Category: Werk

Koffiecrisis

We hadden weer eens een crisis op het werk. Want er moet bezuinigd worden. En in al hun wijsheid hadden collega’s van de facilitaire afdeling besloten om te bezuinigen op de koffie-automaten.

Het initiële nieuwsbericht over de nieuwe leverancier, dat vorig jaar augustus universiteitsbreed verspreid werd, leverde geen reuring op. Het was vooral geformuleerd als een jubelbericht over betere kwaliteit koffie voor minder geld (studenten moeten voor hun koffie betalen, medewerkers na bliepen met hun medewerkerspas niet – voorheen waren er andere automaten voor medewerkers dan voor studenten). Enkel aan het eind van het bericht stonden de zinnetjes ” Automaten die weinig werden gebruikt zijn niet vervangen. De nieuwe machines staan voortaan op centrale, goed bereikbare plekken en de koffie is altijd dichtbij.” Wij maakten ons dus geen zorgen.

Maar op een kwade dag bleek de koffie-automaat in de pantry van onze verdieping ineens verdwenen! We stuurden ons secretariaat op speurtocht en vernamen dat de automaat op onze verdieping viel in de categorie ‘weinig gebruikt’.  Het was de bedoeling dat we vanaf nu op een andere verdieping onze koffie en thee gingen halen. Wut??

Het is zo dat op onze verdieping minder medewerkers werken dan op andere verdiepingen, omdat een deel van de verdieping opslagruimte is. Bovendien liepen sommige collega’s af en toe naar een andere automaat in het pand omdat de kwaliteit van die koffie beter was (als ik ergens niet tegen kan is dat Belangrijke Mensen in de organisatie betere kwaliteit dingen krijgen… maar dat is een andere discussie). Maar toch. Niet iedereen wil naar een andere verdieping lopen om koffie te kunnen krijgen! Bovendien hangt het hebben van een koffie-automaat samen met het geleverd krijgen van theezakjes, dus hoewel wij (blijkbaar illegaal) een waterkoker in de pantry hebben staan omdat heet water uit een koffie-automaat niet te zuipen is, konden we ineens ook geen thee meer zetten. En dan hebben we ook nog eens een blinde medewerker, die steeds zijn blindegeleidehond in moet zetten als hij wat te drinken wil. Voor hem hadden we voelbare stickers op de automaat geplakt zodat hij wist waar hij moest duwen voor zijn bakkie. De arme man moest vanaf nu dus ineens met zijn hond een trap af en naar de hele andere vleugel van het gebouw lopen om wat te drinken te krijgen, uit een automaat zonder hulpmiddelen.

Ter illustratie: de route van onze werkplek naar de dichtstbijzijnde koffie-automaat.

Maar daar hadden de facilitaire collega’s natuurlijk niet over nagedacht. Die kijken blijkbaar alleen naar cijfertjes, niet naar mensen. Zelf vonden ze trouwens van wel. We moesten juist dankbaar zijn voor deze ontwikkeling, want nu werden er veel meer ‘ontmoetingsmomenten’ met collega’s van andere afdelingen gecreëerd. Zó goed voor de samenwerking! Right…

Waar ze ook niet over na hadden gedacht, is dat wij met studentmedewerkers werken, die fysiek op onze verdieping zitten. Alleen hebben studentmdewerkers geen medewerkerspas, dus kunnen ze de automaat op de andere verdieping niet bereiken (want de pas dient ook als toegangspas tot bepaalde vleugels van het gebouw, dat beveiligd is omdat er o.a. het college van bestuur (en dus voorheen ook die betere koffie) gehuisvest is). En als ze daar al kunnen komen, kunnen ze nog steeds geen gratis koffie uit de automaat halen. De oplossing van de facilitaire afdeling toen we vroegen hoe dat dan moest? “Dan kan iemand diens pasje toch even uitlenen?” Euh… ik vermoed dat een andere afdeling binnen de universiteit daar ook nog wel een mening over heeft…

Rebellie werd geactiveerd. Er werden plannen gesmeed voor het overvallen van een cateringmedewerker voor het verkrijgen van theezakjes. Er werd gesproken over het maken van een schema voor theezakjesjatdienst (van de automaat van genoemd college van bestuur – je moet immers zorgen dat een issue hoog in de boom wordt gevoeld als je wil dat het opgelost wordt!).

Na enige tijd had de facilitaire afdeling wat langer nagedacht over onze issues. In september meldden ze dat er afdelingspassen speciaal voor studentmedewerkers zouden komen, want bij nader inzien waren ze het wel met ons eens dat het uitlenen van toegangspassen niet zo’n goed idee was. Voor de blinde medewerker zouden ze nog met een oplossing komen.

Eind oktober vroeg ik maar eens hoopvol naar de status, want onze blinde medewerker had eerder te horen gekregen dat er wegens hem een resterend apparaat zou worden teruggeplaatst (ik heb geen morele bezwaren tegen het inzetten van mijn mindervalide collega’s voor eigen gewin). Maar nee, er was toch besloten dat er geen automaat terug zou komen. Onze blinde medewerker kon vanaf nu de catering laten komen als hij behoefte had aan koffie.

Ja, je leest het goed. Hij moest iedere keer als hij dorst had, de catering gaan bellen en wachten totdat die helemaal naar ons pand kwam om alleen voor hem koffie te brengen. Terwijl wij, wegens de bezuinigingen, zelfs geen koffie en thee meer mogen bestellen voor onze interne vergaderingen en trainingen. (Dat laatste is ook een leuke: ik moet tegenwoordig dus de medewerkers van andere faculteiten, die bij mij een training komen volgen, voorafgaand en in de pauze van de training met mijn pasje begeleiden naar een andere verdieping als ze koffie willen halen.) Ik denk dat jullie wel begrijpen dat wij ook daar een mening over hadden.

En oh, waarschijnlijk moest onze waterkoker ook weg, vertelden ze erbij:

[…] dat [mag] helaas niet, met name vanuit veiligheids- en Arbo-oogpunt. Apparaten die warmte genereren (zoals koffiezetapparaten en waterkokers) mogen alleen gebruikt worden op aangewezen plekken met de juiste voorzieningen en controle, om brandgevaar en storingen te voorkomen. De waterkokers die nu in het pand staan vormen eigenlijk al een risico en zullen op termijn ook weggehaald moeten worden.

Er brak bijna een opstand uit. En paniek, want blijkbaar waren we de afgelopen jaren in Groot Gevaar geweest! Ik googlede vast naar hooivorken en een collega zocht naar een geheime plek om onze waterkoker te verbergen op het moment dat de Waterkokergestapo langs zou komen.

Maar onze onvrede had blijkbaar toch een intimiderende werking gehad op de facilitaire collega’s, want in november volgde uiteindelijk het verlossende bericht dat er ‘in het eerste kwartaal’ een automaat terug zou komen! Begin 2026 zou er namelijk een ander pand leeggeruimd worden (vanwege bezuinigingen, what else) en de automaat die daar stond, zou dan naar ons gebouw komen. Nog even een paar maandjes doorbikkelen dus, maar er hing een wortel voor onze neus. En onze waterkoker mocht blijven staan. “Eind goed, al goed”, meldde ons secretariaat naïef.

Volgens mij heeft geen enkel ander Teamsbericht ooit zoveel smilies gegenereerd als deze XP

Aangezien de gemoederen tot bedaren waren gebracht, beperkten we de rebellie tot het zelf aanschaffen van een Senseo-apparaat, zodat onze blinde medewerker in ieder geval in de overbruggingsperiode op een menselijke manier (nou ja, het blijft Senseo) aan zijn bakkie pleur kon komen. En het secretariaat zou supermarktbezoekjes plegen om voor theezakjes op onze afdeling te zorgen.

In de tussentijd hielden we ons bezig met advies geven over verdere optimalisatie van de koffie-klantreis. Zoals het verzoek van een collega of er ook een knop kon komen voor een dubbele portie, want het achter elkaar moeten tanken van meerdere Haagse bakjes om onze mokken te vullen (met dus steeds opnieuw moeten aanmelden via je medewerkerspas) zorgde voor onnodige opstoppingen in de pantries. De reacties erop waren zoals te verwachten was.

Maar goed. Op 12 maart werd dan eindelijk De Komst van De Vervangende Koffie-automaat aangekondigd!! Vol spanning hielden we onze blikken op de pantry.
Maar die middag stond er nog steeds geen apparaat. Ons secretariaat waagde er een telefoontje aan. Het antwoord: “Ja, het is nog geen 5 uur, je weet niet wat er vandaag nog allemaal gaat gebeuren.” Nou, aan het eind van de dag wisten we zeker dat er niks gebeurde.

Op 17 maart werd gemeld dat hij ‘hopelijk vandaag’ zou komen. We hoopten tevergeefs.

Op 25 maart werd ons medegedeeld dat hij op 30 maart zou worden geplaatst. Niet verrassend werd er met enige scepsis op het bericht gereageerd. En niet voor niets, want ook die dag… gebeurde er niets.

In de tussentijd waren er wel andere ontwikkelingen. Op 26 maart bereikte ons het bericht dat er Qookers in de pantries zouden worden geplaatst. Hoera, want gezien de frequentie waarmee onze waterkoker wordt gebruikt, hadden we daar al jaren geleden om gevraagd. Een Qooker is in ons geval namelijk duurzamer dan een waterkoker en bovendien scheelt het steeds wachten totdat het water kookt. Maar ik juichte te vroeg, want vervolgens las ik dat ze op de 1e en 2e verdieping zouden worden geplaatst.
Dus… niet bij ons op de 3e verdieping, vroeg ik?
Nee, niet bij ons. Want wij zouden immers op de 30e een koffie-automaat gaan krijgen. En die geeft ook heet water, daar betaalden ze Douwe Egberts voor.
Maar… op de andere verdiepingen hebben ze toch ook koffie-automaten? Bovendien: ik ken niemand die heet water uit een koffie-automaat gebruikt om thee mee te zetten, want: ranzig.
Ja, maar het ging om de pantries in de vleugels van het gebouw waar de koffie-automaat niet staat (er staat één automaat per verdieping en iedere verdieping heeft 2 pantries). De medewerkers  in die vleugel moeten nu namelijk helemaal naar de andere vleugel lopen om hun koffie te halen, en op deze manier wilden ze hen een beetje tegemoet komen, was het antwoord.
Ik ontplofte bijna. Maar wist op een nette manier te formuleren dat die redenatie enigszins naar overkwam, aangezien ze van ons hadden verwacht dat we niet alleen helemaal naar een andere vleugel, maar óók nog eens naar een andere verdieping gingen lopen voor koffie.
Dat begreep de collega. Maar die automaat zou er toch alsnog gaan komen? Uit kostenoverweging hadden ze nu eenmaal besloten om in de pantries waar wel een automaat stond, niet ook nog een Qooker te plaatsen.
Daar konden we het mee doen.

Maar hee, vooralsnog werd onze illegale, levensgevaarlijke waterkoker gedoogd, dus count your blessings ofzo?

Op 31 maart kwam er een nieuw bericht, dat de automaat de dag erna zou komen. Maar ja, die datum van plaatsing was niet optimaal gekozen…

We wachtten die dag desondanks wederom in spanning af. Er leek wéér niets te gebeuren. Maar! Het bleek toch geen 1-aprilgrap te zijn, want een half uur voor het eind van de werkdag werd hij dan daadwerkelijk geplaatst! Hoezee!! Gelukkig hadden we slingers liggen om de volgende ochtend onze blijdschap te demonstreren.

Wel een beetje jammer dat onze blinde medewerker deze automaat niet bleek te kunnen gebruiken vanwege het touchscreen, de hoeveelheid opties en de noodzaak tot swipen.

Niet veel later die dag:

R.I.P. koffie-automaat. Het waren drie fantastische uren.

Het verschrikkelijke sneeuwkostuum

Het was er gisteren weer tijd voor: de traditionele kerstborrel op kantoor! Alwaar ik traditiegetrouw verschijn in een ridicule kerstoutfit.

Vorig jaar hadden ze voor het eerst een dresscode en die herhaalden ze dit jaar weer: “glitter & glamour”. (Waarschijnlijk omdat een van de organiserende collega’s vorig jaar haar glitterjurk per ongeluk thuis had laten liggen en dit jaar een tweede poging wilde doen om er de blits in te maken. :P ) Net als vorig jaar had ik al lang een outfit in gedachten voordat ze het thema aankondigden, dus ook dit jaar trok ik me er niks vanaan en ging ik mijn eigen gang.

De outfit van dit jaar was weer eentje in de categorie ‘briljante ideeën – maar niet heus’.  :roll: Ik had namelijk bedacht dat ik als sneeuwpop zou gaan. Met een soort van hoepel om me heen, om de ronde vorm te krijgen. Hilarisch én een leuke uitdaging voor mijn coupeuse-vaardigheden, toch? Ik zou dit jaar wel proberen de kosten wat binnen de perken te houden, want het moest wel leuk blijven.

Ik had recentelijk wat stoffen en fournituren gedoneerd gekregen en daartussen zat een restlapje witte stof met een lichte glans erin die me hier uitstekend geschikt voor leek. Zou er genoeg van zijn? Het ging erom spannen. Ik maakte een hoepel van een rol kunststof baleinen die ik nog had liggen, om de gewenste heupomvang te krijgen. Vervolgens tekende ik het patroon, en wat denk je: als ik de stof op twee verschillende manieren vouwde, paste het er nét op!! Nou ja, officieel net niét, maar aangezien het geen examenopdracht was kon ik ook wel wegkomen met her en der wat zeer smalle naadjes, leek me.  :roll:

Ik was blij, want het tekenen was me makkelijk af gegaan. Hoezee, dit is waar ik die opleiding voor doe! Zodat ik de bijzondere ideeën in mijn hoofd in praktijk kan brengen, zonder volledig van trial-and-error (en dus frustratie en veel te veel tijd erin stoppen) afhankelijk te zijn!

De vreugde duurde niet lang. Toen ik de boel in elkaar zette, bleek dat ik niet goed had opgelet en zowel het voor- als achterpand bij de heupen de volledige hoepelomtrek breed had gemaakt, in plaats van de helft ervan. Waardoor die dus veel te wijd was voor de hoepel. Snik. Bij het zien van de patroontekening had me eigenlijk al een lichtje op moeten gaan, maar laten we maar zeggen dat ik gewend ben aan Victoriaanse hoepelrokken en dus niet opkijk van een patroon met een omtrek van 3 meter…  :oops:

Op zich was het patroon makkelijk te corrigeren, maar ik had niet genoeg stof over om die patroondelen opnieuw te knippen. Gedemotiveerd flikkerde ik het maaksel in een hoek.

De volgende dag hervond ik de moed om eraan verder te gaan (vooral ingegeven door een gebrek aan alternatieven en een naderende deadline) en besloot ik dat het leuk was dat ik de basis (grotendeels) coupeusetechnisch correct had gedaan, maar dat ik nu weer overging op ye olde improvisation skills. Waardoor ik nieuwe patroondelen van min of meer de juiste vorm uit de oude patroondelen knipte, die min of meer in elkaar pasten, die absoluut niet recht van draad waren en ook nog eens een extra naad middenvoor en middenachter hadden.
Ik naaide de boel in elkaar en… oh ja, daarom moet je dus niet vergeten de coupenaad 2 cm te verkorten. Ook stak de hoepel wel heel prominent uit en werd het niet zo’n ronde vorm als ik had gehoopt. Snik.

Het enige waar ik blij mee was, was dat mijn plan om elastiek in de taille en de zoom te doen zodat ik het ding zonder een ingebouwde sluiting over mijn hoofd kon aantrekken terwijl er toch vorm in zat én ik erin zou kunnen lopen, werkte. Maar dit zag er desondanks niet uit en het ding was niet op zichzelf draagbaar als sneeuwpopkostuum.

Gelukkig had ik nog een troef achter de hand. Ik had namelijk al eerder overwogen om watten te gebruiken om sneeuw te verbeelden. Dat idee had ik laten vallen, omdat ik vooraf al wist dat het een onzalig plan was. Stel je voor: het héle kostuum bedekken met watten… wat een werk. Bovendien zou het resulteren in het overal op kantoor achterlaten van wattenpluis, aangezien watten geen consistent geheel vormen.

Maar hee, nood breekt wet, en dus werd het onzalige plan alsnog toegepast. Bij het Kruidvat scoorde ik zigzagwatten voor 1 euro per zak (dit sloot nog steeds prima aan bij de voorwaarde dat het kostuum goedkoop moest blijven) en ging ik aan de slag.

Helaas bleken de zigzagwatten geen doorlopende strook te zijn die in de vorm van een zigzag was gevouwen, maar zaten er voorgeperforeerde openingen in zodat je er makkelijk lapjes vanaf kon scheuren. Waardoor ik een soort van lapjesdeken moest gaan creëeren. Zucht, dat kon er ook nog wel bij.

Het vastnaaien van al die individuele lapjes leek me veel te veel tijd gaan kosten, dus ik besloot mijn gloednieuwe glue gun in te zetten. Geloof het of niet: ik had nog nooit eerder met een glue gun gewerkt! De meeste creatievelingen zweren bij het ding, maar ik werk toch liever met naald en draad, houtlijm, pritt, of ander spul om dingen aan elkaar te bevestigen. Maar voor dit project leek het me de meest effectieve én snelste methode. Dus warme ik de eerste lijmstick op en ging ik aan de plak.

Pfff, dat was niet het makkelijkste karweitje… Zoals ik al vreesde was het lastig om de lapjes watten in hun geheel goed vast te zetten omdat ze uit elkaar bleven vallen. Bovendien bleek die glue gun lijmsticks te VRETEN! Na een paar lapjes lijmen was ik al door de eerste stick heen. Ik bekeek de to do-stapel. Dat ging ik niet redden met mijn voorraad… en ik snapte ook gelijk het verdienmodel van de glue gun-producenten.

Toch bleef ik moedig doorzetten. Dit ding moest en zou nu af komen, ik had geen andere opties meer en ik was nu toch al eraan begonnen.

Watch out – I have a glue gun and I’m not afraid to use it!!

Inderdaad moest ik halverwege, onder het wattenpluis zittend, naar de bouwmarkt om nieuwe lijmsticks te halen. Maar 2 pakken watten en 14 lijmsticks verder zat het dan eindelijk allemaal op de stoffen basis!

Bij die donatie hadden ook een hoop knopen gezeten, waaronder enkele grote zwarte, die uitstekend geschikt waren voor een sneeuwpop, dus naaide ik die tegen de voorkant van de outfit.
Mijn ingeving dat ik tule zou kunnen gebruiken om het heupdeel van de outfit op te vullen, zodat die meer in een ronde vorm ging staan, bleek te werken. En met wat accessoires zoals een hoedje en sjaal, ging het geheel daadwerkelijk lijken op wat ik vooraf in mijn hoofd had gehad!

Als finishing touch deed ik een groen/rood bandje om de hoed en maakte ik ook nog een wortel van karton voor op mijn neus, die ik met een markeerstift oranje kleurde. Klaar!!

Mooi en netjes gemaakt? Nope. Hilarisch, draagbaar en op tijd af? Hell yeah!!  8-)

Kosten: €10,40 (de stof en de knopen waren dus een donatie, het baleinband, garen en elastiek had ik nog liggen, de watten waren slechts 2 euro, maar die friggin glue sticks kostten me verdorie toch nog €8,40!  :x )

 

En toen de borrel nog. Omdat ik vermoedde dat het kostuum geen lang leven was beschoren en ik bovendien vast niet praktisch ermee in een bureaustoel kon zitten, opteerde ik ervoor om hem pas vlak voor de borrel aan te trekken en initieel in een gewone kersttrui naar kantoor te komen. Veel collega’s kleden zich pas vlak voor de borrel om.  Afhankelijk van het type kostuum verscheen ik afgelopen jaren soms gelijk, soms pas later in mijn kerstborreltenue. Maar de jaren dat ik het later pas aantrok, had ik daarvoor iets ‘gewoons’ aan. Ik was dus benieuwd of mensen zouden denken dat mijn kersttrui mijn outfit van dit jaar was.

En ja hoor, bij binnenkomst op kantoor kreeg ik gelijk reacties!
Collega’s, enthousiast: “Zit je kerstborreloutfit in die tas?”
Ik: “Nee, dat zijn boodschappen.”
*verwarde en twijfelende blikken*
Ik trek mijn jas uit.
Collega, aarzelend: “Heb je die trui zelfgemaakt?”
Ik: “Nee, die is gewoon gekocht. Ik ben niet zo goed in breien.”
Collega: “Dan is dat niet je echte outfit! Toch…?”

En zo ging het de hele dag door: twijfelende blikken naar mijn kersttrui en vervolgens de vraag of ik me later nog om ging kleden?

Het is wel duidelijk dat ik écht niet meer wegkom met een standaard kerstoutfit, de verwachtingen zijn te hoog!

Collega: “Wat ga je straks dragen? Ik had mijn dochter vorig jaar verteld over dat ik een collega heb die zich altijd bijzonder aankleedt tijdens de kerstborrel, dus die vraagt nu al dagen of die collega haar outfit al heeft gedragen en wat dat dit jaar dan was!”

Maar eindelijk was het dan 3 uur en toog ik naar het toilet om me om te kleden. Waarna ik gelijk een spoor van watten naar mijn werkplek achterliet.  :roll:

Het kostuum werd enthousiast ontvangen! Maar ik denk dat ik net zoveel bewondering heb geoogst voor het feit dat ik die wortel het grootste deel van de borrel op heb gehouden, als dat ik het kostuum zelfgemaakt had…  :lol:

De borrel was gezellig, er waren meerdere quiz-achtige activiteiten, en ik won de tweede prijs bij de kostuumwedstrijd! De eerste ging naar iemand die daadwerkelijk in het glitter & glamour-thema was gekleed (een mooie galajurk) en ik vond dat helemaal niet erg, want ik doe het niet voor de prijs en ik zou het juist vervelend vinden om jaarlijks te winnen. Mijn insteek blijft: ik wil er zelf plezier aan hebben en ik wil mijn collega’s stimuleren om ook in maffe outfits te komen!

Toen de borrel om 8 uur eindigde, lag de vloer weliswaar bezaaid met stukjes watten en bleek ik op diverse mensen hun kleding te hebben afgegeven, maar mijn kostuum was bij lange na niet zo kaal als ik had gevreesd. En ja, ik heb netjes helpen vegen voordat ik naar huis ging.  ;)

Staking hoger onderwijs – deel 2

In maart gingen we al massaal de straat op tijdens een estafettestaking tegen de bezuinigingen in het hoger onderwijs. Gisteren probeerden we nogmaals de aanstaande regering ervan te overtuigen dat die bezuinigingen moeten worden teruggedraaid en niet in de nieuwe begroting opgenomen moeten worden. Daarvoor trokken we ditmaal naar de Dam in Amsterdam.

De FNV had een dubbeldekkerbus geregeld, zodat we met medewerkers en studenten met z’n allen vanaf de campus konden vertrekken en comfortabel (en gratis) naar Amsterdam werden getransporteerd. Zéér comfortabel zelfs, want er waren ook snacks voor onderweg geregeld!

Ik had ditmaal zelf geen protestbordje voorbereid, maar uiteraard maakten we ons onderweg nuttig door te helpen diverse bordjes te beschrijven, zodat wij en onze collega’s daar gebruik van konden maken.

Volgens de organisatie waren er zo’n 7.000 man op de demonstratie aanwezig. Van veel onderwijsmensen hoorden we dat collega’s niet waren gaan staken omdat ze nog zoveel werk te doen hadden. Typisch voor het onderwijs. En ook het rare aan deze staking: normaal gesproken staak je om je werkgever ergens toe te bewegen, maar de universiteiten en hogescholen staan hier allemaal achter en we willen juist de regering laten weten dat we juist méér ipv minder geld nodig hebben. En tsja, dan wil je niet je werkgever, je studenten of je collega’s in de steek laten door hen meer werk te bezorgen. En je wil ook niet jezelf nog meer werk bezorgen terwijl je werkdruk al veel te hoog is, want wat je vandaag niet doet, ligt morgen gewoon nog op je te wachten…

Na het programma op de Dam hebben we een rondje door de stad gelopen. Het verliep voor zover ik kon beoordelen allemaal heel gemoedelijk, zonder incidenten.

Ik heb er helaas weinig tot niks van in het nieuws teruggezien. Hopelijk heeft de staking toch impact gehad, al vrees ik dat er helemaal niks gaat veranderen.  :(

De dag was in ieder geval voor mij persoonlijk geslaagd, want ik heb diverse collega’s ontmoet van andere afdelingen, waaronder iemand die ook Alice in Wonderland-liefhebber is!  :D
Al had ik achteraf gezien misschien toch beter kunnen dokken voor een treinkaartje, want de bus stond zwaar in de file waardoor ik die avond te laat kwam op naailes. Je moet wat overhebben voor het onderwijs…

Mijn mijlpaal

Ik krijg wel eens te horen dat ik altijd focus op de dingen die niet goed gaan, en nooit iets zeg over wat wél goed gaat. Dus ik besloot vandaag een voor mij belangrijke mijlpaal op het werk te vieren.

Na jaren lobbyen en hard werken is vandaag namelijk het nieuwe ontwerp van onze homepage en een nieuwe navigatie van de website live gegaan. Voorheen hadden we o.a. een zogenaamd ‘hamburgermenu’, oftewel zo’n knopje met 3 streepjes waar je op moet klikken om het menu open te klappen. Fijn ruimtebesparend op mobiele telefoons, maar niet aan te raden op de desktopversie van een website. Want als bezoekers de items in het menu niet direct zien, gaan ze vaak gewoon scrollen over de pagina en dan zien ze lang niet alle belangrijke opties. Zoals de linkjes naar pagina’s met informatie speciaal voor onze studenten en medewerkers:

Nu hebben we eindelijk een menu waarin alle hoofdmenu-items direct zichtbaar zijn, en de linkjes naar de doelgroepspecifieke informatie op een speciale plek worden uitgelicht:

Hoera dus! Maar het was geen traject zonder frustraties. Want dat een hamburgermenu niet optimaal werkt, wist ik al toen we in 2019 nog in de ontwerpfase van de website zaten. Algemene kennis binnen mijn vakgebied. Maar er werd niet naar me geluisterd.

Toen we 6 jaar geleden begonnen te werken aan een compleet nieuwe website, maakte ik een opzet voor de navigatie. Die min of meer overeen kwam met wat er nu live is gezet. Daar werd niets mee gedaan. In plaats daarvan werd een extern bureau ingeschakeld voor een algeheel concept en een visueel ontwerp. Dat ontwerp kreeg ik pas laat onder ogen, en toen ik aangaf dat dat hamburgermenu dat ze bedacht hadden moest worden vervangen door een zichtbaar menu, en dat de linkjes voor de specifieke doelgroepen los van het hoofdmenu getoond moesten worden, kreeg ik van mijn manager te horen dat ze nu al te ver in het ontwerpproces zaten en dat dit gewoon doorgevoerd ging worden.

Daar protesteerde ik uiteraard hevig tegen. Na enkele resultaatloze overleggen werd me als concessie beloofd dat, wanneer in praktijk zou blijken dat het hamburgermenu niet goed werkte, we het alsnog konden herbouwen. Ja da-hag, ik wist precies hoe dat zou gaan: ik zou aantonen dat het niet werkte en vervolgens zou ik te horen krijgen dat er nu al veel tijd, geld en moeite in de site was gestopt en dat er op dat moment andere prioriteiten waren. Maar nee, hield mijn manager vol, zou zou het niet gaan.

Zo ging het uiteraard exact.

Ik initieer jaarlijks testen met echte gebruikers van onze website, waarin ik hen opdrachten laat uitvoeren en dan observeer wat er goed en niet goed gaat. Al vanaf het begin was het duidelijk dat veel mensen het menu op de desktopsite gewoon oversloegen. Ieder jaar kaartte ik het opnieuw aan. Ik knipte relevante fragmentjes uit de opnames en maakte meerdere compilatievideo’s, in het kader van ‘show, don’t tell’. Waarna het twee jaar achter elkaar gebeurde dat mijn manager bij het bespreken van de resultaten, doodleuk zei dat hij de filmpjes niet had bekeken en alleen het bijbehorende adviesrapport had doorgenomen.

Uiteindelijk vond ik een ‘window of opportunity’ om de navigatie toch aan de kaak te stellen: inmiddels waren meerdere collega’s ervan overtuigd geraakt dat er meerdere dingen mis waren met de indeling van de homepage, en aangezien het een groot project ging worden om e.e.a. recht te trekken en er ook wat visual design elementen anders moesten, combineerden we het met het herzien van de navigatie. Hoezee? Nou, bijna.

In het projectteam zat, naast ikzelf, die manager en de visual designer. Beiden leken vooral het doel te hebben dat het nieuwe ontwerp ‘mooi’ moest worden. User experience-specialisten wordt vaak verweten dat ze een mooi uiterlijk van de site niet belangrijk vinden, maar dat is natuurlijk niet zo – wij zien een mooi visueel ontwerp als één van de factoren die je nodig hebt om een goede gebruikerservaring te creëren. ‘Mooi’ is daarbij nooit het einddoel, maar een middel dat je inzet. En soms gaat ‘mooi’ ten koste van andere factoren die op dat moment belangrijker zijn om een goede ervaring te creëren – zoals snappen waar je heen moet om de informatie die je nodig hebt te vinden. De visual designer zag dat uiteraard anders, en mijn manager bleef volhouden dat het oorspronkelijke concept achter de website was dat het ‘clean’ moest zijn, en dat al die extra elementen dat teniet zouden doen, en dat er weliswaar allerlei verbeteringen doorgevoerd mochten worden, maar dat het hamburgermenu moest blijven.

Het leek erop dat we in een impasse waren beland. Of eigenlijk niet, want het probleem is dat mijn manager feitelijk een soort meewerkend voorman is, en dus zowel inhoudelijk meedenkt als besluiten neemt. Ik vreesde dat deze ‘window of opportunity’ aan mij voorbij zou gaan en ik weer 5 jaar moest wachten op een kans om wijzigingen in de navigatie van de site door te voeren.

Maar eindelijk was het geluk aan mijn kant: vanuit de organisatie was er frustratie over de vindbaarheid van de content voor studenten ontstaan. Zo erg dat er een ‘brandbrief’ naar onze divisie was gestuurd door diverse medewerkers die met studenten te maken hebben. Daar moest ons MT dus iets mee. Ik tipte de manager van mijn manager dat we bezig waren met dit herontwerp, en dat het beter zichtbaar maken van de linkjes naar studenteninformatie zou kunnen bijdragen aan het oplossen van dit probleem. Lo and behold – de manager van mijn manager vond dit een no brainer en legde binnen een week ofzo op dat deze doelgroeplinkjes er moesten komen. Victorie!!

Toen waren we er nog steeds niet, want de vraag was vervolgens: in welke vorm? Na weer een hoop discussies kwamen we uit op twee verschillende ontwerpen die we gingen testen met gebruikers: eentje zoals door mij voorgesteld en eentje met een concessie, waarbij de linkjes voor de doelgroepen verstopt waren achter een uitklapmenuutje met het label “Informatie voor”.

Niet geheel verrassend (voor mij) bleek mijn versie het meest in de smaak te vallen bij de respondenten. (Eentje zei zelfs letterlijk uit zichzelf dat het ontwerp er ‘clean’ uitzag… *gniffel*).

Dus toen was de kogel door de kerk en werd opdracht aan ons technische team gegeven om een menu te bouwen waarin alle hoofdmenu- en doelgroeplinkjes direct zichtbaar waren. Dat ontwerp is vandaag eindelijk live gegaan. Een grote victorie dus, na 6 jaar lobby!

Maar leuk was het dus niet. Dit project geeft heel duidelijk weer hoe mijn werk standaard verloopt: Ik weet vanuit mijn vakgebied hoe dingen beter kunnen, en daarin heb ik inhoudelijk meestal gelijk, maar ik krijg stakeholders niet mee. Ten eerste omdat mensen meekrijgen niet mijn persoonlijke forte is. Ten tweede omdat mijn vakgebied niet als relevant genoeg wordt gezien en men vaak geen idee heeft wat je eigenlijk doet als het gaat om user experience / gebruiksgemak of hoe groot de effecten ervan zijn, terwijl een visueel ontwerp voor iedereen zichtbaar is en iedereen wel een mening kan formuleren over of iets ‘mooi’ is of niet.

Dat laatste merkte ik ook weer toen het nieuwe ontwerp werd gepresenteerd aan het team. De visual designer kreeg gelijk complimenten dat het er zo mooi uitzag en er werd taart geregeld voor de front-end designer die de afgelopen week keihard had gewerkt om dit doorgevoerd te krijgen. Allemaal heel terechte complimenten hoor. Maar slechts weinigen beseften dat er, voordat dit gemaakt kon worden, iemand op het idee moest zijn gekomen dat de oude situatie niet goed was. Die dat is gaan testen. Die mock-ups heeft gemaakt voor een nieuwe indeling en die heeft getest. Die input heeft geleverd voor wat er precies visueel ontworpen moest worden en wat er door het technische team gebouwd moest worden.

En misschien nog frustrerender: na 6 jaar lang tegen muren aan te zijn gelopen, vindt iedereen die met dit nieuwe ontwerp bezig is geweest (behalve mijn manager) het ineens superlogisch dat dit een verbetering is die doorgevoerd moest worden. En denkt iedereen die eraan mee heeft gewerkt, dat het mede diens idee en initiatief was. Maar verreweg de meeste verbeterpunten in het ontwerp komen uit mijn koker. En had de manager van mijn manager het menu niet geakkoordeerd door even met z’n vuist op tafel te slaan en daarmee alle discussie te beëindigen, dan was het er nooit gekomen.

Dus vond ik dat ik een goede reden had om dit succes expliciet en zichtbaar te vieren. Ik wilde daarom een traktatie voor alle collega’s van mijn divisie kopen. Maar teamgenoten hadden het ook al over iets doen om dit te vieren, en om te voorkomen dat er straks meerdere traktaties tegelijk zouden zijn, moest ik het wel met hen afstemmen. Waardoor mijn traktatie, onze traktatie werd, die ik namens het team zou regelen. Nou ja, ik had er sowieso toch niet bij kunnen zeggen wat dit proces voor mij heeft betekend, aangezien het een enorme ‘I told you so’ is, wat je natuurlijk niet hoort te communiceren op zo’n moment als dit – nu hoor je leuk en lief en positief te zijn en alle anderen die eraan mee hebben gewerkt, te complimenteren. Maar toch, hè…

Ik zou ik niet zijn als ik niet creatief met de situatie om zou gaan. Dus kocht ik vanochtend 3 dozen slagroomsoesjes en eetbare decoratiestiften bij de supermarkt en zette ik Richard en mijzelf aan het werk.

(Inmiddels is Richard vaak genoeg betrokken geraakt bij mijn wilde plannen en heb ik hem vaak genoeg voor mij gewaarschuwd om te weten waar hij aan begint, maar hij is nog steeds niet hard weggerend. Duidelijk de man voor mij! <3 )

En dus werden mijn collega’s vanochtend getrakteerd op soesjes voorzien van… een hamburgermenu met een rode streep erdoor!  :twisted:

Mijn collega’s konden erg lachen om mijn statement-traktatie. Mijn manager lachte als een boer met kiespijn.

Ja, ik besef terdege dat het menu van een universitaire website in Het Geheel der Dingen geen ene moer uitmaakt en het eigenlijk niet waard is me er zo druk over te maken. Maar in kantoorpolitiek moet je je wins af en toe op deze manier vieren om je mentale gezondheid te behouden.

(Disclaimer: mijn manager komt nu erg negatief over in deze post, maar over het algemeen kan ik het prima met hem vinden en waardeert en tolereert hij mijn eigenzinnigheid juist. Alleen hebben we in dit project echt heel erg geclashed en ik vind het nog steeds lastig begrijpen waarom hij deze verandering zo expliciet heeft geprobeerd te blokkeren.)

De campussafari

Afgelopen week was de jaarlijkse zomerborrel van onze divisie. Andere jaren gingen we daarvoor traditioneel naar een horecagelegenheid in het centrum, maar ja, bezuinigingen, dus we zijn nu verplicht om alle uitjes op de campus te laten plaatsvinden en onze eigen interne catering in te huren. Dus werd het het terras van de Refter. Oh well.

Gelukkig had het organisatieteam bedacht dat we een uurtje voorafgaand aan die borrel ook nog wel even wat leuks konden gaan doen. Fijn, want ik heb een hekel aan met een glas drinken in mijn hand over koetjes en kalfjes te moeten leuteren met mensen waar ik weinig mee heb, terwijl de muziek veel te hard staat om een fatsoenlijk gesprek te kunnen voeren.

Recentelijk hadden we als onderdeel van een werkbijeenkomst, onder andere een bijzondere rondleiding door de universiteitsbibliotheek gekregen. Dat initiatief viel blijkbaar dermate in de smaak dat er nu weer vergelijkbare keuze-opties werden aangeboden: een lesje tai chi of yoga op het sportcentrum, een rondleiding door de Virtual Reality-room (onderdeel van een van onze Extended Reality-onderzoekslaboratoria), of een heuse ‘campussafari’, oftewel een rondleiding over de campus door een van onze promovendi in de ecologie, die vanalles kon vertellen over alle dieren en planten die er leven. Ik opteerde voor het laatste.

Ik werd niet teleurgesteld. De man was superenthousiast over alles en vertelde het ook op een zeer aanstekelijke manier. En hij was geheel in stijl uitgedost: met verrekijker én schepnetje!  :lol:

Nou ga ik altijd wandelen in de lunchpauzes, dus ik heb al veel van de campus gezien, maar ik had nooit ontdekt dat er achter een gebouw een complete tuin met zeldzame planten te vinden was! Ook had ik geen idee hoeveel verschillende soorten grassen er bestaan en in onze veldjes kunnen groeien… Het was dus niet alleen leuk, maar ook leerzaam.

Hoewel er ook enorm veel dieren op de campus leven (ik heb al eens vlak naast ons gebouw een hert gezien!), lag de focus van de rondleiding op plantjes. Desondanks spotte ik op mijn weg terug naar de fietsenstalling (om half 6 heb ik me al bij de borrel uit de voeten gemaakt) toevallig dit schattige mini-kikkertje… <3

Wil je ook op campussafari? Dat kan digitaal, want de gids in kwestie heeft in het verleden diverse korte video’s voor ons opgenomen!  :D

 

Een bijzondere rondleiding

Vanmiddag hadden we een ‘kolombijeenkomst’ op het werk, oftewel een bijeenkomst van alle marketingafdelingen binnen de universiteit. (Ja, dat zijn er nogal wat. Ik werk bij de centrale divisie, maar er zijn ook marketing- & communicatieafdelingen bij faculteiten, onderzoeksinstituten en faciliteiten zoals de bibliotheek.) Doorgaans zijn die bijeenkomsten nogal suf en saai, maar ze hadden er ditmaal echt iets leuks van weten te maken!

Nou ja, het begon met een verhaal van twee directeuren over de aankomende bezuinigingen en dat dat mogelijk een reorganisatie met ontslagen kan betekenen, maar dat was helaas niks nieuws.

Na twee presentaties en een klein workshopje waarin we cases behandelden om er verschillende communicatie-strategieën voor een verandertraject op toe te passen, startte de volgende ronde. Daarvoor hadden we vooraf uit diverse opties kunnen kiezen en het betrof allemaal rondleidingen op bijzondere plekken op de campus. Zoals een bezoek aan het helikopterdek van het ziekenhuis (hoog!), het anatomisch museum (yuck… die herinnerde ik me nog van mijn introductietijd), de sterrenkijk-telescopen (toch beter om een keertje ‘s avonds in het donker te doen), of bijzondere plekken in de universiteitsbibliotheek. Ik opteerde, als een van de weinigen, voor het laatste, mede omdat je daar anders écht nooit komt.

We werden onder andere door een ondergrondse gang onder het pand, onder de grote weg door, naar een ander pand op de campus geleid, waar vroeger via een mechanisch systeem de opgevraagde boeken via een karretje op een rail van de ene naar de andere plek werden getransporteerd. We zagen ook ‘de wokkel’, oftewel de schacht waar aangevraagde boeken vanaf een hogere verdieping in werden gegooid zodat ze naar de benedenverdieping gleden (helaas mocht ik die niet als glijbaan gebruiken, hoewel volgens onze gids één van hun medewerkers dat daadwerkelijk een keer had uitgeprobeerd, en mijn communicatie-collega’s recentelijk nog een knuffelbeer met camera via het ding naar beneden hadden gestuurd).

Verder bezochten we een normaal gesproken ook niet toegankelijke verdieping waar alle zéér oude boeken werden bewaard (de op één na waardevolste boeken, volgens de gids – de meest waardevolle lagen helaas in een kluis). Oftewel: rekken en rekken vol middeleeuwse pareltjes!  :o

:lol:

Vervolgens gingen we naar de Studiezaal Erfgoedcollecties, waar een conservator enkele bijzondere exemplaren voor ons klaar had gelegd. Kijk nou naar dat gebedenboekje en die koorbundel!!

Ik snap dat niet al mijn collega’s dit uitje kozen, maar mijn middag was geslaagd! ^_^

 

Vandaag staak ik

Vandaag staak ik.

Veel medewerkers en studenten van de Radboud Universiteit staken vandaag als onderdeel van een landelijke estafettestaking van hoger onderwijsinstellingen, tegen de door ons kabinet geplande enorme en desastreuze bezuinigingen op onderwijs en onderzoek.

Kennis is mijns inziens de basis voor een welvarende samenleving. Alleen door te begrijpen hoe de wereld in elkaar zit, kunnen we als een maatschappij vooruit komen.

Het kabinet heeft het in haar plannen veelvuldig over innovatie, maar zonder opgeleide mensen die onderzoek doen, kan onze economie het gevoeglijk vergeten. Dus waarom zou je bezuinigen op juist dat wat je wil stimuleren?

Nou boeit mij persoonlijk de economie niet het meeste. Ik staak vooral om een signaal af te geven tegen de trend die we momenteel in de wereld zien, die in Nederland helaas gekopieerd dreigt te worden. Trump kondigde bijvoorbeeld ook al aan flink te gaan bezuinigen op het Department of Education. Want vergis je niet: de Nederlandse bezuinigingen zijn echt niet cruciaal voor de begroting. Het achterliggende idee is dat onderwijs niet belangrijk is. Sterker nog: de rechts-extremistische populisten zijn gebaat bij mensen die niet meer zelf kritisch kunnen nadenken. Die ‘fake news’ slikken en niet meer onderscheid kunnen maken tussen de echte feiten en ‘alternative facts’. Mensen die niet meer kunnen aantonen dat de klimaatcrisis en andere dingen die hen niet uitkomen, wel degelijk bestaan.

Bezuinigingen op onderwijs en onderzoek kan een volgend kabinet ook niet zomaar ongedaan maken. Deze bezuinigingen gaan vele jaren doorwerken.

Daarom staak ik. En ik hoop dat de rest van Nederland achter me staat.

Kerstjurkje

Gistermiddag/-avond hadden we weer een kerstborrel op het werk. Ik ga ieder jaar in een maffe outfit. Ik weet niet meer precies wanneer dat ooit begonnen is, maar volgens mij startte ik met kerstbaloorbellen, evolueerde het naar een diadeem met rendiergewei, en daarna liep het dermate uit de hand dat ik de avond ervoor nog even een complete outfit in elkaar stond te naaien of fröbelen. Niets netjes of coupeusetechnisch verantwoord, maar gewoon lekker hilarisch. Het hoefde niet mooi gemaakt te zijn, de grap was deels dat het snel in elkaar was geflanst.

Mijn kerstborreloutfits zijn inmiddels een begrip op kantoor. Iedereen speculeert jaarlijks over wat ik nu weer aan zal trekken. Afgelopen Halloween kreeg ik zelfs een teleurgestelde blik van een collega, omdat die had verwacht dat ik ook op die dag verkleed naar kantoor zou komen. Ik bedoel maar. :P

Maar zoals alle dingen die uit de hand lopen, liep ook dit te ver uit de hand.

Dit jaar had ik namelijk bedacht dat ik een kerstjurkje wilde naaien. Zo eentje gebaseerd op een kerstman-pak, maar dan in de vrouwelijke versie. Dat zou wel flink wat meer (naai)werk betekenen dan andere jaren. Maar, ik moest voor mijn coupeuse-examen toch nog een jurk naaien. Als ik nou slim was, dan combineerde ik het: ik kon gewoon wat nieuw geleerde tekentechnieken in het model van dat jurkje gooien en alles erg netjes naaien, en dan had ik zowel een kerstborreloutfit als een examenopdracht klaar!

Ineens kreeg ik weer zin om te naaien. Het was al veel te lang geleden dat ik gewoon iets leuks voor mezelf had genaaid, ik ben alleen maar bezig met dingen voor die opleiding tekenen en naaien. Je kunt het een beetje vergelijken met lezen voor je lijst: als het moet voor school, dan verlies je de lol erin. Maar nu keek ik eindelijk weer uit naar een naaiproject! Dus schetste ik gelijk een model: met een uitgediepte kraag die ik net had geleerd, een prinsessennaad erin en, waarom ook niet, zowel platte als stolpplooien. En manchetjes van bont.

Ik reed ook meteen naar de winkel om stof te kopen, want als ik enthousiast ben, moet het gelijk gebeuren (en bovendien had ik maar 2 weken tot de borrel…). Helaas hadden ze in de stoffenwinkel verrassend weinig keus. Het was óf velours de panne (NOPE), of een wat dure rode stof. Nou ja, dan die dure maar. Wit bont bleken ze vreemd genoeg helemaal niet te hebben, dus die moest ik online bestellen.

Toen kwam de eerste tegenslag: juf keek me twijfelend aan toen ik mijn plan aan haar voorlegde. Een kerstjurkje? Als examenoutfit? Kon ik niet iets normaals maken?
Mjah.

Tegenslag twee: de kerstborrelcommissie meldde op Teams dat er dit jaar een dresscode was: gala. Niet verplicht, wel leuk, en er was een prijs voor de mooistgeklede collega. Argh, hadden ze dat niet iets eerder kunnen zeggen??

Mijn hoofd ging gelijk op overdrive. Ik kon natuurlijk mijn kerstjurkje verlengen en er een soort Ice Queen-achtige jurk van maken, maar dan in het rood in plaats van ijsblauw, en dan had ik een kerstgalajurk! Misschien meer geaccepteerd op het examen, misschien ook niet, maar in ieder geval passend bij de dresscode. Wel nog iets meer werk ook. Maar ik was nog steeds enthousiast, na mijn initiele teleurstelling.

Het hele patroon dat ik de avond ervoor al had getekend, kiepte ik uit het raam. Zonde van die avond werk, maar hee, je moet wat. De hele ochtend en deel van de middag beziggeweest met het tekenen van een nieuw patroon (er waren wat oepsjes en er moest wat opnieuw). Eindelijk een patroon klaar waarvan ik dacht dat het ging werken. In de auto naar de stoffenwinkel, want ik wist nu hoeveel stof ik bij moest kopen. En toen… hadden ze die stof niet meer, alleen nog het velours de panne. :|

Ik googlede naar de openingstijden van een andere stoffenwinkel, enigszins in de buurt. Die bleek permanent gesloten te zijn.

Ik herinnerde me dat in het centrum van Nijmegen een klein stoffenzaakje zat. Daar naartoe dan maar. Ze hadden ook geen fatsoenlijke rode stof. Wel nicky velours in een mooie rode kleur. Het stretchte aan alle kanten, wat ik niet wilde. Maar het was beter dan velours de panne en het was ook beter dan géén stof. Dus sloeg ik in paniek maar 5 meter van dat spul in. In de auto naar huis had ik er al spijt van.

Eenmaal thuisgekomen bleken er op de eerste anderhalve meter van de stof allemaal verkleuringen te zitten. Onbruikbaar dus.  :cry:

Het via de webshop bestelde witte nepbont was inmiddels ook binnen. Het zag er echt extreem goedkoop uit; op de foto had de kwaliteit veel luxer geleken. Snik.

En zo was het naaiproject waar ik eindelijk weer enthousiast over was, gereduceerd tot iets waar ik wel om kon janken. Inmiddels had ik een complete dag verspild, veel te veel geld uitgegeven aan stof en nog steeds geen concreet werkend plan. Ik flikkerde de boel in een hoek en ging wat anders doen.

De volgende dag keek ik met een poging tot hernieuwde moed opnieuw naar het project. Tsja, ik had in ieder geval genoeg stof liggen voor het oorspronkelijke ontwerp. Dat voldeed dan wel niet aan de dresscode, maar die was optioneel. Bovendien, ik bén de dresscode van de kerstborrel, besloot ik! 8-) Ik baalde wel van het terug moeten naar dat kortere jurkje, want ik had die gala-versie nu al helemaal in mijn hoofd zitten en die had ik veel liever willen maken. Maar met dat lelijke nepbont had ik toch geen echt mooie jurk kunnen maken, dan had ik die ook moeten vervangen door een betere stof. Dus hop, aan de slag met de korte tijd die me nu nog maar resteerde!

Uiteindelijk werd ik toch wel weer blij van dit naaien. Lekker mezelf een paar dagen opsluiten in mijn hobbykamer en er onder de rijgdraadjes en pluisjes weer vandaan komen… mét een zowel zelfgetekende als zelfgenaaide outfit! Het gaf me ook hernieuwde motivatie om de opleiding te blijven volgen, want dit is waar ik het voor doe: ik kan iets dat ik in mijn hoofd heb of op een plaatje zie, reproduceren zonder dat ik allerlei patronen moet kopen en die met gekruiste vingers moet proberen te combineren!

Het resultaat (met bijpassende muts van de restantjes):

Bestede tijd: 28 uur en 45 minuten (exclusief patroontekenen)
Kosten: €42,25 (voor het bont en de rode stof, exclusief het niet gebruikte nicky velours; rode en witte voering en een blinde rits had ik nog liggen)

Uiteraard is er in de haast weer vanalles misgegaan – als je goed kijkt zie je bijvoorbeeld dat de voering van de kraag op de rug er onderuit piept, terwijl ik toch keurig de bovenkraag iets groter had geknipt dan de onderkraag en de voering tegen de naad had gestikt (juf: “Heb je de onderkraag wel verstevigd met vlieseline?” Euh… oeps). De plooien vallen niet optimaal mooi (juf: “De stolpplooien moeten aan weerszijden even breed zijn als de platte plooien, niet in totaal even breed!” Oh ja…) en de naad bij de kraag staat een beetje omhoog (juf: “Heb je ‘m wel ingeknipt en uitgedund?” Shit, ik wíst dat ik iets was vergeten…). En los van deze fouten, is hij definitief afgekeurd als examenjurk, omdat het model te eenvoudig is. Zucht. Maar ik heb er wel weer een hoop van geleerd, dus het was niet nutteloos.

En ondanks alle tegenslag en frustratie had ik de outfit dus toch nog op tijd voor de kerstborrel af! En zowel de borrel als de outfit was weer een daverend succes.  :D  Ik had na de fotoshoot voor mijn blogje ook nog een lichtsnoer op batterijen langs de kraag genaaid voor het extra kersteffect. Tot mijn verbazing was ik de enige met verlichting in de kleding. En niemand bleek in echt gala te zijn gekomen, er was vooral veel glitter en nette pakken. Maar daar word ik ook al heel blij van, want ieder jaar wordt er meer moeite gestoken in de outfits, dus er is een duidelijke trend waar te nemen (waar ik misschien mogelijk een rol in heb gespeeld :roll: )!

Er was dit jaar ook voor het eerst een prijsuitreiking voor de mooiste outfit. Die ging naar mijn collega, die voor de gelegenheid een pak met kerstprint had aangetrokken  :D . Om me heen werd wat gemopperd, want dat was toch niet eerlijk richting mij? Maar ik doe dit niet om iets te winnen, dus ik gunde het mijn collega van harte!
Daarna werd er onverwacht nóg een prijs uitgereikt. Aan ‘iemand die de afgelopen jaren structureel is opgevallen met zelfgemaakte kleding’. En dus kreeg ik… een ‘oeuvreprijs’! Inclusief klein fotootje van mij op de beker  :lol: :lol: :lol: – oftewel, ze hadden dit al lang voor de borrel bedacht (en wilden waarschijnlijk ook een andere collega de kans geven om iets te winnen). <3

Na van 3 tot half 9 te hebben geborreld (!), zit de outfit wel onder de chipskruimels en zijn delen van de manchetten meer roze dan wit. Want OMG – wat geeft deze stof af!!  8O  Ik had ‘m vooraf niet gewassen omdat hij er niet uitzag alsof hij ging krimpen, maar al tijdens het naaien merkte ik dat mijn machine ineens rood uitsloeg en dat ik dat dus beter wel had kunnen doen… Dus nu maar even heel voorzichtig delen van de oufit stuk voor stuk in een teiltje dopen en daarna met gekruiste vingers en veel color-catcher-doekjes in de machine gooien…  :roll:

Instructie-issues

Een van mijn specialismes is de gebruiksvriendelijkheid van websites. Maar dat beperkt zich natuurlijk niet tot websites – op een gegeven moment zie je overal om je heen hoe dingen makkelijker en gebruiksvriendelijker zouden kunnen.

Zo zat ik anderhalve week geleden in de internationale trein vanuit Engeland naar Brussel en vielen me de stickertjes op de wanden van de wagon op.

Ten eerste had ik zowel op de heenweg als terugweg moeite om te bepalen welke stoel de mijne was. Er stond een nummertje op mijn ticket dat makkelijk genoeg terug te vinden was in de coupé, maar moest ik nou aan de raamkant gaan zitten of aan de gangkant…?

Als ik de tijd neem om het plaatje goed te bestuderen, kan ik een theorie vormen over hoe ze dit hebben bedoeld en wat de conclusie moet zijn. Maar in praktijk neem je hier niet de tijd voor: je bent gehaast en gestresst die trein binnengekomen en wil zo snel mogelijk op de juiste plek gaan zitten, omdat je niet met al je bagage het gangpad wil blokkeren voor je medepassagiers.

Dit plaatje had heel makkelijk verduidelijkt kunnen worden met bijvoorbeeld een paar pijltjes:

Volledig stumped was ik echter over de visuele instructie over hoe we geacht werden de noodhamer op het raampje te gebruiken:

En dit moet je dus snel kunnen begrijpen in een noodsituatie?!
Zelfs met volledige aandacht voor deze tekeningen kan ik niet anders dan concluderen dat we achtereenvolgens moeten doen:

  1. Met de hamer op het raam slaan
  2. Nogmaals met de hamer op het raam slaan
  3. Nogmaals met de hamer op het raam slaan
    [het raam repareert zichzelf nu op magische wijze]
  4. De linker bovenhoek van het raam omhoog bewegen en naar buiten omklappen
  5. De rechter bovenhoek van het raam omhoog bewegen en naar buiten omklappen

:roll:

(Saillant detail: er was in de hele coupé geen noodhamer te bekennen.)

Hebben jullie lezers enig idee wat ze hebben geprobeerd te communiceren met deze instructies?

10 jaar in dienst

Hoera, precies 10 jaar geleden had ik mijn eerste werkdag bij de Radboud Universiteit en lo and behold, ik werk er nog steeds!

Ik heb het nog nooit eerder ergens zo lang volgehouden. Zeker mijn twee laatste banen waren niet bepaald een succes: bij de vorige had ik een superleuke opdracht maar een dramatische manager en werksfeer, de baan daarvoor was bij een leuke organisatie maar in het werk kon ik mijn ei niet kwijt. Nu heb ik eindelijk iets gevonden waarbij het allebei goed is!

De Radboud Universiteit is een grote werkgever en daarom is het allemaal goed geregeld wat betreft arbeidsomstandigheden en allerlei andere regelingen en faciliteiten. De divisie waarbij ik werk heeft een gedreven en vooruitstrevende cultuur. Mijn functie bleek inderdaad voor een heel groot deel zelf in te richten en daar heb ik dan ook dankbaar gebruik van gemaakt, zodat ik nu focus op de dingen die ik echt interessant vind. In het begin verveelde ik me nog wel eens, maar sinds we in 2018 zijn gestart met een project om een nieuw cms met verbeterde website te implementeren, komt dat nauwelijks meer voor en word ik goed uitgedaagd. Mijn collega’s weten waar ik goed in ben en weten me uit zichzelf te vinden bij vragen, in plaats dat ik met mezelf en mijn kennis moet leuren. En mijn manager begrijpt en waardeert me, ondanks mijn gebreken – die ziet ook de voordelen erin.

Natuurlijk is niet altijd alles koek en ei: ook bij ons kunnen sommige dingen beter en ook hier kan ik sommige collega’s wel structureel achter het behang plakken. Maar dat houd je toch.

Als ik mijn eerste posts over bij de uni werken teruglees, is het verrassend hoe goed ik een en ander wist te voorspellen of in te schatten. Inderdaad is dit een organisatie / werkplek waar ik veel beter tot mijn recht kom dan in mijn voorgaande banen, maar is het pijnpunt dat het een grote organisatie is waarin ik niet altijd genoeg invloed heb om mijn werk perfect te kunnen doen, en waardoor alles (veel) langzamer gaat dan ik zou willen. En mijn salaris blijft wat achterlopen op wat je bij meer commerciële bedrijven kunt verdienen, maar van de andere kant vind ik het ook heel fijn dat er nu CAO-onderhandelingen voor me worden gedaan waardoor ik niet ieder jaar zelf om salarisverhoging moet bedelen. Bovendien verdien ik genoeg om geen geldzorgen te hebben en alles te kunnen doen wat ik wil, en heb ik een goede werk-privé-balans. En natuurlijk heb ik lekker weinig reistijd, waarbij ik gewoon met de fiets naar de campus kan!

Het grootste issue, het flexwerken, is inmiddels ook enigszins getackled. Sinds onze divisie als eerste overstapte zijn er een hoop dingen eindelijk opgepakt en verbeterd, want inmiddels is het hele pand over en is er dus ook wat meer geld in geïnvesteerd. Ideaal wordt flexwerken nooit, maar nu hebben we in ieder geval allemaal een eigen laptop, staan overal docking stations met twee monitors, en zijn er overal in hoogte verstelbare bureaus.
Niet dat ik daar nu wel goed aan kan zitten, maar na jaren volhouden heb ik sinds enkele maanden eindelijk mijn eigen, aangepaste bureaustoel gekregen, en sinds twee weken ook een iets verlaagd bureau met een ‘voorkeursplek’-sticker erop, zodat ik andere mensen ervan mag wegjagen als ik daar wil zitten. Victorie! \o/

Dus al met al ben ik nog steeds heel blij dat ik er werk en ben ik vooralsnog niet op zoek naar een andere baan. Wel ben ik benieuwd hoe uitdagend mijn werk blijft als later dit jaar eindelijk alle oude sites zijn overgeheveld naar de nieuwe en we de stekker uit het oude cms trekken. Maar dat zullen we wel gaan zien.

(Oh, en ik verwacht niet dat dit dienstjubileum op kantoor wordt onthouden, laat staan gevierd. 10 Jaar in dienst zijn is hier blijkbaar niet zo’n prestatie, pas als je 25 jaar in dienst wordt gaan mensen eens iets voor je organiseren.  ;)  )