Category: Werk

Bikken bij de baas

Zoals geschreven, hadden we gisteren een kerstdiner bij onze directeur thuis. Dat blijkt een jarenlange traditie te zijn. In het begin zaten ze nog met z’n allen rond de keukentafel, inmiddels verspreidt iedereen zich noodgedwongen over de keuken en woonkamer, op krukjes, vensterbanken en de vloer.

Er wordt dan ook iedere keer opgerakeld wie er vorig jaar bij was maar dit jaar niet meer, en wie er in het afgelopen jaar bij zijn gekomen (12 op de ongeveer 45 man ditmaal!).

Voorheen kookte de directeur zelfs zelf, maar sinds enige tijd huurt hij een professionele kok in om ter plekke een heerlijke maaltijd te bereiden in zijn luxe keuken (kookeiland!).

Ik moet zeggen dat er restaurants zijn waar ik slechter heb gegeten. Amuses, een salade én soepje als voorgerechten, een hoofdgerechtje van vis en daarna nog een hoofdgerecht van vlees, plus een overheerlijk toetje bestaande uit vier verschillende zoetigheden. Omnom!

En we zijn ook nog verwend met cadeautjes. Allereerst werden de ontvangen relatiegeschenken verloot. Het betrof ongeveer 50 items, waarvan zo’n 35 flessen wijn en 10 dozen chocolade… Ik slaagde er desondanks in om opgescheept te raken met het meest lullige item: een kaal notitieboekje. :-D Maar het opblaasbare dinges (we weten nog steeds niet precies wat het is, we durfden het niet op te blazen) dat mijn naaste collega ontving, was een goede tweede. Zij kreeg echter nog een van de na loting overgebleven (meer relatiegeschenken dan medewerkers :-P) doosjes chocola ter compensatie, hihi.

De directeur had tevens voor iedereen een boek aangeschaft, welke willekeurig werden uitgedeeld met de mededeling ‘ruilen mag’. Toch bleken de meesten tevreden met hun lot. Ik ontving ‘literaire non-fictie’, over verhalen achter diverse misdaden. Ben benieuwd.

Ons eindejaarsbonusje kregen we in een envelopje met een persoonlijke kaart. Aan mij schreef hij het volgende:

“Je binnenkomst en rol in de vereniging was best wel turbulent en niet altijd eenvoudig voor je. Het tekent je dat je toch je plezier in de club aan het vinden bent, en dat je blijft wie je bent. Da’s exact waarom je binnen bent gehaald. Je voegt op geheel eigen wijze belangrijke zaken toe aan het team en de vereniging. Hou dat vast!”

Aw… dat kan ik wel waarderen (en ik zal er ditmaal niets achter zoeken).

Bij het naar huis gaan kregen we ook nog een fles wijn en een stuk kaas mee.
Lief toch?

image

Ik heb ook best sociaal gedaan en voor mijn doen veel gekletst met collega’s. Het begint inmiddels eindelijk als een familie te voelen – waar ik steeds een beetje meer bij begin te horen…

Korte termijn koekjes

Vanavond zijn we met z’n allen bij de directeur thuis uitgenodigd voor een kerstdiner. Ja, dat kan nog (net) met een kleine vereniging als de onze.

Een paar dagen geleden kwam er een verzoekje binnen: of we allemaal een persoonlijk cadeautje voor de directeur en zijn vrouw wilden inleveren, van maximaal €5,-. Dat zou dan gezamenlijk aangeboden worden als dank.

Toen begon de paniek, want het mailtje was op vrijdag verstuurd, een dag dat veel mensen hier vrij zijn, en werd dus door velen pas op maandag gelezen. Oftewel: geen weekend meer om in te shoppen.

Als marketingteam besloten we het bedrag maar samen te leggen en er een theaterbon van te kopen. Dan konden we tenminste iets substantieels geven. We spraken af wie het zou kopen en we zonken gerustgesteld weer achterover in onze bureaustoelen.

Helaas, gisteren kregen we te horen dat het écht de bedoeling was dat iedereen individueel iets regelde. En iets persoonlijks. Want op het kerstdiner is het gebruikelijk dat we allemaal een persoonlijke kaart van de directeur krijgen en op deze manier doen we iets terug.
Oh. Wisten wij veel – bijna iedereen op onze afdeling werkt er minder dan een jaar, dus dit wordt ons eerste kerstdiner van het werk.

Toen brak dus helemaal paniek uit. Want het kwam op het volgende neer:
Je hebt nog één avond om een persoonlijk cadeau te regelen voor iemand die je nauwelijks kent. Alle winkels zijn al dicht, behalve de supermarkt. Vanavond heb je naailes, en morgenochtend later naar kantoor gaan is geen optie vanwege een afspraak. Succes.

Argh!

In plaats van in blinde paniek een doos bonbons te halen, kalmeerde ik mezelf en besloot ik het te zien als een uitdaging. Ik overwoog mijn opties. En toog eenmaal thuisgekomen toch maar naar de supermarkt. Voor koekjesmix en decoratiemeuk.

Tussen supermarktbezoek en naailes in had ik 40 minuten de tijd. Het deeg moest 15 minuten in de koelkast liggen en de boel moest 10 minuten in de oven. Argh argh en nog meer argh!

De poetsvrouw had juist die ochtend schoongemaakt en had vast een hartverzakking gekregen als ze mij in de keuken had gezien, te midden van de grote opstuivende wolk bloem…

Met mijn jas al aan haalde ik de eerste batch koekjes uit de oven en liet ik ze afkoelen terwijl ik naar naailes stoof. (Fijn, dat ze daar grote spiegels hebben en ik het bloem nog snel van m’n jurk af kon kloppen.)
Eenmaal thuis van de les mikte ik de tweede batch in de oven en begon ik vast met de decoratie van batch #1.

Tot kwart voor 12 heb ik in de keuken gestaan. Alles zat onder de bloem, gelatine en suiker, maar ik heb het gered.

De directeur krijgt koekjes in de vorm van ons keurmerk logo :-)

image

Gelukkig had ik ook nog ergens een mandje liggen dat we niet gebruiken, dus ik hoefde de boel niet in een plastic zak in te leveren.

image

Het rood is bij nader inzien roze geworden en de koekjes zijn mierzoet vanwege de suiker en gelatine, maar het gaat om het gebaar lijkt me.

Zou ik dan nu een vast contract krijgen…? ;-)

Dank u, Sinterklaasje!

In onze mailbox verscheen een agenda-uitnodiging. Of we die middag met het hele bedrijf wilden verzamelen voor een extra ‘werkoverleg’.

Spontaan begon het geroezemoes. Wat zou dit te betekenen hebben? De speculaties waren niet van de lucht. Grote bedrijfsveranderingen? Massa-ontslagen? De ervaringen die ik bij eerdere werkgevers had over dit soort spontane bijeenkomsten waren namelijk nooit bijzonder positief, net als die van mijn collega’s.

Het tijdstip arriveerde. De ruimte stroomde vol. De directeur positioneerde zich voor de groep. En toen… kwam Sinterklaas binnen :-D

Uiteraard werd een aantal mensen naar voren geroepen. Onze directeur moest eerst.

“Op schoot!!”, riep ik met mijn grote mond.

Wat me enkele minuten later al kwam te bezuren, want de tweede persoon die werd opgeroepen was ik…

image
(Hip toch, Sinterklaas met een iPad in plaats van Het Grote Boek? En inclusief continu afzakkende mijter, want ditmaal hadden ze mij niet gevraagd er een elastiekje aan te naaien :-P)

Uiteraard vreesde ik een publieke preek over mijn lompe directheid. Of op zijn minst een speelse sneer. Maar niets was minder waar. Ik werd geprezen om het feit dat ik voor onze organisatie persona’s had opgesteld. Goed gedaan, dankjewel, hier heb je een blikje snoep.

image Oh. Euh. Wauw.

Van de 5 personen die bij Sinterklaas moesten komen, werden er slechts 2 geprezen om een specifieke prestatie, waaronder ik dus. De rest was vooral voor de gein (denk: zwangerschapsperikelen enzo). Dat is dus best wel een compliment.

Maar nu vraag ik me af: is dit oprecht of tactiek? Zou het een poging zijn om mij te paaien? Om me op een positieve manier te benaderen zodat ik hopelijk ‘meer aangepast gedrag’ ga vertonen? Of zou het een lieve poging zijn om me meer onderdeel van het team te laten voelen?

Natuurlijk zou er ook helemaal niets anders achter kunnen zitten dan een oprecht compliment, maar in dat geval vind ik het vreemd dat er niet meer mensen zijn genoemd, want er zijn uiteraard een hoop anderen die ook complimenten verdienen.

Maar misschien moet ik stoppen met hier te veel over na te denken en dankbaar zijn met deze openlijke veer in mijn reet. Dank u, Sinterklaasje!

Een slok op een borrel

Van de week werd er door twee enthousiaste collega’s een mailtje naar het hele bedrijf gestuurd. Of we donderdag na het werk met z’n allen gingen borrelen? Leuk leuk leuk toch, dus ze gingen er vanuit dat iedereen ging komen!

Ai. Daar hebben we het weer. Zo’n activiteit waarvan de meeste mensen zich blijkbaar niet kunnen voorstellen dat er ook mensen zijn die het niét leuk vinden. En je dus ook als spelbreker wordt gezien als je, zoals ik, aan het eind van de dag je jas aantrekt en gewoon naar huis gaat.

“Maar waarom ga je niet mee dan??”, vroegen veel verbaasde collega’s.

Nou gewoon, omdat ik borrelen helemaal niet leuk vind.

“Maar… ga je dan ook nooit met je vriendinnen naar de kroeg ofzo?”

Eh, nee, dat doe ik inderdaad niet. Tenzij er gedanst kan worden.

Ik heb het concept ‘naar een café gaan om wat te drinken’ nooit helemaal begrepen.
Ik drink omdat ik dorst heb, niet omdat ik het nuttigen van een drankje als een hobby beschouw. Als je bierliefhebber bent, kan ik me voorstellen dat je naar een biercafé gaat ofzo. Maar voor iemand die zelden bier drinkt, geldt dat dus niet.
Ik drink bovendien niet veel. Als ik een kopje thee krijg na het eten, ben ik tevreden voor de rest van de avond. Maar als je borrelt, dan word je geacht om meer te drinken. Voor de lekker, of anders wel omdat je nu eenmaal in een horecagelegenheid zit en er dus van je wordt verwacht dat je er geld uitgeeft. Meestal neem ik in zo’n situatie dus maar wat te drinken voor de vorm. En dan moet ik ook altijd lang nadenken over wat ik dan moet nemen – want tsja, ik heb dus eigenlijk nergens zin in.

Ik vind cafés bovendien helemaal niet gezellig. Een donker hol waar het met een beetje pech naar zweet en alcohol riekt, er zo hard wordt gepraat door andere aanwezigen dat ik mijn vrienden nauwelijks kan verstaan, en een houten barkruk die al na een half uur pijn in m’n kont veroorzaakt, of afgeknelde benen omdat ik niet bij het tussenlatje kom. Of nog erger: moeten hangen aan van die statafels waar ik amper bovenuit kom.
Als je met elkaar wil bijpraten dan is het toch veel comfortabeler (en goedkoper) om dat bij iemand thuis te doen?

Ik ben bovendien helemaal geen prater. Ik ben een introvert persoon, dus praten kost mij energie. En let’s face it: ik heb nu eenmaal weinig gemeen met mijn collega’s, dus verder dan koetjes en kalfjes ga ik met hen ook niet komen. En dus gaan we uiteindelijk maar weer over werk praten.

Niet dat ik het niet leuk vind om af en toe iets met collega’s te doen hoor. Prima om eens samen pizza te gaan eten. Een bedrijfsuitje? Ik ga wel mee hoor. Want het wordt heel wat anders als het sociale aspect gekoppeld is aan een activiteit – hoe klein dan ook. Uit eten, poolen, dansen… Met een beetje geluk kríjg ik daar juist energie van.

Maar borrelen niet dus. En dat snapt men niet. Het doet me denken aan een sessie over persoonlijkheidstypen die ik ooit bij een vorige werkgever had. Mijn toenmalige manager was compleet verbaasd toen bleek dat niet iedereen in het bedrijf het kon waarderen als vooraf niet bekend werd gemaakt waar het bedrijfsuitje heen ging. Dat onverwachte was toch léúk??

En zo kunnen mijn collega’s dus niet accepteren dat ik niet van borrelen houd. Gewoon omdat het de norm is dat men zoiets wel leuk vindt. En dat vind ik jammer. Zeker aangezien ze het waarschijnlijk zullen interpreteren alsof ik mezelf bewust buiten de groep plaats en hen niet aardig genoeg vind.

Maar ik ga hen toch ook niet vragen om na werktijd mee te gaan LARPen, reënacten, doedelzak spelen, of balfolk dansen, en dan verwachten dat iedereen enthousiast is…?

Gecoached

Het was weer tijd voor onze halfjaarlijkse personal coachingssessie op het werk. Aan het begin van het jaar bepaalt iedereen zijn persoonlijke leerdoelen (en zijn draak) en nu kwam onze externe coach evalueren hoe het daar mee stond.

Ik probeerde netjes met een open mind erheen te gaan. Hoe erg kon het zijn?

Na vijf minuten kwam de eerste oefening. Hij zei dat hij deze oefening ‘mijmeren’ noemde.

Ik begon de eerste jeuk te voelen opkomen. Maar zette dapper door.

Coach legde uit wat de bedoeling was. We moesten herinneringen opschrijven uit de periode sinds we ons leerdoel hadden bepaald. Go.

…Huh? Wat? Herinneringen? Wat voor herinneringen? Werkgerelateerd? Positieve of negatieve? Iets dat bijdroeg aan het leerdoel, waarschijnlijk?

Coach keek me meelijdend aan na mijn vragenvuur. “Gewoon, herinneringen. Het mag alles zijn. Als het maar een situatie is die je helder voor de geest staat.”

“Maar… maar… wat is het doel ervan??”, wanhoopte ik.

Dat moest ik loslaten. Gewoon, herinneringen. Wat herinnerde ik me bijvoorbeeld?

“Nou… ik heb vanochtend gedouched?”

“En wat herinner je je van drie weken geleden?”

“Ik heb gedanst in het weekend.”

“En hoe was dat?”

“Leuk…?”

“Nou, dat zou een mooie herinnering kunnen zijn. Succes.”

Ik onderdrukte opkomende paniek (Waar gaat dit heen? Ik kan toch geen geschikte herinneringen kiezen voor de opvolging van deze oefening als ik niet weet wat het doel is??), pakte mijn agenda erbij en schreef op wat ik de afgelopen weekenden had gedaan.

De volgende stap was bij iedere herinnering noteren wat voor gevoel ik erbij had gehad en wat het met me had gedaan. Dat deed ik braaf.

Toen was het tijd voor de tweede oefening.

Wut? Maar… waarom heb ik dit nu allemaal opgeschreven?

Daar kwam geen antwoord op. De volgende opdracht was om een kwartier buiten te gaan wandelen. En zodra we dan bij de voordeur waren, moesten we de volgende vraag voor onszelf beantwoorden: “Ik heb geleerd dat…”

Inmiddels begon de stoom me uit de oren te komen. Buiten wandelen? In de vrieskou? Een kwartier?? Waarom in godesnaam? Ik kan die vraag zo ook wel beantwoorden. Wat een tijdverspilling…

Maar uiteraard moest het toch.

Na een kwartier buiten te hebben staan kleumen, schreef ik op wat ik voordat ik naar buiten was gegaan, ook al als antwoord in mijn hoofd had.

Een voor een moesten we aan de groep vertellen wat wij hadden geleerd. Ik vertelde dat ik beter had geleerd om naar de mening van anderen te luisteren, voordat ik mijn eigen mening formuleerde.

Het woord ‘beter’  moest van hem weg. Ik had het geleerd, punt.

Nou nee, ik was er beter in geworden, maar deed het nog steeds niet altijd goed, sputterde ik tegen.

Coach was onverbiddelijk. En keek me met een zeer indringende, betekenisvolle blik aan.

Ik werd nerveus. Ik moest klaarblijkelijk iets zeggen, alleen ik had geen idee wat. Seconden gingen voorbij en hij bleef me maar aanstaren.

“Euh, ik weet niet goed wat ik moet zeggen?”

“Ik wacht gewoon op een knikje, dat je het begrijpt.”

Oh. Ik besloot maar eerlijk te vertellen dat ik geen idee had wat ik met zijn opdrachten aanmoest. Dat het niet mijn manier van leren was.

Hoe ik dan wel leerde, wilde hij weten?

Ik vertelde dat ik net een heel interessant boek uit had, “How to win friends and influence people“.

Ah. En wat had ik daar van geleerd?

Nou, wat ik net vertelde. Dat ik beter had geleerd om naar de mening van anderen te luisteren, voordat ik mijn eigen mening formuleerde.

“Wat mooi,” zei Coach: “dat je via twee verschillende paden tot hetzelfde inzicht bent gekomen!”

“Twee paden…?”

“Ja, via mijn traject en via het boek.”

“Maar, ik heb dat niet dankzij uw traject geleerd”, flapte ik er op mijn kenmerkende ontactvolle wijze uit.

Coach keek als een geslagen hond. Oeps. Gelukkig ging hij verder met een ander onderwerp. Maar hij bleef ons regelmatig aankijken met die afwachtende blik, steeds wanneer hij vond dat hij ons op de een of andere manier had geprikkeld.

De eerstvolgende keer dat zijn starende blik op mij landde en ik het koud zweet voelde uitbreken omdat ik weer geen idee had wat hij van me wilde, herinnerde ik me ineens zijn eerdere antwoord.
Ik knikte naar hem.
En waarempel – hij stopte met staren en richtte zijn aandacht op een collega!

Toch nog wat geleerd die middag.

Verrassingsbezoek

Een van mijn vorige werkgevers is business partner van mijn huidige werkgever. Dus toen besloten werd dat we weer een advertentiecampagne gingen draaien, schakelden we hen in.

Ik ben het aanspreekpunt voor die campagne. Ik had misschien de opzet wel via de telefoon door kunnen spreken. Maar wat is nou een beter excuus om weer eens een bezoekje te brengen aan je oude kantoorpand en oudcollega’s dan dit?

Dus reed ik vanochtend naar Den Bosch. Wel even onthouden dat ik naar het gebouw aan de overkant moest – inmiddels waren ze van pand gewisseld met het zusterbedrijf.

Het weerzien met mijn excollega die de campagne voor ons gaat opzetten, was erg leuk! Het is iemand die ik altijd graag mocht, en een van de weinigen van de oude garde die er nog steeds werkt. De helft van het gesprek was dan ook meer bijkletsen dan het inhoudelijk over werk te hebben.

Uiteraard spiekte ik nog even binnen in alle werkkamers, om degenen die ik nog kende gedag te zeggen. En wipte ik ook nog even binnen bij het andere pand.

Dat was wel een ervaring, want het was compleet verbouwd. Muren eruit, kamers erbij, en een complete ‘industrial look’. Iets waar ik persoonlijk helemaal niet van houd, dus ik ben blij dat ik daar niet meer in heb hoeven werken.

Ik verbaasde me er over hoeveel mensen me nog herkenden en het oprecht leuk leken te vinden dat ik langskwam. En ik vond het ook echt leuk om daar weer eens te zijn. Alleen de directie leek een beetje awkward te reageren. Al gaven ze me keurig een hand en begon één van beiden een gesprekje, het voelde toch een beetje geforceerd. Maar dat was ook wel wederzijds – we hebben nooit goed met elkaar geklikt.

Overigens bleken de vissen het niet lang te hebben uitgehouden na mijn vertrek. No surprise there… Arme vissies.

Dik twee uur later stapte ik weer in de auto.

Het was een bijzondere tijd, daar. De laatste jaren waren minder en het liep toen lang niet altijd lekker tussen mij en de collega’s, maar het blijft toch het bedrijf waar ik 5 jaar heb gewerkt, met overtuiging en passie voor mijn vak, en waar ik ontzettend veel heb geleerd. Het heeft wel min of meer de basis gelegd voor mijn huidige carrière.

Ik ben erg benieuwd hoe ik over een paar jaar op mijn huidige werk terugkijk.

Pizza – revisited

Het was niet heel origineel, maar de vorige keer dat we met de collega’s gingen uit eten, was het er zo lekker… Dus voor het afscheidetentje van onze met zwangerschapsverlof gaande collega gingen we gewoon weer naar dezelfde pizzeria.

image

Wel eens gehoord van ‘all you can eat pizza’? Nou, we hadden nu een groepsmenu waarbij er pizza’s werden aangerukt alsof het tapashapjes waren. Er stonden dus steeds andere varianten voor onze neus, waar we een stukje van konden happen.

Niet geheel aan mij besteed overigens, want ik ben enigszins kieskeurig over wat ik wel en niet op een pizza blief, maar de bodem was in ieder geval altijd heerlijk.

Nu in de trein naar huis. Thuis misschien even uitbuiken op de bank, met een glaasje Cointreau… Soms moet je het er gewoon van nemen, toch?

Badge bitch

Gisteren vond een door ons georganiseerd congres plaats. Mijn collega’s hebben evenementorganisatie in hun takenpakket, niet ik, maar op het moment suprème is het natuurlijk alle hens aan dek. Dus stond ik donderdagochtend om kwart over acht, nog een beetje slaperig, in ‘Topsportcentrum Almere’.

Ondanks de niet al te bruisende naam, zag de tot congreszaal omgetoverde gymzaal er nog best behoorlijk uit. En, niet onbelangrijk, er pasten 1.200 webwinkeliers tegelijk in.

Taak 1 voor die dag: het uitdelen van de bezoekersbadges. Prima, dat vind ik best een leuk klusje.
Ware het niet voor degene die de badges op alfabet had klaargezet. Die vond het namelijk erg handig om ze niet allemaal van voren naar achteren oplopend te plaatsen, maar zigzaggend: dus oplopend naar achteren, volgende rij oplopend van achter naar voor, dan weer omgekeerd, etc. Grommerdegrom… In welk universum is dat handig??
Daar kwam ook nog eens bij dat haar alfabet niet overeenkwam met de versie die ik had geleerd…
Dus heb ik het kwartier voordat het écht druk werd, zitten besteden aan het fatsoenlijk ordenen van de kaartjes. Must… structure…

Toen de massa’s bezoekers zich eenmaal voor onze balie begonnen te verdringen, had ik dus alleen nog maar last van één van onze stagiaires, die me moest helpen. Dat zij niet het grootste licht is, had ik al langer door (en zij is volgens mij de doorslaggevende factor geweest voor de beslissing om vanaf nu geen stagiairs meer aan te nemen voor de functie in kwestie). Maar toen ik constateerde dat ze iemand met een achternaam beginnend met een ‘L’ zocht tussen de kaartjes beginnend met een ‘K’, zakte mijn achting voor haar wel naar een historisch dieptepunt.

image

Uiteindelijk had iedereen dan toch zijn badge en verhuisde ik naar een achterafzaaltje, dat was gebombardeerd tot werk- cq. persruimte. Er zouden interviews worden gehouden en ik zou er met mijn laptopje persberichten, nieuwsberichten en tweets plaatsen, zodra de presentatie of awarduitreiking in kwestie, een verdieping hoger had plaatsgevonden.

En toen bleek dat het pand prima berekend was op grote hoeveelheden sporters, maar dat twaalfhonderd twitterende thuiswinkeliers toch iets te veel van het goede waren voor de lokale wifi. En omdat iedereen van ellende overstapte op de 3G-verbinding, lag zelfs die er af en toe uit.
Ik vermoed dat ik binnenkort wel een reprimande ontvang van mijn provider over mijn interpretatie van hun ‘fair use policy’, maar ik kon niet anders dan de hele dag mijn eigen telefoon inzetten als wifi-hotspot.

image

Aan het eind van de middag was het borrelen, maar daar heb ik zo’n schurfthekel aan dat ik me vrijwillig heb aangeboden om de goodiebags uit te reiken bij de uitgang. Mensen met een brede glimlach blij maken met gratis spul versus wanhopig een gesprek op gang proberen te houden met mensen die je niet kent – ik weet wel wat ik verkies.

Als dank voor onze inzet, en omdat er no way was dat ik vanuit Almere nog voor etenstijd terug in Nijmegen kon zijn, werden we getracteerd op een etentje… bij de Mac Donalds. Lang niet geweest, en ik weet ook weer waarom – mijn darmen vonden het de volgende ochtend minder leuk. Maar ach. Het congres was een succes en ik geloof dat ze blij met me waren. Hopelijk weer een beetje punten gescoord.

Tegeltjeswijsheid

Je zou toch zeggen dat je je op kantoor een beetje gedraagt. Maar blijkbaar werken er enkele ranzige mensen in ons (gedeelde) pand. Want er zijn regelmatig poepresten te vinden in de toiletten – en ik begreep van een collega zelfs op de bril en het deksel. Yuck!

Er was al eens gevraagd aan de receptioniste van het pand of zij een mail naar iedereen kon sturen, met het verzoek de boel een beetje netjes te houden. Zeker de toiletten achter de receptie – daar komen ook bezoekers! Maar dat werd geweigerd om de een of andere reden.

Dus nam een collega het initiatief om het dan maar anders op te lossen. Door zelfgemaakte tegeltjes op te hangen.

image

image

image

Ben benieuwd of het helpt… :-P