondanks heel nuttig konden zijn tijdens het kraken van kluizen en dergelijke:
Onder andere: spiegeltjes om laserstralen mee af te buigen, een poederdoos om laserstralen mee zichtbaar te maken, sleutels om ongemerkt te kunnen verwisselen met sleutels die we moesten jatten, zakdoekjes en een parfumflesje (met chloroform), een aansteker, ‘geurkaarsen’ (rookbommen), magneetjes, een vijl, haarspelden en paperclips voor het open prutsen van een slot, een vergrootglas voor het kunnen beoordelen van de waarde en echtheid van kunstobjecten, een horloge (om te kijken of het al tijd is voor de volgende fase van Het Plan) en meer nuttigs. Plus: een echt werkende pen inclusief laser(pointer) en led-lampje (voor slechts €6,95 bij Bol.com)!
Ik heb dan ook heel erg genoten van alle voorbereidingen. Het evenement was eigenlijk voor de start al geslaagd wat mij betreft. Maar ook tijdens het evenement was het fantastisch. We hadden diverse ‘black box’ scenes, gefaciliteerd door de spelleiding, waardoor we bijvoorbeeld daadwerkelijk in een kluis konden inbreken!
Als groepsleider heb ik de meeste concrete acties gedelegeerd naar mijn groepsgenoten, dus ik heb vooral heen en weer gerend tussen alle ruimtes, op zoek naar mijn groepsleden om hen up-to-date te houden en verdere instructies te geven en daardoor helaas niet alle spannende scènes meegekregen. Maar gelukkig wist ik zelf ook aan wat informatie te komen door een van de beveiligers te verleiden om informatie prijs te geven (nou ja, dat dacht ik – achteraf heeft hij ons keihard verlinkt ). Helemaal op het einde, toen we met z’n allen de allerlaatste fase van het plan in gingen, heb ik toch maar even mijn momentje gepakt en ben ik achter ons slangenmens aan onder laserstralen doorgekropen, richting een terminal die ik moest hacken om de Zwitserse bankrekening van het casino te kunnen plunderen. En wat ik vooraf niet had durven hopen is toch gelukt: we hebben het geld weten te bemachtigen en heelhuids weten te ontsnappen!
Foto door Bas Paap
Natuurlijk probeert de spelleiding je plot wel te faciliteren, maar het is nooit te voorspellen in hoeverre het in praktijk allemaal gaat lukken zoals vooraf bedacht – het blijft immers LARP, geen toneelstuk. En we zijn ook echt in tijdnood gekomen, omdat het afluisteren van personeel een stuk lastiger bleek dan verwacht en er blijkbaar ook nog een briefing niet bij iedereen door was gekomen, zodat we er heel lang over hebben gedaan om een laatste stukje cruciale informatie te bemachtigen. En toen was het ineens minder dan een uur voor tijd-uit, en moesten we de laatste kluis nog in! Oneindige dank dus aan de spelleiders/organisatie, die zich uit de naad hebben gewerkt om toch nog snel alles voor ons op te bouwen en te faciliteren in de black-box, zodat ook wij met een voldaan gevoel de avond konden afsluiten. <3
En nu resteert dus enkel nog het nagenieten van alle herinneringen en het lezen van andermans leuke verhalen in de Facebookgroep. En natuurlijk: wachten op de foto’s!
[edit] De groepsfoto van ZZZ is al binnen! ^_^
[edit2] En de anderen nu ook!