Category: Diversen

Het kippenhok

Gisteren was de eerste naailes na de zomerperiode. Na zo’n vakantie is het extra confronterend om weer in dat gezelschap te zijn.

Op zich zijn het allemaal echt hele aardige mensen, die samen met mij naailes hebben. Het zijn alleen vooral hele andere mensen en ik heb me nooit bepaald thuisgevoeld in de groep.

De ‘naailes’ die ik heb, is ook eigenlijk meer een ‘naaiclubje’. We hebben geen vastomlijnd lesprogramma; iedereen heeft gewoon een eigen werkstukje en tijdens de anderhalf uur op woensdagavond kunnen we vragen stellen aan de juf als we ergens op vastlopen.

De meeste dames gebruiken het echter vooral als gezellig keuvelavondje. Het zijn vrouwen van middelbare leeftijd of vrouwen die net moeder zijn geworden (en dus alleen maar kinderkleertjes maken). Die eerste groep komt er al járen en boekt niet bijster veel progressie. Na 10 jaar vraagt één van de dames bijvoorbeeld nog steeds elke keer aan welke kant ze de spelden ook alweer moet steken bij het inzetten van een mouw. Maar ze komen ook niet voor progressie, lijkt het.

Bij al dat blijkletsen schijnt de regel te zijn, dat je zo hard mogelijk door elkaar heen moet praten. Als iemand iets aan het vertellen is, mag je er best keihard tussendoor tetteren. Stel je voor dat je niet gehoord wordt, namelijk! En dat is iets waar ik niet aan kan wennen. Ik voel me beledigd als ik overschreeuwd word tijdens mijn verhaal en bovendien kan ik niet zo goed tegen harde stemmen.

Daarnaast; omdat ik geen kinderen heb en compleet andere interesses dan de anderen, boeien de conversaties me ook niet bepaald en houd ik me meestal afzijdig. Als het niet over de schoolprestaties van de kroost gaat, gaat het wel over een verhaal dat begint met: “Nou nou, het is me weer wat, met <insert random recente gebeurtenis>”, waarop een volledig ongenuanceerde, tenenkrommende discussie ontstaat die niet getuigt van enig politiek inzicht of zelfs politieke correctheid.

In deze eerste les na de vakantie werd er natuurlijk allereerst uitgebreid bijgepraat over iedereen zijn vakantiebestemming. Hoewel ik tijdens de zomerperiode een hoop vragen had opgespaard over mijn naaisels (ik bleek de enige te zijn die iets gedaan had, de rest was nog even ver als voor de vakantie), was ik daardoor gedoemd om werkloos te wachten, totdat de weersomstandigheden en uitjes doorgesproken waren, en, niet te vergeten, nadat er geklaagd was over al die moslima’s in burka’s, die er blijkbaar heel ranzige eetgewoonten op nahouden en een schrik zijn voor de Nederlandse hotels (hun woorden, niet de mijne – tenenkrommend moment #1 van de avond) en de juf eindelijk tijd voor me had.

Er was ook een nieuweling. Iemand die daadwerkelijk jonger leek dan ik (ik ben niet de jongste op les, maar dat zou je niet zeggen) en niet overkwam alsof ze al kinderen had. Ah, een potentieel maatje?

Ze had de LARP-outfits die ik bij me had, direct gespot, dus moest ik natuurlijk uitleggen wat LARP is. De gebruikelijke vraag-en-antwoordcyclus volgde (mijn mede-LARPers weten precies hoe die verloopt – bonuspunten als je ‘m treffend weet te beschrijven in de comments!). Dat leverde me dus direct enkele minpunten op de schaal van normaliteit op.

Na een ietwat pijnlijke stilte, die volgde op de laatste vraag, werd het volgende gesprek geïnitieerd.

“HEBBEN JULLIE OOK ‘STERREN SPRINGEN VAN DE DUIKPLANK’ GEZIEN??”, tetterde het vanaf de andere kant van de tafel. Er werd instemmend teruggekird.
Mijn enige reactie was: “‘Sterren springen van de duikplank’…. serieus??” (I kid you not, het programma blijkt dus echt te bestaan.)

Op een gegeven moment was men klaar met het bespreken van Patty Brard’s opgelopen verwondingen (doet dat mens ook nog iets anders dan in sterrenshows aan haar publiciteitstaks proberen te komen?) en ging het gesprek richting het slechte weer, om zo via het in het water gevallen weekend uit te komen op het Gebroeders van Limburg festival.

“Ja”, droeg ik weer bij aan de conversatie, “ik deed mee en de regen was inderdaad heel vervelend omdat ik bijna niet op mijn instrument kon spelen”.

“Oh, wat speel je dan?”

“Doedelzak…” (oh oh)

DOE-DEL-ZAK??”

Weer minpunten op mijn normaliteitsschaal. Het was wonderbaarlijk dat het nieuwe meisje naast me bleef zitten.

Ach ja. De juf is goed en ik leer er een hoop. Het zal voor mij nooit het gezellige wekelijkse uitje worden zoals het voor de anderen is, maar eigenlijk is dat ook niet zo erg. Ik zie het maar als een mogelijkheid om een andere cultuur te observeren :-)

Pijn!

Bah, ik heb al anderhalve week flinke pijn in mijn linker schouder en ik heb niet het idee dat het minder wordt – eerder meer.

Ik had het al eerder, nadat ik een jas-in-1-dag had genaaid. En deze keer komt het van het kostuum-in-3-dagen-achter-elkaar. Het is duidelijk waarom ik normaal gesproken nooit in staat ben om in no-time een kostuum in elkaar te gooien: het is een zelfbeschermingsfunctie van mijn lichaam, omdat het zo veel naaien achter elkaar blijkbaar niet aan kan…

Maar nu zit ik dus weer met de gebakken peren. De vorige keer duurde het dik 3 weken voordat het minder werd, maar nu is de pijn veel heviger (stekend en brandend), dus ik hoop niet dat het nog langer gaat duren dan toen.

Mike heeft me afgelopen maandag gemasseerd – een ‘functionele’ én een ontspannende massage, plus het plakken van tapes, plus een speciaal pleistertje op een drukpunt op mijn oor, maar het mocht helaas niet baten. Vrijdag nog maar een keer, hopelijk helpt het stukje bij beetje.

Vooral bij het opstaan is het naar, als ik nog weinig bewogen heb. Dan doen alle bewegingen pijn, zelfs niet bewegen.

Voor de zekerheid ben ik zelfs nog even bij de dokter langs geweest. Maar die kon er ook niet veel meer aan doen dan adviseren om het warm te houden, veel te bewegen en drie pijnstillers per dag te slikken om te voorkomen dat ik mijn spieren extra verkramp vanwege de pijn.

Auw, arme ik :-(

/zelfmedelijden

Witter dan wit?

Ik begin iets te begrijpen van de wanhoop die mannen af en toe moeten voelen.

Ik stond in de doe-het-zelfzaak voor het rek met verf. Ik moest witte hoogglansverf hebben. Hoe moeilijk kan het zijn?

Er was:

– appelwit
– bloesemwit
– gebroken wit
– crèmewit
– ivoorwit
– eiwit

Raahh!!! Wat is in godesnaam het verschil?? Aan de deksels van de potjes kon ik het ook niet zien. Het zag er allemaal hetzelfde uit.

Ik kreeg een beetje flashbacks van mijn eerste bezoek aan een bruidsjurkenwinkel, toen ik om een niet-witte jurk vroeg en de verkoopster aankwam met ‘ivoor’, want da’s iets anders dan wit…

Uiteindelijk vond ik een potje waar gewoon ‘wit’ op stond. Dankbaar rende ik ermee naar de kassa.

Interne reorganisatie

Mark en ik zijn bezig met een interne reorganisatie. De computerkamer en de hobbykamer worden, op Mark’s verzoek, omgebouwd tot respectievelijk ‘zijn’ en ‘mijn’ kamer.

Het gaat nog even duren voordat dat proces helemaal is afgerond, want het vereist niet alleen wat heen en weer schuiven van spullen, maar ook de aanschaf van nieuw meubilair en opnieuw behangen.
Tegen de tijd dat de boel klaar is (deadline: einde van onze vakantie) komt er wel een blogpost met voor- en na-foto’s.

Vandaag zette ik in ieder geval de eerste stappen. De via Marktplaats gekochte tafels opgehaald en in elkaar gezet. Oude tafel uit elkaar gehaald en naar beneden gedragen. Klerenkast gedemonteerd en naar zolder verplaatst. Computer en vast wat noodzakelijke meuk oververhuisd. Als laatste waagde ik me aan het uitmesten van het ladenblok van het bureau.

Ongelooflijk wat daar allemaal uit kwam…

– 1 Britse penny
–  2 pakjes vullingen voor vulpennen (Geen van ons beiden schrijft met een vulpen; deze had ik nog van mijn middelbare schooltijd)
– 1 proefflacon mannenparfum
–  1 Rolykit (Ken je ze nog van de basisschool? Zo’n oprolbare plastic pennenbak die toen een hit was? Dit is antiek, man!)
– hoesjes voor Magickaartjes
– maliën aan een paperclip
– 3 doosjes met punaises (we hebben niet eens een prikbord)
– 4 nietmachines (waarom??)
– en 85 pennen

Ja, je leest het goed. 85 Pennen. VIJFENTACHTIG. En die telling vond plaats nadat ik er al een paar had weggegooid omdat ze kapot waren. En ik heb fineliners en dergelijke niet meegeteld. Mijn God.

De zolder is de laatste plek van het huis die we gaan uitmesten. Dat kan pas in september, als Charm geweest is en de verenigingsspullen in de nieuwe opslag zijn achtergelaten. Als ik zie wat voor meuk er uit iets kleins als een ladenblok kan komen, dan houd ik mijn hart vast voor wat we daar allemaal gaan tegenkomen…

Mystery mix

Ik doe wel eens mee aan online onderzoekjes. Gewoon m’n mening geven over het een of ander, of mijn thuissituatie beschrijven. Van de week kreeg ik een ander verzoek: of ik een product eens thuis wilde uitproberen? Ja hoor, waarom niet.

Het ging om een nieuwe maaltijdmix. Je weet wel, zo’n zakje met kruiden dat je met een beetje water door je eten moet mengen. Waar je eigenlijk veel te veel voor betaalt, maar ach, het is zo makkelijk.

Na mijn toezegging kreeg ik een anoniem zakje toegestuurd. Het zakje was blanco, om te voorkomen dat ik beïnvloed werd door de verpakking, zo stond in de instructie. In de instructie stond ook, dat ik niet moest letten op de verpakking bij het beoordelen van de maaltijd, want het was slechts een testverpakking… (see the loop here?).

Naast het zakje zat er ook een bereidingsinstructie bij, die ik STRIKT diende op te volgen. Dat werd nog een uitdaging, want probeer in de supermarkt maar een precies 500 gram bloemkool en precies 350 gram kip te vinden. En lente-uitjes komen nu eenmaal niet in bosjes van twee. Natuurlijk kun je meer kopen, maar weggooien is zo zonde.

Toch kwam ik terug van een behoorlijk geslaagde  inkoopmissie:

Ook de bereidingswijze moest ik strikt aanhouden. Braaf als ik ben, woog ik de groente af en gebruikte ik een maatbeker voor het water, in plaats van zoals gebruikelijk de pan even onder de kraan te houden totdat het ‘ongeveer wel goed’ was.
Maar tja, wanneer is een bloemkool nou precies ‘beetgaar’? Volgens mij zit er slechts een fijne lijn tussen ‘rauw’ en ‘prut’.

Halverwege het bereiden bedacht ik me ineens dat er ook nog iets van rijst of aardappelen bij moest. Shit, snel water opzetten en hopen dat het nog op tijd klaar is. Dat krijg je bij het precies volgen van een gebruiksaanwijzing… dan denk je zelf niet meer na.

Anyway, dit prachtige stilleven is dus getiteld “Mix voor bloemkool met kip en milde kerriesaus”:

Hij was nog goed te eten ook! Ik ben niet zo’n fan van kerriesmaak en Mark al helemaal niet, maar deze kerriesmaak was heel zacht. Ik zou de volgende keer wel de ui eruit weglaten, maar da’s persoonlijk – die laat ik uit meerdere gerechten weg, omdat ik er al snel last van mijn darmen door krijg.

Nadat het gerecht achter de kiezen was, surfte ik naar de vragenlijst. Daar trof ik de volgende instructies aan. Of ik eerst wat vragen wilde beantwoorden, daarna wat van het gerecht wilde eten, om vervolgens de laatste vragen te beantwoorden.
Ja hee, had je dat niet eerder kunnen zeggen?? Dat stond niet in de instructiebrief. Er stond wel heel duidelijk in dat ik eerst een foto van het eten moest maken om op te sturen, maar niet dat ik nog niet mocht beginnen met eten! Als ik hongerig ben en eten voor mijn neus krijg, dan gaat dat per direct naar binnen hoor!

Dan maar zo goed mogelijk op herinnering de vragenlijst ingevuld. Ze moeten het er maar mee doen.

Ben wel benieuwd of dit nou echt representatief is. Volgens mij is het beter om mensen het op hun eigen manier te laten bereiden, zoals ze het ook zouden doen als ze het gewoon in de supermarkt hadden gekocht. Want volgens mij houdt niemand zich zo precies aan die instructies. Het lijkt er nu meer op alsof ze zich willen indekken: “Oh, u vindt het niet te eten? Tsja mevrouw, dan heeft u zich vast niet aan de gebruiksaanwijzing gehouden! Dan kunnen wij er helaas ook niets aan doen hoor.” :-P

Maar het is wel grappig om met zulke onderzoekjes mee te doen. Hopelijk krijg ik vaker dit soort dingetjes thuisgestuurd. Free stuff sla ik nooit af…

De vuurdoop

Zo, mijn vouwfietsje heeft de afgelopen twee dagen gelijk zijn vuurdoop gehad.

Maandag: met het stuur in de ene hand en een stormparaplu in de andere hand, de slagregen en windstoten in Utrecht trotseren.

Dinsdag: met het stuur in de ene hand en een appel in de andere hand, al etend en de weg naar de klant zoekend, de blindelings overstekende toeristen in Amsterdam ontwijken.

Conclusie: geslaagd!

Heel fijn zijn de bredere banden, waardoor hij veel stabieler is. Ook de versnellingen zijn stiekem toch wel fijn; hoewel ik ze bij de vorige niet miste, lijkt het nu alsof ik op een gewone fiets zit.
En de plastic afdekking om de ketting…. heerlijk; geen geneuzel meer met broekklemmen!

Iets minder is de locatie van het versnellingendraaiwiel, dat te dicht op het handvat zit en geribbeld is. Daar ga ik volgens mij eelt van krijgen op de huid tussen duim en wijsvinger.
Ook moet ik nog even wennen aan het in- en uitklappen. Hij is wat dat betreft iets minder handig en vereist een extra handeling ten opzichte van de vorige. Al heb ik al een hoop weg weten te laten – het inklappen van de trappers is echt niet nodig om ‘m in de trein mee te kunnen nemen en het inschuiven van het stuur blijkbaar ook niet. Ik dacht eerst van wel, maar ik heb ‘m nu op een dusdanige hoogte ingesteld dat het net past als ik hem gewoon dubbelklap.

Ach, geef me een dikke week om te oefenen en dan ben ik er vast bijna net zo handig in geworden als bij mijn vorige fiets. Vijftien seconden inklaptijd volgens de handleiding? Tsss…uitdaging geaccepteerd!

Uitgemest

Jee, mijn nieuwe vouwfiets is gearriveerd en ik heb ‘m zojuist opgehaald! Dit is ‘m dan:

Dat betekende wel dat de oude weg moest. En aangezien er nog een hoop meer stuk was, kon dat gelijk mee naar de milieustraat. En omdat Mark de schuur tijdelijk heeft gereorganiseerd om er te kunnen knutselen, vonden we nog meer oude meuk die we kwijt moesten. En hee, was dit niet de ideale gelegenheid om af te komen van die emmers met aarde en zand die over waren van de reorganisatie van de tuin? Oh, aangezien we de vorige maand vergeten waren het oud papier buiten te zetten, konden we dat ook gelijk meenemen.

En misschien moesten we de kerstboom ook maar eens ergens in het bos een nieuw plekje gaan geven… :-X (Serieus, hij staat al een half jaar in zijn pot op het terras en hij heeft inmiddels nieuwe lootjes aan de takken gekregen! Zo’n die-hard verdient een tweede kans. Overigens staat onze kerstster ook nog steeds op tafel te bloeien… wat is dat toch?? Vroegah gingen planten bij ons altijd hardstikke dood!).

Dus togen we eerst naar het bos om de kerstboom te herplanten en de emmers grond te legen (vreemde blikken van voorbijlopende hondenuitlaters, maar goed) en reden we vervolgens door naar de milieustraat met:

– een vouwfiets
– een printer
– een elektrische tandenborstel
– een Wii-controller
– een stuk of 40 lege batterijen
– een halogeenlampje
– verrotte houten kistjes
– een spuitbus verf
– een wc-bril
– 4 dozen oud papier

Gelijk voor vanavond via Marktplaats een afspraak gemaakt om de overgebleven terrastegels die we van de vorige bewoners hebben gekregen (zie rechterhoek van de foto), te verkopen.

Hoppakee, dat ruimt op! En aangezien de schoonmaakster net is geweest, is het huis ook gelijk schoon. Hoezee, wat een fijn gevoel!

Wel moet ik bekennen dat ik het moeilijk vond om mijn fietsje na 6 jaar trouwe dienst, zomaar in de oud ijzer container te moeten dumpen… *snik*. Dankjewel, lief fietsje! Ik zal je nooit vergeten.

[update]
En we zijn zojuist naar een opslagruimte voor de Charm inventaris gaan kijken en we hebben ‘m genomen! Dus na september komt ook nog eens de helft van onze zolder weer vrij \o/

 

Naaizondag

Aangezien de meesten druk-druk-druk waren en/of in het buitenland zaten, was een naaidagje voor De Dwaler er nog niet van gekomen. Zondag was het eindelijk zo ver. Het liep wel iets anders dan oorspronkelijk de bedoeling was.

Judith meldde zich af vanwege scriptiestress. Ik had mijn outfit al af. Suus bleek nog onvoldoende idee te hebben wat ze wilde maken en was niet van plan om aan iets te gaan beginnen. Dus hebben we maar de regelset goed doorgenomen en met z’n drieën aan Petra’s kostuum gewerkt. Zij heeft thuis geen naaimachine, dus alles wat vandaag af kwam, was meegenomen.

Het is wel grappig om te constateren hoe anders we allemaal zijn. Ik ben behoorlijk precies in het naaien, terwijl Suus de meeste ‘regeltjes’ (zoals niet de lockmachine gebruiken om je stof aan elkaar vast te stikken) aan haar laars lapt. En Petra is een stukje minder ervaren in het naaien en doet gewoon maar wat, waarbij ze het ook niet erg vindt als het er wat minder perfect uitziet.

Ik vond het dan ook leuk om wat dingen die ik op naailes heb geleerd, te kunnen overdragen. Stiekem weet ik inmiddels best veel en beschouw ik dat als basiskennis, terwijl ik enkele jaren geleden ook van toeten nog blazen wist.
Zo verbaasde Petra zich over het concept ‘beleg’ en moest ik laten zien dat je een naadtoeslag bij een hoek zo kort mogelijk moet afknippen en een stukje moet inknippen, om te voorkomen dat het gaat trekken als je de boel binnenstebuiten draait. En hoe je rimpelt door twee draadjes met grote steek in je stof te stikken die je vervolgens aantrekt, in plaats van gillend gek te worden omdat je alle plooien met de hand erin moet frotten.

Ik heb ook weer wat geleerd: blijkbaar is synthetische stof niet geschikt om biaisband mee te maken. Want je krijgt er geen scherpe vouwen in gestreken en als je het strijkijzer warmer zet, smelt de stof aan je aparaat vast :-o…
(tips van meer ervaren naaisters op dit gebied zijn welkom)

Nog een leerpuntje, maar dan op ander gebied: Ik had die ochtend wat noms gebakken, in de vorm van muffins. Als ik de volgende keer weer twee etages boven elkaar in de oven plaats, moet ik voor de bovenste een iets lager roostertje gebruiken, anders rijzen de muffins tegen het plafond aan… Geeft een heel raar effect, zo’n plat donker stuk bovenop je muffin (en de onderste laag was tijdens het afkoelen ingezakt, dus die muffins hadden juist allemaal een deuk :-X )

Conclusie van de dag was overigens dat we ons niet al te veel gaan aantrekken van het regelsysteem. Dat is namelijk heel erg gericht op spreuken casten met voorgeschreven items en handelingen, terwijl wij helemaal geen expliciete magiërs willen zijn, maar dingen vooral met ritueeltjes, voodoo, bijgelovige handelingen e.d. willen oplossen. En als het dan niet altijd effect heeft, dan zitten we daar niet mee. Wij komen gewoon lekker roleplayen!

Kouw sjotel

Morgen heb ik een bruiloftsfeest. Met het verzoek aan de gasten om ons favoriete gerecht mee te nemen voor het buffet.

En wat kun je nou beter meenemen naar Friesland dan authentieke Limburgse kouw sjotel op mammie’s wijze? :-)

Voor:

Na:

Okee – het ziet er niet uit. Maar lekker is het wel! :-)

Smile!

Ik zal het maar gelijk bekennen: ik heb mijn tanden gebleekt.

Niet omdat ik een fake-Hollywood smile wilde. Niet omdat ik door de modebladen ben gaan geloven dat tanden hagelwit horen te zijn. Gewoon omdat mijn tanden de afgelopen jaren een behoorlijk stuk geler zijn geworden dan ze voorheen waren en ik dat niet mooi vond.

Jullie zullen me vast heel ijdel vinden. Maar dat moet dan maar…

Misschien helpt het jullie om het te begrijpen als ik een verhaaltje vertel over mijn psychologische band met mijn tanden? Geworteld in mijn jeugdtrauma’s?

Vroegah, toen Lenny een nóg kleinere Lenny was (ik kop ‘m maar vast in), stonden mijn tanden enorm uit elkaar door het duimen. Het fietsenstalling-effect. Mijn voortanden stonden zo erg naar voren, dat ik in het begin van mijn basisschooltijd zelfs spraaklessen heb moeten volgen, omdat ik onder andere de ‘s’ niet fatsoenlijk uit kon spreken. Want er was niet genoeg voortand om de lucht tegen te houden. En nu nog heb ik een ietwat vreemde s (da’s niet puur Limburgs accent, nee…).

Niet verwonderlijk, dat één van de grootste pestkoppen op school mij ‘hazetand’ (toen nog zonder tussen-n gespeld) noemde.

Nog steeds zit ik vaak met mijn mond een beetje open, wanneer ik moe of geconcentreerd ben. Het ziet er heel stompzinnig uit, maar da’s dus een overblijfsel van de periode waarin ik mijn lippen niet fatsoenlijk op elkaar kon krijgen doordat er voortanden in de weg zaten.

Al in de vierde klas van de basisschool moest ik aan de beugel, omdat het gevaar te groot was dat ik mijn tanden stuk zou vallen. Zes jaar heb ik met die dingen rondgelopen, in alle soorten en maten die er te verkrijgen waren. Paps en mams hebben er flink wat geld en autoritjes naar de orthodontist tegenaan gesmeten. Tot nog jaren erna heb ik het gevoel van een bitje in mijn mond gemist als ik ging slapen.

Maar nu heb ik dus mooie rechte tanden. En ik was niet van plan om die glimlach, die een jarenlange lijdensweg is geweest, te laten verpesten door een gele waas. Dus.

 

Ik wilde alleen niet zelf gaan dokteren met die whitening tandpasta’s. Geen idee wat ze daar in doen, maar ik hoef geen schuurmiddel over mijn tanden. Aangezien ik liever gelige tanden dan beschadigde tanden heb, belde ik de tandarts voor advies.
Die had wel wat om tanden lichter te kleuren. Volledig veilig ook nog – gegarandeerd. Dus bestelde ik een pakketje.

Het idee is, dat je een aantal dagen achter elkaar, een soort cellofaantje  met vaag spul erin over je tanden doet. Je brengt ze met een soort plastic bitje aan, waar je in moet happen, en dan zuig je ze over je tanden heen. En vervolgens blijf je als een malloot een uur lang op de bank kwijlen zitten, hopend dat er niemand belt of aan de deur komt.
Hoe langer je het inhoudt en hoe meer dagen je het achter elkaar doet, hoe sterker het effect.

Ik heb het 5 dagen gedaan. Zie hier het resultaat:

Voor (nou ja, na 1 bleekbeurt – ik was vergeten een échte voor-foto te maken):

Tijdens:

Na:

De foto’s zijn natuurlijk niet 100% betrouwbaar om te vergelijken, aangezien ze op verschillende dagen onder verschillende lichtomstandigheden zijn gemaakt, maar toch… volgens mij zijn mijn tandjes er echt wel op vooruit gegaan!

Ik kan weer lief lachen! :-D