Yay, kerstsfeer! Tijd om gezellige, knusse uitjes met mijn liefste te doen. Zoals samen naar een Duitse kerstmarkt. <3 Want rond kerst mag het wel even kitsch en kazig, toch?
Eigenlijk hadden we tijdens ons 1-jarig jubileum al willen gaan, maar dat bleek op een of andere Duitse feestdag te vallen, waardoor de markten pas ‘s avonds open gingen. En aangezien Münster, waar we heen besloten te gaan, toch dik 2 uur rijden is vanuit Nijmegen, zou het wel leuk zijn om wat meer tijd te hebben om daar rond te kunnen slenteren.
Gisteren was wel een prima dag, want het was best koud maar wel droog. We arriveerden toen het al begon te schemeren, dus was het meteen knus met alle lichtjes.
In Münster hebben ze maar liefst 6 kerstmarkten in het centrum (waar we er 5 van wisten te vinden totdat het echt tijd werd om weer naar huis te gaan). Ik had verwacht dat ze allemaal een andere sfeer en focus zouden hebben, zoals de ene meer gericht op handwerk enzo en de andere meer op kerstartikelen, zoals ook op de website stond beschreven, maar in praktijk kwamen we eigenlijk op iedere markt hetzelfde soort spullen en dezelfde etenswaren en drankstandjes tegen. Ik vond het assortiment aan spulletjes ook wat tegenvallen, dus uiteindelijk hebben we niets gekocht (onze queeste om een doedelzak- en een tank-kerstbal te vinden was wellicht ook een beetje te uitdagend ). Nou ja, behalve een broodje bratwurst en een wafel met fruit erop dan. Nom!
Het was wel heel sfeervol (als je de mensen wegdacht – toen we rond half 5 arriveerden was het nog wel te doen, maar twee uur later moest je je echt door de meute worstelen), want alle kraampjes waren mooi aangekleed met zelfs veel decoratie op het dak, en het centrum van Münster zelf is ook heel mooi, met prachtige oude gebouwen.
Toen we weer naar huis wilden rijden kregen we helaas gelijk na vertrek vanuit de parkeerplaats een lekke band (waarschijnlijk had iemand zijn glas met gluhwein laten vallen), maar toen bleek weer hoe goed we bij elkaar passen, want beiden stroopten we gelijk onze mouwen op om de reserveband te monteren. Er stopte nog heel lief iemand langs de weg om te kijken of we hulp nodig hadden, en ook wat mensen bij de bushalte waar we de auto neer hadden gezet kwamen even kijken of het ons lukte, maar de enige uitdaging was om het krikpunt onder de auto te vinden (de beloofde pijlaanduidingen waren afwezig) en na een half uurtje waren we weer klaar om de snelweg op te gaan.
Ik denk niet dat ik ieder jaar naar zo’n kerstmarkt wil, maar eens in de zoveel tijd is het een leuke belevenis! Oh, en er ontbrak ook live-muziek… dus Richard en ik gaan de organisatie misschien maar eens aanschrijven of ze niet een gecombineerde middeleeuwse band willen inhuren voor volgend jaar.
Het was weer tijd voor een supergezellige traditie: het kerstliedjes zingen bij Rob en Carlie thuis!
Met een dik pak liedteksten en wat bladmuziek in de handen gaan we jaarlijks in hun woonkamer met hun (muziek)vrienden, familie, buren, collega’s en andere kennissen die zingen leuk vinden, kerstliedjes zingen en daarna lekker eten.
Ieder jaar zitten er wel weer een paar nieuwe bij en proberen we wat uit, zoals meerstemmig zingen of in dit geval een ‘ding-dong’ koortje tijdens ‘Ding dong merrily on high’. 🙂 Ik mocht ‘The Wexford Carol’ weer solo zingen terwijl de rest ‘oh’-tjes eronder zong en we zongen ook een prachtige variant op Auld Lang Syne (die mij subtiel als potentiële solo voor volgend jaar in de schoenen is geschoven – even oefenen hoor! 😋)
Met afgelopen donderdag de kerstborrel op het werk, afgelopen vrijdag met Richard de kerstboom optuigen en vandaag dat kerstliedjes zingen is de kerstperiode voor mij nu wel officieel van start! ^_^
Gistermiddag/-avond hadden we weer een kerstborrel op het werk. Ik ga ieder jaar in een maffe outfit. Ik weet niet meer precies wanneer dat ooit begonnen is, maar volgens mij startte ik met kerstbaloorbellen, evolueerde het naar een diadeem met rendiergewei, en daarna liep het dermate uit de hand dat ik de avond ervoor nog even een complete outfit in elkaar stond te naaien of fröbelen. Niets netjes of coupeusetechnisch verantwoord, maar gewoon lekker hilarisch. Het hoefde niet mooi gemaakt te zijn, de grap was deels dat het snel in elkaar was geflanst.
Mijn kerstborreloutfits zijn inmiddels een begrip op kantoor. Iedereen speculeert jaarlijks over wat ik nu weer aan zal trekken. Afgelopen Halloween kreeg ik zelfs een teleurgestelde blik van een collega, omdat die had verwacht dat ik ook op die dag verkleed naar kantoor zou komen. Ik bedoel maar.
Maar zoals alle dingen die uit de hand lopen, liep ook dit te ver uit de hand.
Dit jaar had ik namelijk bedacht dat ik een kerstjurkje wilde naaien. Zo eentje gebaseerd op een kerstman-pak, maar dan in de vrouwelijke versie. Dat zou wel flink wat meer (naai)werk betekenen dan andere jaren. Maar, ik moest voor mijn coupeuse-examen toch nog een jurk naaien. Als ik nou slim was, dan combineerde ik het: ik kon gewoon wat nieuw geleerde tekentechnieken in het model van dat jurkje gooien en alles erg netjes naaien, en dan had ik zowel een kerstborreloutfit als een examenopdracht klaar!
Ineens kreeg ik weer zin om te naaien. Het was al veel te lang geleden dat ik gewoon iets leuks voor mezelf had genaaid, ik ben alleen maar bezig met dingen voor die opleiding tekenen en naaien. Je kunt het een beetje vergelijken met lezen voor je lijst: als het moet voor school, dan verlies je de lol erin. Maar nu keek ik eindelijk weer uit naar een naaiproject! Dus schetste ik gelijk een model: met een uitgediepte kraag die ik net had geleerd, een prinsessennaad erin en, waarom ook niet, zowel platte als stolpplooien. En manchetjes van bont.
Ik reed ook meteen naar de winkel om stof te kopen, want als ik enthousiast ben, moet het gelijk gebeuren (en bovendien had ik maar 2 weken tot de borrel…). Helaas hadden ze in de stoffenwinkel verrassend weinig keus. Het was óf velours de panne (NOPE), of een wat dure rode stof. Nou ja, dan die dure maar. Wit bont bleken ze vreemd genoeg helemaal niet te hebben, dus die moest ik online bestellen.
Toen kwam de eerste tegenslag: juf keek me twijfelend aan toen ik mijn plan aan haar voorlegde. Een kerstjurkje? Als examenoutfit? Kon ik niet iets normaals maken?
Mjah.
Tegenslag twee: de kerstborrelcommissie meldde op Teams dat er dit jaar een dresscode was: gala. Niet verplicht, wel leuk, en er was een prijs voor de mooistgeklede collega. Argh, hadden ze dat niet iets eerder kunnen zeggen??
Mijn hoofd ging gelijk op overdrive. Ik kon natuurlijk mijn kerstjurkje verlengen en er een soort Ice Queen-achtige jurk van maken, maar dan in het rood in plaats van ijsblauw, en dan had ik een kerstgalajurk! Misschien meer geaccepteerd op het examen, misschien ook niet, maar in ieder geval passend bij de dresscode. Wel nog iets meer werk ook. Maar ik was nog steeds enthousiast, na mijn initiele teleurstelling.
Het hele patroon dat ik de avond ervoor al had getekend, kiepte ik uit het raam. Zonde van die avond werk, maar hee, je moet wat. De hele ochtend en deel van de middag beziggeweest met het tekenen van een nieuw patroon (er waren wat oepsjes en er moest wat opnieuw). Eindelijk een patroon klaar waarvan ik dacht dat het ging werken. In de auto naar de stoffenwinkel, want ik wist nu hoeveel stof ik bij moest kopen. En toen… hadden ze die stof niet meer, alleen nog het velours de panne.
Ik googlede naar de openingstijden van een andere stoffenwinkel, enigszins in de buurt. Die bleek permanent gesloten te zijn.
Ik herinnerde me dat in het centrum van Nijmegen een klein stoffenzaakje zat. Daar naartoe dan maar. Ze hadden ook geen fatsoenlijke rode stof. Wel nicky velours in een mooie rode kleur. Het stretchte aan alle kanten, wat ik niet wilde. Maar het was beter dan velours de panne en het was ook beter dan géén stof. Dus sloeg ik in paniek maar 5 meter van dat spul in. In de auto naar huis had ik er al spijt van.
Eenmaal thuisgekomen bleken er op de eerste anderhalve meter van de stof allemaal verkleuringen te zitten. Onbruikbaar dus.
Het via de webshop bestelde witte nepbont was inmiddels ook binnen. Het zag er echt extreem goedkoop uit; op de foto had de kwaliteit veel luxer geleken. Snik.
En zo was het naaiproject waar ik eindelijk weer enthousiast over was, gereduceerd tot iets waar ik wel om kon janken. Inmiddels had ik een complete dag verspild, veel te veel geld uitgegeven aan stof en nog steeds geen concreet werkend plan. Ik flikkerde de boel in een hoek en ging wat anders doen.
De volgende dag keek ik met een poging tot hernieuwde moed opnieuw naar het project. Tsja, ik had in ieder geval genoeg stof liggen voor het oorspronkelijke ontwerp. Dat voldeed dan wel niet aan de dresscode, maar die was optioneel. Bovendien, ik bén de dresscode van de kerstborrel, besloot ik! Ik baalde wel van het terug moeten naar dat kortere jurkje, want ik had die gala-versie nu al helemaal in mijn hoofd zitten en die had ik veel liever willen maken. Maar met dat lelijke nepbont had ik toch geen echt mooie jurk kunnen maken, dan had ik die ook moeten vervangen door een betere stof. Dus hop, aan de slag met de korte tijd die me nu nog maar resteerde!
Uiteindelijk werd ik toch wel weer blij van dit naaien. Lekker mezelf een paar dagen opsluiten in mijn hobbykamer en er onder de rijgdraadjes en pluisjes weer vandaan komen… mét een zowel zelfgetekende als zelfgenaaide outfit! Het gaf me ook hernieuwde motivatie om de opleiding te blijven volgen, want dit is waar ik het voor doe: ik kan iets dat ik in mijn hoofd heb of op een plaatje zie, reproduceren zonder dat ik allerlei patronen moet kopen en die met gekruiste vingers moet proberen te combineren!
Het resultaat (met bijpassende muts van de restantjes):
Bestede tijd:28 uur en 45 minuten (exclusief patroontekenen) Kosten: €42,25 (voor het bont en de rode stof, exclusief het niet gebruikte nicky velours; rode en witte voering en een blinde rits had ik nog liggen)
Uiteraard is er in de haast weer vanalles misgegaan – als je goed kijkt zie je bijvoorbeeld dat de voering van de kraag op de rug er onderuit piept, terwijl ik toch keurig de bovenkraag iets groter had geknipt dan de onderkraag en de voering tegen de naad had gestikt (juf: “Heb je de onderkraag wel verstevigd met vlieseline?” Euh… oeps). De plooien vallen niet optimaal mooi (juf: “De stolpplooien moeten aan weerszijden even breed zijn als de platte plooien, niet in totaal even breed!” Oh ja…) en de naad bij de kraag staat een beetje omhoog (juf: “Heb je ‘m wel ingeknipt en uitgedund?” Shit, ik wíst dat ik iets was vergeten…). En los van deze fouten, is hij definitief afgekeurd als examenjurk, omdat het model te eenvoudig is. Zucht. Maar ik heb er wel weer een hoop van geleerd, dus het was niet nutteloos.
En ondanks alle tegenslag en frustratie had ik de outfit dus toch nog op tijd voor de kerstborrel af! En zowel de borrel als de outfit was weer een daverend succes. Ik had na de fotoshoot voor mijn blogje ook nog een lichtsnoer op batterijen langs de kraag genaaid voor het extra kersteffect. Tot mijn verbazing was ik de enige met verlichting in de kleding. En niemand bleek in echt gala te zijn gekomen, er was vooral veel glitter en nette pakken. Maar daar word ik ook al heel blij van, want ieder jaar wordt er meer moeite gestoken in de outfits, dus er is een duidelijke trend waar te nemen (waar ik misschien mogelijk een rol in heb gespeeld )!
Er was dit jaar ook voor het eerst een prijsuitreiking voor de mooiste outfit. Die ging naar mijn collega, die voor de gelegenheid een pak met kerstprint had aangetrokken . Om me heen werd wat gemopperd, want dat was toch niet eerlijk richting mij? Maar ik doe dit niet om iets te winnen, dus ik gunde het mijn collega van harte!
Daarna werd er onverwacht nóg een prijs uitgereikt. Aan ‘iemand die de afgelopen jaren structureel is opgevallen met zelfgemaakte kleding’. En dus kreeg ik… een ‘oeuvreprijs’! Inclusief klein fotootje van mij op de beker – oftewel, ze hadden dit al lang voor de borrel bedacht (en wilden waarschijnlijk ook een andere collega de kans geven om iets te winnen). <3
Na van 3 tot half 9 te hebben geborreld (!), zit de outfit wel onder de chipskruimels en zijn delen van de manchetten meer roze dan wit. Want OMG – wat geeft deze stof af!! Ik had ‘m vooraf niet gewassen omdat hij er niet uitzag alsof hij ging krimpen, maar al tijdens het naaien merkte ik dat mijn machine ineens rood uitsloeg en dat ik dat dus beter wel had kunnen doen… Dus nu maar even heel voorzichtig delen van de oufit stuk voor stuk in een teiltje dopen en daarna met gekruiste vingers en veel color-catcher-doekjes in de machine gooien…
Als vriendinnetje van een metal-liefhebber was het natuurlijk te verwachten dat ik een keer zou worden meegesleept naar een metalconcert. Dus bevond ik me gisteravond in de Effenaar in Eindhoven, in een zaal vol met in zwarte band-t-shirts geklede metalheads.
Er stonden maar liefst 3 bands op de planning: Dominum, Orden Ogan en Feuerschwanz. Ik kende ze geen van alle, op de zanger van de laatste band na want die zingt ook in dArtagnan. Dus ik liet het maar, gewapend met goede oordopjes, over me heen komen.
Van de eerste band hoorden we overigens alleen maar het laatste anderhalve nummer, want tsja, we moesten die dag gewoon werken en Eindhoven ligt niet om de hoek vanuit Nijmegen…
Dominum
Ik kan op zich prima genieten van metalmuziek, maar lang niet van alle genres en varianten (en er zijn véél genres binnen de metal!). Om eerlijk te zijn vond ik de band die het voorprogramma van de support-act was ( ), muzikaal de meest interessante. Naarmate de avond vorderde werd de muzikale (en tekstuele) creativiteit minder en steeg het show-aspect.
Bij Orden Ogan heb ik dan ook soms meer de outfit van de zanger (met puntige schouders) met kleermakersoog bestudeerd dan dat ik actief naar de muziek luisterde.
Orden Ogan
Vooral Feuerschwanz had een epische show ervan gemaakt. Ik had vooraf wat videoclips van hen op Youtube bekeken en toen kreeg ik de indruk dat ze vooral zichzelf Heul Erg Stoer vonden, maar live viel dat vanwege de interactie met het publiek mee. Er waren uitgebreide kostuums (her en der met een LARP-vibe) en er was vuur, véél vuur! Van vlammen die uit de rand van het podium kwamen tot fakkels en een soort vlammenwerper, waarmee de ‘achtergronddanseres’ (bij gebrek aan een beter woord voor de decoratieve vikingdame die in chainmail-bikini met vuurelementen, vlaggen en een LARP-speer over het podium sjouwde) speelde.
Feuerschwanz (met doedelzak)
Feuerschwanz (met feuer)
Het repertoire van Feuerschwanz bleek erg gevarieerd: van metal tot meer hilarische covers van o.a. Dragostea din tei Majahi Majahoo (“maja-hieieieie, maja-haaaa”) en Lord of the Rings-themaatjes.
Richard had me als eens ingelicht over wat er gemiddeld genomen bij metalconcerten gebeurt, dus ik was niet verrast toen er een strandbal over het publiek heen zeilde die door de aanwezigen alle kanten op werd gemept. Ook van de ‘rowing pit’ had ik al eens gehoord.
Rowing pit XD
Gelukkig maar, want op een gegeven moment kondigde de band een nummer aan dat over een slagveld ging. Ze deelden de zaal op in een linkergedeelte en een rechtergedeelte. Of we allemaal even uit elkaar wilden gaan, zodat er een opening in het midden ontstond? Ja hoor, ik schuif wel even op. Richard en ik stonden precies in het midden, dus wij stonden vervolgens aan de rand van de opening. Zo had ik goed zicht op de andere kant.
…
…
Wacht. Ik had hier iets over gehoord, geloof ik…
…
…
Was dit niet…
…
Shit.
Okee schat, ik maak me als de sodemieter naar de rand van de zaal, doe jij maar lekker je ding.
Want het maakt toch echt uit of je een grote kerel bent of een meisje van 1,59 meter met ogen en neus op ellebooghoogte van de andere aanwezigen, die in hun enthousiasme niet noodzakelijk goed letten op wat er achter hen staat. Dus ik heb herhaaldelijk in defensieve modus moeten staan, om te voorkomen dat een ledemaat van iemand zich in mijn gezicht positioneerde. Gelukkig was de zaal niet uitverkocht en was er genoeg ruimte om mezelf af en toe tactisch te realloceren.
(En misschien word ik oud, maar het zou ook fijn zijn als het volume niet op standje zelfs-met-mijn-op-maat-gemaakte-doedelzakoordoppen-in-voel-ik-naderhand-mijn-trommelvliezen-nog zou staan )
Dat gezegd hebbende: het zijn verder wel allemaal schatjes hoor. De sfeer is helemaal niet agressief en toen de drummer zijn drumstokken in het publiek gooide en drie metalheads er tegelijk eentje vastgrepen, werd er keurig ge-rock-paper-scissord wie het ding mocht houden.
Dus toch me maar even verder verdiepen in de muziek en nog meer meeluisteren met wat Richard in de auto opzet, want ik vind het wel leuk om met hem mee te gaan. Maar als ik een lijstje moet maken van metal die ik interessant vind, kom ik nog niet veel verder dan Within Temptation, Nightwish, Sabaton en Eisbrecher. Ik weet wel dat ik melodieën en gitaarriffs waardeer en dat meelal-/meespringnummers met tweekwartsmaat niet noodzakelijk mijn ding zijn.
Oh, en ik moet een metalconcertoutfit voor mezelf gaan naaien, want ik ben ook niet van de band-shirts. Ik heb al ideeën over wat het moet gaan worden.
Weten jullie nog dat ik een Labyrinth-deurklopper kocht? Het arme ding heeft vervolgens lang op zolder gelegen, omdat ik maar niet kon bedenken wat een goed plekje voor ‘m zou zijn.
Maar na een tijd begon er eindelijk een idee te rijpen: mijn binnendeuren waren niet optimaal geschikt voor dit gewicht, maar wat als ik ‘m nou op een buitendeur hing? Initieel overwoog ik om mijn schuttingdeur te vervangen, maar gezien de locatie daarvan ten opzichte van de schuurmuur zou de klopper dan in de weg zitten bij het open doen. Bovendien vertrouwde ik mijn eigen houtbewerkkunsten niet zo; ik was bang dat de door mij geproduceerde vervangende deur niet optimaal zou werken. Niet handig als ik frequent die deur moet gebruiken. Alternatief plan: een nieuwe deur maken!
Naast mijn huis heb ik namelijk een loos stukje grond. Ik heb het bestempeld als ‘rommelhoekje’: onkruid mag daar vrijelijk groeien, jaarlijks gooi ik er een hoop dorre bladeren neer en ook mijn egelhuisje staat daar, dus het is een plekje waar beestjes het zich comfortabel kunnen maken. Voorheen was het ook de doorgang voor Sammy, maar dat is inmiddels niet meer nodig. Dus wat als ik daar nou een deur zou maken voor die klopper? Dat oogde vast leuk en het ding zou niemand in de weg zitten.
Toen kreeg ik ook nog een vriendje die handig met hout is en die het erg leuk vond om me bij dit project te helpen!
Kort na het bespreken van mijn plan kwam hij aanzetten met een prachtige deurklink en scharnieren, die hij van een oude schuur had gesalvaged toen hij vrienden hielp het betreffende bouwwerk in hun tuin af te breken. Die zouden perfect zijn voor mijn deur!
De deurklink bleek het helaas niet eens te zijn met ons plan. Wat we ook probeerden, hoeveel WD-40, kruipolie, boortjes of grof geweld we ook toepasten: we kregen de twee zijden niet van elkaar los. Gelukkig waren de scharnieren wel te hergebruiken; die hoefden we alleen een beetje recht te buigen en schoon te maken.
We begonnen met de constructie van de deurpost, die gelijk als een pergola moet gaan fungeren.
Gemaakt met hout dat ik nog in de garage had liggen
Bij Richard thuis (waar hij goede apparatuur heeft staan) begonnen we aan de constructie van de deur zelf. Eerst werden de bij een lokale houthandel gehaalde planken op maat gezaagd met zijn cirkelzaag én door zijn vlak-/vandiktebank gehaald om ze mooi glad en gelijk te maken. Daarna konden er deuveltjes en lijm tussen.
Voor de stevigheid schroefden we er aan de achterkant een tweede laag planken tegenaan en daarna zaagden we de ronding aan de bovenkant van de deur.
Vervolgens moest de deur richting mijn huis. Euh, wacht… het ding was best groot geworden…
Maar gelukkig heb ik een car of holding en heb je een handrem niet nodig tijdens het rijden!
Eenmaal thuis uitgeladen kon ik aan de schilder. Meerdere lagen beits gingen op het hout, en de scharnieren verfde ik zwart. Ik had namelijk mooi zwart metalen deurbeslag en siernagels bij een webshop gekocht. Die bleken ook zowat exact dezelfde scharnieren te hebben, in verschillende formaten! Aangezien ik de twee gekregen scharniertjes schattig vond, maar al dat hout én een klopper van een whopping 19 kilo samen stiekem best wel zwaar waren, leek het me een goed idee om een derde, wat groter exemplaar toe te voegen.
Vervolgens was het een kwestie van al het deurbeslag, de siernagels en de klopper tegen de deur schroeven en het geheel aan de pergola / deurpost monteren.
(Ik had gedacht dat het lastig zou zijn de scharnieren perfect recht te monteren zodat de deur soepel open zou zwaaien, maar nee, dat ging in één keer goed. Het was de grendel die voor flink wat gevloek zorgde – je hebt geen idee hoe nauw (pun intended) het komt om die perfect recht te monteren omdat ‘ie anders klemt!)
Hier is dan, na maanden af en aan eraan te hebben gewerkt, het epische eindresultaat!
Zelf mijn fontein-gargoyle (geheel linksonder) is een beetje geintimideerd door de klopper
De pergola had ik gelijk na plaatsing gebeitst met beits die ik nog had liggen, maar ik vond ‘m te geel geworden. Dus had ik andere beits gekocht voor de deur, zodat die hopelijk donkerder bruin zou worden. Zucht. Het is echt onmogelijk om op basis van de verpakking in te schatten hoe de kleur gaat uitpakken op je hout. Hopelijk kleurt het ding in de loop van tijd nog wat meer richting bruin.
Het weer en de zon zullen neem ik aan gaan helpen om de deur een wat meer verweerde look te gaan geven. En ik moet afwachten totdat de klimop die ik heb gestekt en daarna geplant, tot bovenaan is gekomen en de bovenkant van de pergola mooi gaat overwoekeren, net zoals op de schutting aan het gebeuren is (vandaar de flinke speling tussen de deur en de pergola – de hangende klimop moet niet het openen van de deur gaan belemmeren). Daarna gaat de deur pas écht zijn ultieme epische uiterlijk zoals bedoeld hebben.
Maar voor nu zijn we ook al echt superblij met het resultaat! Wel jammer dat ons leuke knutselproject nou ten einde is. Tijd voor een volgende…
Ik heb weer eens gelarpt! Afgelopen donderdag t/m zondag zat ik Duitsland voor “Titanenkinder”: een soort van musical-stijl nordic LARP met happy end.
Het idee was dat de spelers allemaal dansers waren, die auditie deden voor het dansstuk ‘Titanenkinder’, waarin we dansten in de rol van een god of mens uit de Griekse mythologie. Iedere deelnemer danste in drie aktes: in een duet, in een klein groepje en in een grote groep. Aan de hand van een korte scènebeschrijving per akte moesten we zelf aan de slag met het bedenken van de choreografie. Het evenement eindigde met de opvoering van alle aktes achter elkaar, als een soort van finale-auditie, waarna we te horen zouden krijgen of we werden aangenomen om komend half jaar dit stuk ten uitvoering te gaan brengen. Uiteraard was er tussen alle repetities door ruimte voor een hoop interpersoonlijk drama.
Daarnaast was het de bedoeling dat we tijdens het spel af en toe in zingen uit zouden barsten, zoals in een musical. Je personage zong dan niet echt, maar het was een soort meta-techniek om je emoties op dat moment mee te communiceren. Het hoefde geen compleet liedje te zijn, maar een paar regels of een refreintje uit een nummer dat qua tekst op de situatie of je gevoel aansloot, waren prima. Superleuk concept!
Ik speelde Natalia Gromow, die afkomstig was uit een rijke Russische familie en door haar tiger mom naar een prestigieuze balletacademie was gestuurd in de hoop dat haar dochter de carrière zou krijgen die ze zelf nooit had gehad. Toen Natalia op een gegeven moment klaar was met het gebrek aan vrienden en sociaal leven, en tegen haar moeder zei dat ze niet meer wilde dansen, stelde die haar voor de keuze: doorgaan, of uit de familie worden gegooid (en van alle financiële steun worden afgekapt) en het verder alleen opknappen. Natalia koos voor het laatste, verhuisde en liet zich omscholen tot administratief medewerkster. Maar ook daar werd ze niet gelukkig van en het dansen begon weer te kriebelen, dus begon ze opnieuw daarmee, maar dan wel op haar eigen voorwaarden: ze switchte naar moderne dans en nam alleen kleinere opdrachten aan, bijvoorbeeld als achtergronddanseres in muziekvideo’s. Daar werd ze veel gelukkiger van, maar ze had wel een probleem: nu ze eindelijk had kunnen ruiken aan een sociaal leven en ze haar mede-dansers niet alleen maar als concurrenten hoefde te zien, had ze de neiging om zich daarin te verliezen. Veel flirten, hook-ups in kleedkamers, tot te laat doorfeesten, etc. en daardoor onvoldoende aan repeteren toekomen, zodat haar dansprestaties in het gedrang kwamen…
De setting van het evenement was in de huidige tijd, dus ik kon in principe gewoon iets uit mijn eigen kast trekken qua kostuum. Voor de dansrepetities had ik genoeg kleding liggen en ik was erg blij dat ik vanwege balfolk al twee paar dansschoenen had (rubberen zolen waren niet toegestaan op de dansvloer van de locatie waar het LARP plaatsvond). Maar als je alleen maar dingen draagt die je normaal gesproken ook draagt, helpt dat niet om in je personage te komen.
Dus: wat zou een ex-balletdanseres uit een rijkeluisfamilie buiten repetities om dragen, vroeg ik me af?
In ieder geval iets dat classy oogde, nauw aansluitend om het lichaam met toch een beetje ‘flowy’ stof. Maar niks écht duurs, want hoewel ze met die smaak was opgevoed, had ze nu geen geld meer voor merkkleding.
Een tijdje geleden had ik bij Bonprix een broekpak besteld bij wijze van experiment. Het bleek me werkelijk perfect te passen en stond me heel mooi, alleen was de stijl ervan niet iets wat ik bij mij als persoon vond passen en ik was bang dat ik ‘m daarom nooit ging dragen, dus had ik hem met pijn in mijn hart weer geretourneerd. Ik bedacht me dat dit ding wél uitstekend bij mijn personage zou passen, dus toen had ik een excuus om ‘m alsnog te kopen. Uiteraard bleek vervolgens het kledingstuk inmiddels uitverkocht. Snik. Maar toen ik een paar weken later hoopvol toch nog even op de site keek, stond maatje 34 er ineens weer bij – nog één exemplaar op voorraad. Blijkbaar een retourtje. Hoezee!! En zo had ik toch nog een nieuwe outfit voor mijn personage.
Natalia. Op de foto lijkt de outfit zwart, maar hij is donkerblauw.
Voor de feestavond en de einduitvoering heb ik wel twee classy jurkjes uit mijn eigen kledingkast hergebruikt (beide ook donkerblauw, want: consistente stijl ). Het ding was namelijk ook dat ik erg weinig voorbereidingstijd had. De weken ervoor waren belachelijk druk geweest, met twee optredens en het overlijden van mijn schoonvader, waardoor ik helemaal geen tijd had gehad om me in mijn personage te verdiepen en om er uitgebreid voor te shoppen. Terwijl het wel wat voorbereiding vereiste, want ik moest natuurlijk bedenken welke liedjes bij mijn personage en haar achtergrond pasten en daarvan de relevante stukjes instuderen, zodat ik iets had om te zingen. Dat was dus best stressen en ik heb dat lang niet zo grondig kunnen doen als ik had gewild. Tot overmaat van ramp kregen we anderhalve week van tevoren ineens twee liedjes toegestuurd: of we die ook nog even wilden leren voor het openings- en slotnummer? Argh! Daar had ik niet op gerekend, want voor zover ik had begrepen was het niet de bedoeling dat we gezamenlijk gingen zingen. Bovendien matchten de teksten van het openingsnummer niet met de karaoke-versie die mee was gestuurd dus was dat instuderen lastig, en had ik per direct een bloedhekel aan het slotnummer (“We’re all in this together” uit High School Musical – tenenkrommend…). Ik besloot keuzes te maken en me vooral op mijn eigen liedjes voor te bereiden. Jammer van de rest, dan playbackte ik maar met de groep mee.
Ik voelde me dan ook uitermate onvoorbereid toen ik erheen ging, wat niet bijdroeg aan de voorpret. Wel stelde het gerust dat het geen vereiste was dat je goed kon dansen of zingen om mee te kunnen doen aan dit evenement, het was juist de bedoeling dat iedereen mee kon doen want het ging immers om het rollenspel en niet het echt neerzetten van een show.
Gelukkig bleek het gezamenlijk zingen van het openings- en slotnummer helemaal geen groot ding: ik dacht dat de nummers bij de uitvoering hoorden, maar het waren liedjes voor de start en afsluiting van het evenement, als meta-liedjes die onze personages in hun hoofd zongen.
Het dansen ging me ook erg goed af, inclusief het loslaten van perfectie. De groepjes waarmee ik danste functioneerden best okee en in no-time hadden we een choreografie die werkte. Het was een globale afspraak over wie wat zou neerzetten op welke timing in het liedje en daarbinnen zocht iedereen zelf maar uit hoe die diens pasjes deed. Oftewel: improviseer maar iets. Improviseren in muziek maken vind ik eng, maar in dansen lukt me dat wel.
Het duet (ik speelde Iphigenie die door haar vader Agamemnon aan de goden moest worden geofferd – een lekker dramatische scène dus) danste ik met iemand die nul danservaring had en er ook niet zo’n gevoel voor had, maar ook dat bleek geen probleem. Ik had heel snel een idee van wat we aan choreografie konden neerzetten en ik heb hem gewoon gebruikt als een soort centrum om omheen te dansen en als ankerpunt om aan te gaan hangen voor mijn dansmoves, zodat het er toch uitzag alsof we samen dansten, zonder dat hij ingewikkelde dingen moest gaan leren, wat mogelijk frustrerend voor ons beiden zou worden. Wel heb ik hem een trucje uit stijldansen geleerd om een dip te doen, zodat hij mij richting de grond kon laten zakken en weer optillen, wat het duet toch net die extra glam gaf. Van mijn danspartner hoorde ik achteraf dat ik hem het gevoel had gegeven dat hij wel degelijk kon dansen en bovendien hebben we qua rollenspel hele leuke interactie gehad, dus dat was een succes!
Repetitie met mijn kleine groepje: de ontmoeting van mijn personage met Achilles, waarbij ze verliefd worden.
Repetitie met mijn grote groep: Odysseus bezoekt de onderwereld, waar de doden (waaronder mijn personage en haar vader) even tot leven werden gewekt om daarna weer bevroren te worden in hun ellende en trauma.
Het rollenspel en het musical-zingen ging helaas wat minder.
Op vrijdagavond was er een IC karaoke-avond en daar heb ik me uitermate geamuseerd, zowel als mijn feestbeest-personage als als Lenny die graag meeblèrt met een liedje. Maar dat was het enige moment dat onze personages IC mochten zingen. Alle andere zang was de meta-techniek om emoties uit te drukken. Dus op het feestje op zaterdagavond werd er wel muziek gedraaid, maar mochten we niet meezingen. Dat was daardoor een nogal suf feestje, vonden ik en veel mede-spelers.
De musical-achtige uitbarstingen tijdens het rollenspel kwamen niet zo uit de verf. Het is namelijk veel moeilijker dan je denkt! Je kunt een hoop nummers voorbereiden, maar omdat er bij LARP geen script is, weet je niet of er scènes gaan komen waarin je die nummers kwijt kunt. En omdat je intensief aan het spelen bent, weet je op het moment dat je wil gaan zingen ineens de songtekst niet meer, of vergeet je uberhaupt dat je voor die situatie iets had voorbereid… Of je denkt: oh, in deze scène zou een liedje heel erg gepast zijn – alleen heb ik geen idee welk liedje ik zou moeten zingen / hoe de tekst ervan gaat. En dat hadden volgens mij meer mensen, of ze vonden het te eng om te doen, want ik heb maar heel weinig spelers in zingen horen uitbarsten.
Achteraf hoorde ik van maar liefst twee medespelers dat ze mij het meeste hadden horen zingen, terwijl ik juist het gevoel had dat ik op dat aspect flink tekort was geschoten. Dat zegt dus wel iets over hoe weinig de anderen hebben gezongen, of wat voor verschillend perspectief we allemaal hebben.
Omdat ik jaren geleden naar een Eurovisie Songfestival-LARP was geweest, waar we zó hard bezig waren geweest met het voorbereiden van ons optreden dat er nauwelijks ruimte was geweest voor rollenspel, was ik erg benieuwd in hoeverre dat bij dit evenement beter zou gaan. Er bleek wel tijd voor te zijn tussen alle repetitiemomenten door, hoewel het door het volle repetitieschema lastig was om specifieke medespelers te treffen, maar het rollenspel was niet zo intens als ik had gehoopt. Het idee van het LARP was dat iedereen een happy end zou krijgen, maar in praktijk was het niet alleen een happy end maar waren er ook weinig problemen en conflicten gedurende de loop van het evenement.
Onze personages hadden maar een paar pointers en globale lijntjes met medespelers meegekregen en de rest mocht je zelf vooraf uitdiepen met je medespelers via de Discord-server. Daar had ik dus ook te weinig tijd voor gehad en de meeste spelers bleken dat ook niet heel intensief te hebben gedaan en vooral verwacht te hebben dat de verhaalschrijvers dit meer voor hen hadden uitgewerkt. Er was tijdens het spel dus weinig echt intens drama.
Op zaterdagochtend waren er geen repetities maar kon je kiezen voor andere activiteiten: bordspelletjes, tekenen of een hike van twee uur naar een nabijgelegen ruïne. Ik koos voor het laatste. We liepen op de heenweg niet de officiële route en namen een paar keer een verkeerde afslag in het bos, waardoor we een behoorlijke omweg hebben gemaakt en door enorme modderpoelen zijn gebaggerd. Aangezien de ruïne op een berg lag, hebben we onze benen alleen nog maar verder moegemaakt door de steile klim in plaats van tot rust te komen.
De connecties met anderen die ik had voorbereid liepen in de soep, want bv. degene met wie ik vooraf had afgesproken een beginnende fling uit te spelen, bleek tijdens het spel dat met iemand anders te zijn gaan doen. En hoewel we tijdens een OC-calibratiemoment bespraken dat hij met mij vreemd kon gaan om die relatie lekker te verknallen, moest hij op het moment dat we dat wilden doen OC rust nemen, waardoor ook dat niet heeft kunnen plaatsvinden. Verder had ik drama willen maken aan het eind van de avonden, als ik te hard door bleef feesten. Ik had medespelers gevraagd me vooral naar bed te sturen als ze zagen dat dat gebeurde, zodat daar wat conflict uit kon komen. Hoewel het me als OC ochtendmens is gelukt om niet alleen de karaoke-avond te openen met het eerste nummer, maar ook het laatste nummer van de avond te zingen, en ik beide avonden door ben gegaan totdat mensen het licht uit gingen doen, was het toch steeds aan mezelf om dan maar te gaan slapen omdat dat er werd afgesloten en alle anderen inmiddels naar bed waren.
De organisatie die ons inhuurde had overal strenge briefjes opgehangen in een poging ons onszelf te laten gedragen XD
Desondanks heb ik wel een paar mooie roleplay-momenten gehad, alleen niet zoveel als ik had gehoopt.
Mijn eindconclusie is dan ook: het LARP-evenement had een leuke insteek, maar ik heb me vooral vermaakt met het dansen en het karaoke-zingen en minder met het rollenspel.
Wat ik het mooiste vond is om te zien hoe 30 LARPers in 2 dagen tijd een compleet dansstuk in elkaar kunnen improviseren, wat er daadwerkelijk goed uitziet! <3
De eindauditie is opgenomen op video en er zijn ook foto’s gemaakt, maar het gaat waarschijnlijk nog even duren voordat die beschikbaar zijn en ik neem aan dat de video niet openbaar mag worden vertoond omdat niet alle deelnemers daarop zitten te wachten. Dus voorlopig moeten jullie het met mijn foto’s en twee screenshots uit repetitievideo’s doen (ik heb de gezichten van mijn medespelers geblurred voor de zekerheid). En ik ga in de tussentijd proberen van mijn Russische accent af te komen en niet meer de hele tijd ‘da’ te zeggen in plaats van ‘yes’…
Net terug van mijn 10e CaDansa-festival (van de 11 die tot nu toe zijn georganiseerd)! Met deze voor mij jubileumeditie kan ik zowat alle vakjes afvinken, want ik ben er in het verleden geweest als bezoeker, vorig jaar als vrijwilliger, en dit jaar als muzikant – want we mochten op de vrijdagavond optreden met Androneda!!
Het is natuurlijk fantastisch om te mogen komen spelen op zo’n groot internationaal festival! Ik was dus best wel trots dat we op het programma stonden. Het zorgde ook voor druk, want dit was voor ons een kans om door internationale boekers gezien te worden, zodat we hopelijk ook binnenkort ergens in het buitenland mogen komen spelen. Oftewel: dit optreden moest goed gaan!
Maar ja, ik had met mijn altijd drukke schema al weinig tijd om te oefenen, en met vorig weekend een optreden op een festival met mijn andere band en het overlijden van mijn schoonvader, waardoor ik amper thuis ben geweest, alle klusjes zijn blijven liggen en verder zijn opgestapeld, en mijn herfstvakantie is komen te vervallen, had ik helemáál geen tijd om de technische uitdagingen in onze liedjes zo goed te oefenen als ik had gewild.
Ook had ik problemen met mijn instrument. Mijn doedelzak deed het al langer wat minder optimaal qua stemming, dus had ik de bouwer al gemaild of ik het instrument na CaDansa (wanneer ik even geen optredens meer heb gepland) kon opsturen voor onderhoud. Maar twee weken geleden, rond de workshopdag van stichting Draailier & Doedelzak en ons optreden die avond tijdens een middeleeuws avondje, begon hij meer kuren te vertonen en wilden de bourdons regelmatig niet meer goed gestemd raken of viel er eentje in het geheel uit. Dat was k*t, want het onderhoud bij de bouwer zou weken gaan duren dus dat kon ik niet eventjes vervroegen. Ik bedacht dat ik mijn andere G-doedelzak eventueel zou kunnen gaan gebruiken, alleen moest ik de Androneda-nummers daar dan wel actief op gaan oefenen, want een ander instrument met een ander riet vraagt aanpassingen aan bijvoorbeeld je vingerzetting en overblaastechniek. Maar door al die drukte vooraf had ik domweg geen mogelijkheid om dat te doen. Dus zat er weinig anders op dan toch maar met een iets minder optimaal spelend instrument het optreden te gaan doen.
Hoe groot dat festival is? Nou, dit was de zaal met het hoofdpodium – hier nog niet eens helemaal vol met dansers!
Wij waren als eerste band op de vrijdagavond gepland, van kwart voor 5 tot 6 uur. Het was de bedoeling dat we als laatste band zouden soundchecken: om 3 uur. Handig, want dan konden we alle spullen gewoon op het podium laten liggen. Maar toen bleek een andere band veel later te komen en zouden die hun soundcheckslot gaan missen. Of wij een half uur eerder konden soundchecken en zij na ons? Natuurlijk, geen probleem. Vervolgens bleken ze weliswaar te laat, maar vroeger dan gedacht te arriveren. Of wij toch weer als laatste konden soundchecken, maar dan pas om half 4? Prima, wij zijn flexibel. Maar half 4 werd niet gehaald en uiteindelijk begonnen we pas iets voor 4 met de soundcheck, terwijl om half 5 de opening van de avond gepland stond en er ineens ook nog een dansgroep een demonstratie wilde doen, waar de stagemanager ook niet van op de hoogte was. Toen het geluid in de zaal was ingeregeld, hadden we nog maar een paar minuutjes over voor de monitorcheck en hebben we die dus moeten afraffelen en niet alle instrument-combinaties kunnen controleren. Best wel k*t. Het is dat ik zo verstandig was geweest om voorafgaand aan de soundcheck nog naar het toilet te gaan, want zelfs daar was bijna geen tijd meer voor, we moesten alleen even snel van het podium af voor het openingspraatje en dat dansje en daarna hup, gelijk weer erop.
Ik was dus een beetje van de wap toen we startten, en dat resulteerde erin dat ik me de eerste noten van ons openingsnummer niet meer op tijd herinnerde en ik te laat inzette met ook nog eens een verkeerde melodie (want Wouters intro van dat nummer lijkt erg op de intro van een van onze andere nummers). Argh!!
Tel daarbij op dat ik nog niet zo veel ervaring heb met versterkt spelen op een podium, waardoor ik er niet aan gewend ben hoe anders het daar allemaal klinkt dan tijdens een repetitie, en ik nog niet in staat ben om heel flexibel mijn spel aan te passen als blijkt dat er iets niet goed is gegaan en we niet helemaal synchroon lopen.
Tot overmaat van ramp bleek ik op diverse momenten mezelf weer eens niet goed te kunnen horen ten opzichte van mijn bandgenoten. Ik weet inmiddels dat ik op mijn monitor alléén mezelf moet laten terugkomen (ook al blijven de geluidstechnici maar vragen of ik écht niet de instrumenten van de anderen er een beetje bij wil), en ik heb zelfs tijdens het optreden gevraagd of mijn doedelzak nog wat harder gezet kon worden op mijn monitor, maar het had geen zin: op sommige momenten heb ik voornamelijk op gevoel gespeeld en niet op gehoor.
Oftewel: ik heb best wel wat fouten gemaakt en lang niet zo goed gespeeld als ik had gehoopt.
Gelukkig zijn mijn bandgenootjes een stuk beter dan ik en hebben die een hoop weten op te vangen. Maar ik had na afloop wel een flinke kater ervan en voelde me enorm schuldig richting Wouter en Patricia. Nou is het altijd zo dat je zelf héél goed weet en hoort wat er allemaal niet goed gaat en dat de dansers een groot gedeelte daarvan helemaal niet meekrijgen, maar toch: een paar dingen moeten hen zeker zijn opgevallen en dit was gewoon hét optreden waarbij het goed moest gaan! Dus de rest van de avond en een deel van de volgende ochtend zat ik nogal in meh-modus en voelde ik me heel erg een amateurtje tussen alle professionals (wat natuurlijk ook zo is – de meeste muzikanten die op het hoofdpodium spelen hebben bakken met ervaring).
Toch hebben we achteraf best wel wat complimentjes gehad en er is gevraagd naar cd’s of aangeboden mee te doen aan een eventuele crowdfunding daarvoor. Het stemmetje in mijn hoofd zegt dan: “De mensen die het niks vonden zeggen dat natuurlijk niet in je gezicht, dus wie weet hoeveel dat er zijn geweest.” Maar van enkele mensen kregen we wel degelijk eerlijke feedback en dat bleek vooral te gaan over de klank van Wouters en mijn doedelzak samen bij een specifiek nummer. Blijkbaar was het nogal schel en klonken ze niet goed samen. Ik was bang dat dat lag aan de slechte staat van mijn instrument, maar volgens Wouter had het op zijn monitor wel goed geklonken, dus wellicht was het een issue met de manier waarop de mix in de zaal overkwam?
foto door Andreas Rauer (iets bewerkt door mij)
foto door Orkfotografie
En er gingen ook dingen wél goed: de zangnummers! Ik heb heel veel complimentjes over mijn zang gehad en ik was daar ook echt tevreden over. Mijn stem hoorde ik namelijk wel perfect terug op de monitors en ook nog eens met een mooie reverb erop. Dat doet zó veel voor mijn vermogen mooie nuances in mijn stem te leggen!
Het social media-team heeft zelfs besloten om ons nummer ‘Oscar’ te gebruiken als achtergrondmuziek voor de video-compilatie van de vrijdag… wat een eer!
(Check ook een fragmentje van onze mazurka op hun Facebookpagina.)
Achteraf gezien denk ik niet dat mijn gepruts aan te weinig oefenen vooraf heeft gelegen; ik beheers onze nummers echt wel. Ik moet vooral meer podiumervaring gaan opdoen, was de conclusie na de nabespreking met mijn bandgenootjes. Niet in de war raken van de andere klank en verhoudingen door versterking en het kunnen opvangen van oepsjes is volgens hen niet iets wat we met repetities kunnen oplossen. Daar hebben ze wel gelijk in, maar het is wel een beetje een kip-ei-verhaal: als ik niet goed presteer op het podium dan worden we niet geboekt en als we niet geboekt worden kan ik geen ervaring opdoen.
(Mocht je het je afvragen: gek genoeg zijn het niet de zenuwen geweest. Het maakt mij niet uit of ik voor 20 bekenden of 700 wildvreemden speel of een praatje moet houden, dat vind ik helemaal niet eng. Ik eis gewoon in alle situaties van mezelf dat ik het perfect doe. )
Wat betreft de doedelzakuitversterking kreeg ik van iemand de tip om in-ear monitors te gaan gebruiken. Dat klinkt als een goede oplossing, want op het podium mezelf niet horen ten opzichte van mijn bandgenoten is een terugkerend probleem en als ze zelfs bij zo’n goed opgezet festival als CaDansa daar niet genoeg aan kunnen doen, moet ik het blijkbaar anders aan gaan pakken. Dus mocht iemand daar tips voor en/of ervaring mee hebben, dan hoor ik het graag!
Los van mijn ontevredenheid over ons optreden was het wel een enorm gave ervaring om daar te mogen spelen! Het is prachtig om vanaf het podium de enorme cirkels aan dansers tegelijkertijd te zien deinen, of om allerlei koppels individueel te zien opgaan in een dansje.
En wat zijn we ontzettend in de watten gelegd door de organisatie en de vrijwilligers! Er was een backstage waar we mochten loungen, waar ook ontbijt, lunch, avondeten en drinken voor ons werd verzorgd, en niets was teveel gevraagd. <3
Sowieso had iedereen zich weer enorm uitgesloofd om er een fantastisch evenement van te maken. Zo was de aankleding wederom weergaloos: de mascotte van dit jaar was een das en alles was aangekleed alsof je je in een dassenburcht bevond.
Wortels die uit de vloer op de bovenverdieping naar de onderverdieping groeiden. Ze hadden zelf kussens in de vorm van dassen genaaid!
Een rij met familieportretten van de bewoners van de dassenburcht: stropdas, vlinderdas, pindas, daslook en agendas(?). XD
Hoewel vrijdag vooral in het teken stond van (voorbereiden op) optreden, heb ik op donderdagavond en zaterdag veel zelf kunnen dansen. Op zaterdagochtend volgde ik ook nog een workshopje, over het zingen van oude Scandinavische ballads. En ik heb ook fijn kunnen kletsen met bekenden.
Met Edwin in de photobooth. Thema: ‘meer knuffels = meer beter’
Ik merk dat ik het festival ieder jaar op een andere manier beleef. En niet alleen vanwege de in het begin van deze post genoemde verschillende hoedanigheden waarin ik erheen ga. Soms heb ik heel makkelijk een klik met de andere aanwezigen en hoef ik maar op te staan en word ik al gevraagd voor een dansje, andere jaren moet ik moeite doen om een danspartner te vinden. Deze keer ging het me gemakkelijk af en heb ik heel fijn gedanst met heel veel mensen, zowel als leider als als volger.
In de begintijd van het festival ging ik slechts één dag, daarna alle drie de dagen, daarna weer wat gefragmenteerd en vorig jaar voor het eerst alle vier de dagen (want het festival is inmiddels uitgebreid). Maar eigenlijk is me dat te lang. Drie dagen is voor mij genoeg. Zeker gezien de belachelijke drukte van de afgelopen weken. Vandaar dat ik vanochtend al weer naar huis ben gereden in plaats van vanmiddag ook nog te gaan dansen. Het was mooi, het was bijzonder en het was goed, maar nu moet ik echt even rust hebben…
Afgelopen vrijdag t/m zondag vond in Groenlo de Slag om Grolle plaats: een 17e eeuws evenement dat eens in de twee jaar wordt gehouden. Wij zouden er met De Soete Inval spelen (en Richard met Compagnie Gallimaufry), maar het verliep allemaal weer eens niet zonder slag of stoot.
Zo was er gedoe met de overnachting. Afgelopen keren hadden mijn bandgenootjes (ik was nog nooit eerder mee geweest) hun tenten steeds in het kampement bij een bevriende groep opgeslagen. Maar ten eerste was er maar zeer beperkt ruimte op die standaardplek en was het de vraag of ik er nog met mijn tent bij kon, wat een week voor het evenement nog steeds niet was bevestigd. En toen bleek er ineens helemaal geen ruimte te zijn voor welke tent van ons dan ook, want dat was vergeten af te stemmen met betreffende groep en die zaten inmiddels helemaal vol. Grom. Wat dat betreft was het een geluk bij een ongeluk dat Richard (die bij mij in de tent zou slapen) en ik vanwege het overlijden van zijn vader hadden besloten een dag minder te gaan en voor het gemak op en neer te rijden vanuit Nijmegen, in plaats van een tent op te bouwen.
Oh ja, die ‘dag minder’… Het is een driedaags evenement, in tegenstelling tot de meeste middeleeuwse evenementen waar we heen gaan: we bouwen doorgaans vrijdagmiddag op, spelen op zaterdag en zondag en breken op zondagavond weer af. De Slag om Grolle begint op vrijdag al, en dus is het de bedoeling dat je donderdagavond opbouwt. Maar ook daar was onduidelijkheid over, omdat onze groep er de afgelopen jaren blijkbaar alleen op zaterdagen en zondagen had gespeeld. Sommigen wisten dat en gingen daar vanuit. Anderen hadden niet door dat het een 3-daags evenement was. Weer anderen (zoals ik) dachten dat we alle 3 de dagen zouden spelen. En in het contract stond iets anders dan onze contactpersoon dacht afgesproken te hebben. Zucht. Dus speelden we vrijdag halsoverkop alsnog, maar met een kleinere delegatie dan de andere dagen.
Ondanks alle frustratie vooraf, was het gelukkig wel een enorm leuk evenement! Het is echt heel erg groot, met vele re-enactmentgroepen en lokale figuranten en bijna de complete binnenstad is sfeervol aangekleed. Bij de meeste historische festivals betekent dat een tentenkampement op een weiland, of zijn er gewoon wat standjes in het stadscentrum geplaatst, liggen er her en der strobalen en zijn wat moderne borden afgedekt met een jute zak. Niet in Groenlo: de straten waren bestrooid met bladeren en houtsnippers. Er waren overal houten hutjes in de straten gebouwd die als onderkomen voor groepen dienden (inclusief daadwerkelijk draaiende molen!) Woonhuizen waren aangevuld met stoffen luifeltjes, winkeletalages bevatten historische spullen en in de straten stonden overal requisieten.
Verder was er heel veel vermaak in de vorm van muziek (waaronder wij), rondlopende entertainers, uitbeelders van beroepen, hoerenstraten, marcherende groepen en meer, allemaal in behoorlijk mooie kostuums, waardoor het centrum heel levendig werd en je je echt even in een andere periode waande!
Wat een werk moet dit zijn om op te bouwen (en weer af te breken)… ik snap waarom ze het niet ieder jaar doen!
Op de vrijdag kwamen vooral schoolklassen een bezoekjes brengen. Ze moesten soms opdrachten maken, zoals ‘fotografeer een vlag’, dus het vaandel op onze kar is veelvuldig op de kiek gezet. Op de zaterdag waren er juist veel meer volwassen bezoekers. Dat gaf weer een compleet andere sfeer.
Helaas heb ik zelf weinig meegekregen van de uitbeelding van de daadwerkelijke slag, want dat vond een stukje verderop plaats, terwijl wij muziek moesten maken. Alle muziekgroepen hadden een vaste programmering: 3x per dag een uur spelen met een uur pauze ertussen. Daardoor speelden we minder lang dan we normaal gesproken doen als we vrij rondlopen, dus dat was wel relaxed. Maar een uurtje is erg weinig als je zelf nog iets wil zien. Ik slaagde erin om gedurende de twee dagen dat ik er was, beetje bij beetje alle centrumstraatjes te bekijken, maar het re-enactmentkampement met soldaten heb ik helaas niet weten te bereiken.
Gelukkig trof ik wel gelijk de eerste dag de standjes met re-enactment handelswaar, en kon ik eindelijk bij mijn 17e eeuwse outfit passende schoenen en hoed kopen!
Nog even uitvogelen wat ik precies met de veters moet doen.
Een evenement samendoen met je vriendje, die ook nog eens superknap uitziet in zo’n outfit, is natuurlijk extra leuk! <3
Kortom: als je overweegt eens naar een historisch evenement te gaan, kan ik de Slag om Grolle zeker aanraden!
Eigenlijk had een weekje geleden een enthousiaste post moeten verschijnen over het weekendje Xanten dat ik met Richard had gepland. Even samen lekker weg. Daar keek ik naar uit, en ook naar het weekje herfstvakantie dat ik daarna had opgenomen, want ik was echt even toe aan rust.
Niet dat ik daardoor heel veel dagen had om thuis te hobbyen en dingen bij te werken, want vanaf donderdagavond tot en met zondag zou ik alweer richting Groenlo gaan vanwege het spelen tijdens de Slag om Grolle met De Soete Inval.
Dat was ook een ding, want de donderdag t/m zondag dáárna zou ik naar balfolkfestival CaDansa gaan: om zelf te dansen maar ook om daar de vrijdagavond met Androneda te spelen! Het is een belangrijk optreden voor ons en daar moest ik nog flink voor oefenen, terwijl alle vrije avonden ervoor al vol zaten met bandrepetitie, coupeuse-opleiding en meer. Wanneer had ik eigenlijk tijd om voor mezelf het repertoire door te nemen? Maar goed, met hard werken, efficiënt plannen en genoemde vrije dagen zou het ongeveer moeten lukken.
Aldus vertrokken Richard en ik vrijdagochtend de 18e richting ons hotelletje in Xanten. We checkten in, rustten even uit in de kamer, liepen een rondje door het centrum en aten in een restaurantje.
Maar eenmaal terug in het hotelletje konden we onze spullen weer pakken, want het bleek erg slecht te gaan met Richards vader. Hij was gevallen, lag in het ziekenhuis, en het ging dermate slecht dat de arts zijn moeder had geadviseerd de familie bijeen te roepen voor een slechtnieuwsgesprek… Hij bleek namelijk vanwege zijn leeftijd en slechte gezondheid niet meer operabel te zijn en er zat niets anders op dan het hem zo comfortabel mogelijk maken met morfine en wachten op het einde. 😥
Dus reden we midden in de nacht van Duitsland naar het Tilburgse ziekenhuis, waar we dag en nacht om beurten bij hem hebben gewaakt, totdat hij op zondagochtend is overleden. 😢
En toen begon natuurlijk de achtbaan van het langskomen van de lijkschouwer, het regelen van de uitvaart en het leeghalen van zijn appartement in het verzorgingstehuis. Alles moest binnen een week, maar eigenlijk in nog minder tijd, want Richard moest net als ik vrijdag t/m zondag met zijn band spelen tijdens die genoemde Slag om Grolle.
De zondag van dat optreden hebben we wel laten vervallen vanwege het afscheidsmoment dat vanochtend was gepland in het uitvaartcentrum (over het optreden vrijdag en zaterdag volgt binnenkort meer in een volgend blogje) en morgen is dan de uitvaart. En daarna blijven natuurlijk de emoties en nog meer regelwerk, zoals het laten maken van een grafsteen en opzeggen van alle abonnementen enzo, maar dat heeft minder druk en daar kan ik hen ook niet bij ondersteunen.
Dus. Alle routine was de afgelopen dagen uit onze systemen, ik ben nauwelijks thuis in Nijmegen geweest omdat ik zoveel mogelijk bij Richard wilde zijn om hem te steunen, en zowat alles wat ik had willen doen afgelopen week heeft zich alleen maar meer opgestapeld. Ik blijf me voortdurend afvragen welke dag van de week het ook alweer is. Gelukkig mag ik van mijn baas wat van de voor de herfstvakantie opgenomen verlofdagen omzetten in bijzonder verlof, maar ik weet nog niet precies hoeveel.
Maar het is nu eenmaal even zo en ik ben vooral heel blij dat ik Richard en zijn familie tot steun kan zijn in deze periode, zowel emotioneel als praktisch. Richard en ik zijn door dit alles ook weer dichter naar elkaar toegegroeid en bovendien was het een snelkookpan om zijn familie te leren kennen, die ik nog niet zo vaak had gezien. Gelukkig hebben ze me met open armen in de familie opgenomen. ❤️ Vanaf komende dinsdag zie ik wel weer hoe ik alles zelf ga bijwerken, voordat ik donderdag naar het balfolkfestival vertrek.
Als jullie de afgelopen periode en de komende anderhalve week weinig van me hebben gehoord / horen of reactie van me kregen /krijgen, dan weten jullie dus waarom…
Voor een creatief projectje bestelde ik recentelijk wat metalen deurbeslag. Op die website zag ik ook een mooie gietijzeren deurbel. Hm, als ik toch aan het bestellen was en toch verzendkosten moest betalen, kon ik die wel gelijk meebestellen. Na mijn collecteronde langs allerlei deuren had ik natuurlijk allerlei inspiratie opgedaan om mijn eigen entree ook wat gezelliger te laten ogen. Mijn oude deurbel was zo’n heel saai standaardding terwijl ik binnenshuis veel van zwart gietijzer heb. Dat mocht ook wat meer aan de buitenkant naar voren komen!
De bestelling arriveerde en ik ging aan de slag om hem te monteren.
…..
*GROM* Waarom kunnen klusjes in mijn huis nou nooit eens makkelijk verlopen??
Jaja, het was waarschijnlijk karma, omdat ik in mijn collecteblogje mijn verbazing had geuit over de hoeveelheid kapotte, niet goed gemonteerde of dubbele bellen bij anderen. Ik begin iets beter te begrijpen waarom sommige mensen het maar gewoon opgeven.
Het begon met het verwijderen van mijn zelfontworpen ‘geen geleur aan mijn deur’-bordje, wat nodig was omdat de nieuwe beldrukker langer is dan de oude. Dat had ik uiteraard grondig gemonteerd met dubbelzijdige tape, geschikt voor buiten. Zo grondig, dat ik bij het verwijderen van het bordje de complete verflaag eronder meetrok. Argh!
Vervolgens schroefde ik de oude bel los en constateerde ik dat de opening niet geschikt was voor mijn nieuwe bel. De oude bel had een platte achterkant die alleen tegen de deurpost aankwam, de nieuwe bel had een ronde uitstekende achterkant, waarbij het de bedoeling was dat die in het gat in de deurpost viel. Nou zat dat gat er wel al, maar het was niet diep genoeg. Want dat gat liep niet recht door de deurpost naar binnen toe, maar ging over in een schuin door de muur aangelegd pvc-buisje dat uitkomt in mijn meterkast. Mooie manier om de stroomkabel weg te werken natuurlijk, maar daardoor zat gelijk achter het gat in de deurpost een schuinlopende zijde waar de nieuwe deurbel tegenaan kwam. Nog meer argh, want ik heb met een vijl dat buisje moeten uitvijlen om een opening te creëren die groot genoeg was voor de achterzijde van de bel.
En daarna kon ik dus aan de slag met het aanbrengen van nieuwe lagen grond- en kleurverf, hoewel je de vedieping in de verflagen natuurlijk blijft zien.
Oud en nieuw
Nadat het gat eindelijk groot genoeg was en de verflagen droog waren, sloot ik de drukker aan op de stroom, schroefde ik het geheel tegen de deurpost aan en plakte ik het bordje weer terug. Tadaa!
Veel sfeervoller zo!
Alleen jammer dat de drukknop het niet goed doet. Je moet echt veel harder en grondiger drukken voordat hij contact maakt en er dus een geluid klinkt. *Snik*
Waarschijnlijk ga ik een hoop pakketbezorgers missen. Dus optisch ben ik er weliswaar op vooruitgegaan, maar functioneel op achteruit. Dat was niet de bedoeling.
Iemand enig idee hoe je zo’n knop beter kunt laten functioneren?
[Update]
De webshop stuurde zeer servicegericht een nieuw knopje, maar die werkte niet beter. Ik ontdekte daardoor wel dat ook de achterkant van het knopje opengedraaid kan worden en dat ik zo bij het binnenwerk kon! Tijd voor creative oplossingen…
Die oplossing was om twee van die metalen ringetjes tegen de achterkant van de knop aan te lijmen, zodat die meer uitsteekt, waardoor de bel eerder contact maakt. 😎
Het gaat nog steeds niet in 100% van de gevallen goed, maar meestal klinkt de bel nu wel. En als ik toch nog pakketjes misloop, lijm ik er gewoon een derde ring tegenaan! Ha, fixed!