Balfolk café

Naast de wat grotere folkbals, bestaat er in Nijmegen ook zoiets als ‘balfolk café’. Oftewel, balfolk dansen in een cafeetje in plaats van een zaal met dansvloer, en naast live muziek van een band worden er ook af en toe gewoon mp3’tjes afgespeeld.

Ik was er nog nooit geweest, want het is op woensdagavond en dan heb ik normaal gesproken altijd naailes. Gisteravond viel die echter uit. Dat kwam heel mooi uit, want aangezien vandaag bijna niemand hoeft te werken, besloten heel veel bekenden die wat verder weg wonen om ook te komen, dus er was een lekker grote opkomst!

Nog een groot voordeel: het is in The Shuffle en dat ligt zowat om de hoek. Ik kon er dus lopend heen! Hoe luxe is dat?

Vooraf ben ik met Arjen lekker gaan eten in een eetcafeetje (ook op loopafstand :-) ) en daarna gingen we een kijkje nemen in The Shuffle. Want ook al ligt het om de hoek, ik was er nog nooit daadwerkelijk binnen geweest.

De houten vloer had her en der wat verraderlijke gaten en was niet helemaal gelijk, maar ach, er viel prima op te dansen! Ik had er ook echt behoefte aan om weer even te dansen, want ik merkte dat ik een knuffeltekort aan het oplopen was. Da’s dan weer het nadeel van single zijn… er gaan soms dagen voorbij zonder een fijne omhelzing. Maar dat is gisteravond ruimschoots ingehaald. ;-)

Hopelijk kan ik de komende maanden nog een paar keer daar gaan dansen, want in de zomerperiode liggen de naailessen even stil.

Change of plans

Ik had een heel weekend niks. Serieus, een compleet blanco agenda! Vrijdag tot en met zondag!

Met de nadruk op ‘had’.

Mark betrekt half mei zijn nieuwe huis, dus dat betekent dat er dan een aantal essentiële objecten uit mijn huis verwijderd worden, zoals een bank. En aangezien zo’n ding nogal wat levertijd heeft, kan ik die maar beter zo snel mogelijk bestellen, wil ik niet al te lang op de vloer moeten zitten. Dus dat werd bankenjacht, afgelopen vrijdag.

Banken kopen is overigens helemáál niet leuk, want het is onmogelijk voor te stellen hoe zo’n ding precies gaat staan als je ten eerste de bank niet in zijn uiteindelijke vorm kunt zien (want het showmodel is slechts een voorbeeld, en volledig aanpasbaar qua formaat, vorm, accessoires, stoftype en kleur – waarbij je laatstgenoemde moet inschatten op basis van een staaltje van 40 x 50 centimeter) en je ten tweede nog niet eens woont in het huis waar ‘ie straks moet passen en dus ook nog geen gevoel hebt voor de ruimte. Ik heb vanuit de winkel nog de huidige bewoners staan bellen of de doorgegeven muurbreedte ex- of inclusief speelruimte voor de verwarming en vensterbank is, want een bank van 2,54 m. breed kan theoretisch nét tegen die 2,55 m. muur passen, maar in praktijk net niet….

Anyway, na twéé gigantische woonboulevards te hebben doorkruist (auw, mijn arme voeten), constateerde ik dat de allereerste bank die ik testte in de allereerste winkel de beste was. :-S
En na een nachtje erover te hebben geslapen, reed ik vanochtend opnieuw naar de winkel om hem definitief te bestellen. Eng!

Mark had de dag ervoor gemeld dat hij vandaag graag langs wilde komen om de laatste losse spullen in dozen te stoppen en vast mee te nemen. En dat zijn ouders even naar het nieuwe huis kwamen kijken. Aangezien er nog geen moment was geweest om netjes afscheid van mijn ex-schoonouders te nemen, nodigde ik hen uit om ook even bij mij langs te komen voor een kop koffie en lunch. Dus toen ik terugkwam van de bank kopen, trof ik een vol huis aan.

Toch wel fijn, om ze even netjes te kunnen bedanken voor de afgelopen jaren. En ook heel raar. :-(

Poging tot kast herinrichten. Too much pink!! :-o

Omdat we net lekker bezig waren, hebben we ook gelijk alle keukenspullen uitgezocht en verdeeld – het enige dat nog moest. Mijn hemel, wat hebben wij veel meuk… Wat dat betreft zou iedereen eens in de zoveel tijd zijn boedel moeten halveren. Echt, er blijft genoeg over…

Toen Mark eenmaal klaar was, was het huis flink leger, dus kon ik vervolgens aan de slag met het herinrichten van de boekenkasten en keuken, zodat eventuele kopers niet een geplunderd huis aan zullen treffen tijdens een bezichtiging.

Want aanstaande maandag hebben we weer kijkers! Hoezee! Dat hoorde ik gisteren ineens van de makelaar. Dus moest het gras ook nog snel worden gemaaid. En kan ik morgen aan de slag met schoonmaken en persoonlijke spullen wegstoppen.

Zucht. Zou ik nog gaan toekomen aan naaien aan mijn kostuum, wat ik eigenlijk had gepland voor dit weekend? Vanavond in ieder geval niet. Ik moet hard studeren op de nieuwe middeleeuwse nummers in ons repertoire, want volgend weekend hebben we weer een evenement.

Hoe doen andere mensen dat nou eigenlijk? Een weekend helemaal niks moeten? Ik krijg het niet voor elkaar… (En dan moet ik er nog bij vermelden dat ik eigenlijk dit weekend naar een LARP zou gaan, maar ik had al een paar maanden geleden besloten die af te zeggen.)

Heerlijk Pasen

Na vorig jaar schandalig te zijn ingemaakt door Zwusje bij het paaseieren zoeken, moest ik dit jaar wel revanche nemen. Op naar het zuiden des lands dus!

Mijn lieve ouders hebben zich er namelijk inmiddels bij neergelegd dat ze nog steeds paaseieren moeten verstoppen voor hun 34- en 37-jarige kinderen. Maar het wordt ieder jaar lastiger. Pa maakt een plattegrondje om te onthouden waar alles ligt, en ik moet toch echt mijn bril gaan opzetten. En dan nog hadden we moeite om alles terug te vinden. Een groen ei in een heg, een geel ei tussen de forsythia… Damn you, paaseieren met schutkleuren!

Na samen met pa en zijn plattegrond de tuin voor de 3e keer uit te hebben gekamd, hadden we dan toch alles weer teruggevonden. Zwusje en ik vonden even veel paaseieren, maar ik won omdat ik het ‘bonus-ei’ onder een struik had gevonden:

(Ja, met pan en al. Mijn ma heeft humor. XD )

De rest van de dag werd gevuld met eten, Josh knuffelen en stil krijgen (het arme meisje was een beetje ziek) en nog meer eten. Om daarna nog wat meer te eten.

Met Omnom baddoek <3

En zoals goede ouders betaamt, laten ze je niet naar huis gaan zonder mondvoorraad, dus kregen we ook nog eens een hele tas met heerlijke chocolade-eieren, chocolade-haasjes en chocolade-schaapjes mee. Ik was twee kilo afgevallen, maar ik denk dat ik opnieuw kan beginnen. Maar dat geeft niet, want wat is nou fijner dan weer even bij je familie zijn?

Desondanks: na 3 dagen sociaal doen, ga ik mezelf vandaag eenzaam opsluiten in mijn hobbykamer en aan mijn naaiproject verder werken. In joggingbroek. Niet aanbellen alsjeblieft. :-)

Drakenknuffeldoek

Vrijdag ging ik op bezoek bij Bob en Alice, zaterdagmiddag op kraamvisite bij Kitty. Hm, en als ik toch in Den Haag was… kon ik het misschien combineren met een bezoekje aan Petra en Roland? Die bleken heel toevallig met Mike en Yvonne afgesproken te hebben. Dus kon ik na de kraamvisite doorrijden en partycrashen gezellig aanschuiven in een restaurant dat ze hadden uitgekozen om samen te eten. In twee dagen tijd heb ik dus met maar liefst 7 vrienden kunnen bijpraten – hoe efficiënt! :-P

Anyway, een kraamvisite. Dus dat betekende weer iets naaien!

Ook Kitty was van haar tweede kindje bevallen en had al een baddoek gehad voor haar eerstgeborene. Dus ook zij kreeg van mij een kraamcadeautje nieuwe stijl: iets met labeltjes.

Hoewel het het laatste kraamcadeautje in de reeks was dat ik gaf, had ik het eerder gemaakt dan de knuffelkubus en het speelkleed. Dus dit was eigenlijk mijn eerste experiment met labeltjes na het oorspronkelijke knuffeldoekje. (Daarna zijn de cadeautjes qua omvang wat uit de hand gelopen vrees ik.)

Ik wilde graag een combinatie tussen een knuffeltje en een labeldoekje maken. De labeltjes moesten wel goed bij de knuffel passen, vond ik. Uiteraard kun je in iedere naad zo’n ding meenaaien, maar ik wilde de labeltjes integraal onderdeel van het ontwerp laten uitmaken.

Nou zijn draken niet alleen cool, maar ze hebben ook van die kartels op de rug. Die prima kunnen worden vervangen door labeltjes. Dat ging ‘m dus worden!

Mijn knuffeltje heeft bewust een plat lijfje gekregen, zodat het toch een soort knuffeldoekje is gebleven. Alleen het kopje is opgevuld. En in beide vleugels heb ik knisperfolie verwerkt – mijn eerste poging iets met dat materiaal te doen. Hopelijk wordt het speeltje zo nog interessanter voor de kleine. Het buikje kreeg stiksels voor de mooi. Als finishing touch borduurde ik de naam op de vleugel (gelukkig is het geen lange naam :-P ).

Klaar om te knuffelen!

 

‘Grote’ zus Ella vond het ding ook interessant en begon gelijk aan de labeltjes te frutten, maar kende het woord ‘draak’ nog niet. Tss… gelukkig kon ik helpen dit gat in haar algemene ontwikkeling te vullen! Het speeltje heeft dus ook nog een opvoedkundige meerwaarde. ;-)

Speelkleed

Thom heeft inmiddels een tweede kindje gekregen! Omdat ik voor zijn dochtertje al een baddoek maakte, moest ik iets anders verzinnen voor zijn zoontje.

Gelukkig leer ik een hoop over baby’s door naar Josh te kijken. Mij was opgevallen dat ze momenteel gek is op een stoffen boekje, waar losse vormpjes met klittenband in geplakt kunnen worden. Niets leuker dan die dingen steeds opnieuw lostrekken en in je mond steken! Het feit dat er harde klittenband op zit, is blijkbaar geen belemmering.

Ik besloot daarom een kleed te maken waar dit soort losse objectjes op zitten. Het is een soort quilt geworden, dus doorgestikt op de naden van de lapjes, met een dikke stof als vulling. Het idee is dat je het kleed bv. aan de rand van de box kunt hangen. Of gewoon ergens kunt neerleggen.

Nou vermoed ik dat het niet veilig is om je baby zonder toezicht aan dit soort losse stukjes te laten sabbelen, dus daarom heb ik hem wat multifunctioneler gemaakt zodat je je kind er ook even mee alleen kunt laten: als je de objectjes er af laat, heeft baby nog steeds diverse labeltjes om aan te frutten, en verschillende soorten stofjes om te bevoelen en te aanschouwen.

(Niet-kattenbezitters hebben geen idee hoe onmogelijk het is om je huisdier niet erbij op de foto te krijgen… zeker als het te fotograferen object doosvormig is. :-S )

Enerzijds is hij goed gelukt: hij zit goed in elkaar genaaid en is qua functionaliteit precies zoals bedoeld. Maar ik twijfel wat over de esthetische waarde.

Ik heb stofjes uit mijn voorraad gebruikt, die natuurlijk niet allemaal perfect met elkaar matchen. Zeker niet aangezien ik verschillende voelervaringen wilde creëren. Nou maakt het bij een knuffelkubus niet zo veel uit als alle zijden compleet anders zijn, maar als je alle stofjes plat naast elkaar legt, vind ik het toch wel een beetje een issue.

Ik heb geprobeerd om ‘landschap’ als insteek te nemen bij de stofkeuze: ruimte en lucht op de bovenste rij, bos en weide op de middelste rij, en onderaan aarde, zee en zand. Dat thematische is redelijk geslaagd, zeker omdat ik er passende klittenbandvormpjes bij heb kunnen vinden. Zo kun je nu de vis in het water, een buitenaards wezen in de ruimte, en vogeltjes in het bos plakken.

Maar al met al is het toch nogal een allegaartje geworden. Ook de vormpjes zijn niet helemaal geslaagd: de ‘paddenstoel’ is niet echt als dusdanig herkenbaar en de ‘zon’ is niet eens rond geworden (curse you, gladde gouden glibberstof, die ook nog eens gaat ladderen als je hem binnenstebuiten probeert te draaien waarbij de klittenband op de achterkant aan de voorkant van de stof blijft haken!).

Ik hoop dat baby Thijs ze desondanks leuk vindt. In twee vormpjes heb ik ook knisperfolie verwerkt, en zoals je kunt zien heb ik ook een zakje op het kleed genaaid en een flapje waar je een vormpje onder kunt verstoppen. Als de ouders het te eclectisch vinden, kunnen ze het ding zo ophangen zodat ze alleen de neutrale achterkant zien. ;-)

En ja, de achterkant is roze, terwijl het voor een jongetje is. Ik stimuleer genderneutraal opvoeden. :-P (Enig idee hoe moeilijk het is om een geboortekaartje te vinden dat niét blauw (of roze) is??)

Victoriaanse reistas

Damn you, Pinterest! Ben ik onderzoek aan het doen naar het juiste model voor een Victoriaanse jurk, laat je me ook Victoriaanse reistasjes zien. En laat ik die nu ontzettend goed kunnen gebruiken voor mijn personage op Orenda, die aan een wereldreis bezig is… *zucht*

Vorig evenement sleepte Alice namelijk continu een klein koffertje mee. Niet heel praktisch, maar wel goed te verantwoorden, want we waren toen te gast in een gevangenis. No way dus dat ze haar spullen onbewaakt in een slaapzaal zou achterlaten! Maar voor de volgende keren is een iets handzamer object om haar belangrijke spulletjes in te vervoeren wel prettig.

Aan de naai dus maar weer.

Er zijn diverse originele exemplaren bewaard gebleven die ik als voorbeeld kon gebruiken:

Gelukkig zijn dit soort tassen heel erg makkelijk te maken. Een kwestie van twee cirkels uitknippen en aan een rechthoek vaststikken. En wat band erop stikken, want het oog wil ook wat. En natuurlijk borduren, want hoe gaaf is het om je initialen er op te hebben?? En als je toch bezig bent, ook tussen de bandjes in borduren, want the devil is in the details. En zo ben je voordat je het weet, drie avonden verder. *nog meer zucht*

Maar hee, nu heb ik wel een supergave reistas naar authentiek model!

De initialen staan voor “Alice Pleasance Liddell”.

De zwarte band had ik nog over van de wollen jurk die ik voor haar maakte, dus nu matcht de tas ook nog eens met haar outfit.
Een tweede, kleinere cirkeltje op de zijkanten heb ik niet durven maken. Aangezien mijn band niet schuin van draad geknipt is, had ik al genoeg moeite om de grote cirkel netjes te maken zonder bobbels en vouwtjes.

De knopen moet ik op termijn nog even vervangen, want ik had alleen kunststofmeuk in huis, terwijl ze eigenlijk van glas (of metaal of stof) horen te zijn.

En eigenlijk zou de voering een fancy katoentje moeten zijn, maar ik had ook daarvoor niets geschikts in huis. In plaats daarvan heb ik de tas gevoerd met dezelfde stof als de buitenkant; grijs linnen. Ook in de hoop dat de tas daar wat steviger van zou worden. Want ik vermoed dat het linnen dat de Victoriaanse dames gebruikten, wat stugger en steviger was dan het spul dat nog in mijn kast lag, aangezien ik die kocht met het idee er kleding van te maken.

Desondanks vraag ik me af of die tassen allemaal wel uit zichzelf omhoog bleven staan. Ik vermoed dat ze voor de foto’s hierboven, gewoon opgevuld zijn. Ik kwam namelijk ook een foto tegen waarop de tas min of meer in elkaar is gezakt:

Zo lijkt hij al een stuk meer op de mijne als die niet gevuld is:

Voor mijn foto’s heb ik er twee handdoeken in gepropt zodat de vorm mooi werd, maar tijdens het LARP-evenement waar ik hem op ga gebruiken, zullen er dingen zoals boeken en een waaier in zitten. Waarschijnlijk is hij dan lang niet zo mooi. Maar dat zal vroegah dus waarschijnlijk ook niet het geval zijn geweest.

Bestede tijd: 11 uur en een kwartier (dik 6 uur voor het naaiwerk, 5 uur voor het borduren)
Kosten: €0,- (alleen restjes gebruikt uit mijn voorraad)

En nu weer hard verder werken aan de jurk! Want ik heb de afgelopen weken een beetje uitstelgedrag vertoond. Het patroon passend maken is nooit het leukste karweitje en aangezien ik toch nog geen stof had, mocht ik van mezelf een beetje dralen. Ik wilde per sé een ‘sheer’, oftewel doorschijnend katoen, met een Victoriaans ogend bloemenprintje. Wat uiteraard nergens te vinden is. Maar na een lange zoektocht heb ik nu éindelijk geschikte stof gevonden. Voor het eerst besteld via Etsy. En helemaal uit Zuid-Korea laten opsturen… Verder ben ik niet veeleisend en perfectionistisch hoor.

Sweatercoat

Afgelopen Midwinter Fair zag ik een standhouder die zelfgemaakte jassen verkocht, gemaakt van reepjes oude truien. Ze had erg leuke dingen, en één jas beviel me zeer positief. Helaas was die niet in mijn maat. Maar geen probleem, ze deed ook aan bestellingen. Kon ik zelf doorgeven wat ik wilde qua kleur, model, maat en details, en dan maakte ze de jas voor me op maat!

Inmiddels ben ik erg huiverig voor dingen op bestelling laten maken. Daar ben ik namelijk veel te veeleisend en pietluttig voor. Een klein detail dat niet precies is zoals ik het in mijn hoofd heb, kan maken dat ik het ding in zijn geheel niet meer leuk vind. Met als grootste debacle mijn trouwjurk. Daarom bestel ik nu alleen nog maar dingen die ik zelf van tevoren al precies heb uitgetekend, zoals de hoedjes voor Tweedledum & Tweedledee, die gelukkig wél een succes waren.

Maar hee, in de stand had ik dus al een jas gezien die ik helemaal mooi vond, dus ze had een goed referentiepunt. Uiteraard wordt geen enkele jas exact hetzelfde, omdat ze van gerecyclede kledingstukken worden gemaakt, maar ik kon aangeven dat deze kleuren en model goed waren en ik kon haar mijn maten later mailen. Dat moest wel goed gaan, toch?

Mjah.

De jas die arriveerde was inderdaad in de goede kleuren. De gebruikte materialen, de zijkant en de achterkant vond ik ook helemaal goed! Maar de voorkant… WTF?? Dat was ten eerste niet het model dat ik had uitgekozen in de stand en ten tweede paste het voor geen meter. Veel te laag en met een enorme lubber. Dit ging ik zo echt niet dragen. Met als bijkomend probleem dat de jas heel erg naar sigaretten stonk.

Nadat ik haar een foto had gemaild van de huidige situatie, en nogmaals een foto van het voorbeeldexemplaar, snapte ze gelukkig helemaal dat dit niet bepaald naar wens was. Ze bood aan om de jas gratis voor me te vermaken. Gelukkig!
Ze vertelde ook dat ze in haar atelier bewust niet rookte, maar dat in huis wel werd gerookt. Zo zie je maar weer hoe rooklucht in alles kan doordringen. Als roker heb je waarschijnlijk geen idee hoe het ruikt voor iemand die die lucht niet is gewend. (Ik kon het zelfs al ruiken aan de doos die de postbode afleverde, kun je nagaan!). Gelukkig nam ze ook deze feedback niet slecht op en beloofde ze de jas gelijk even voor me te wassen.

Versie twee arriveerde. Die was inderdaad al een stuk beter: hij sloot hoger en paste me redelijk. Maar… de voorkant was nog steeds niet zoals op het voorbeeldplaatje en ik vond hem nog steeds niet echt mooi. :-(

In dit model van de jas was bovendien de oorspronkelijk horizontaal doorlopende tailleband ineens onderbroken door een haaks er op staande lijn. Niet flatterend voor mijn figuur. Ik leek daardoor een heel lang bovenlijf te hebben. En de knopen, die echt niet in mijn voorbeeldjas zaten, vond ik nog steeds lomp. (Bovendien rook hij nu naar wasverzachter met sigarettenlucht. Precies zoals de zolder van mijn kettingrokende tante altijd rook, als ik als kind bij mijn nicht ging spelen.)

Inmiddels was ik dus weer behoorlijk gefrustreerd over mezelf. Waarom moet ik altijd zo’n pietje precies zijn? Waarom kan ik niet gewoon blij zijn met iets dat voor mij is gemaakt?? Dat mens had er heel veel tijd en moeite in gestopt, voor echt belachelijk weinig geld. Dan kon ik het toch niet maken om hem wéér terug te sturen? Ook al zou ik aanbieden er voor bij te betalen, het zou nu waarschijnlijk beledigend over komen. Bovendien: hoe kan ik verwachten dat ze iets maakt dat mij perfect staat en past, terwijl ik niet langs kan komen voor een passessie? Dan is het echt enorm moeilijk om iets voor iemand anders te maken.

Van de andere kant: ik had toch echt een model in de stand gepast en later nogmaals een voorbeeldfoto gestuurd – waarom had ze die voorkant niet gewoon gemaakt zoals gevraagd?

Hoe dan ook: als ik het liet zoals het was, wist ik dat de jas permanent in de kast zou eindigen. Da’s ook zonde.

Ik overwoog om de jas zelf maar aan te gaan passen. Misschien kon ik de taillelijn herstellen door een stukje van de mouw af te halen. Die waren namelijk lang gemaakt en waren van dezelfde stof als het stuk in de taille. Omdat de jas niet is gevoerd en uit nogal open stof bestaat, draag ik hem waarschijnlijk vooral in de lente en herfst, en dan is zo’n ‘wantje’ toch te warm.

En misschien kon ik het sluitkoord dat op de taille was gestikt, er af slopen en gebruiken voor de voorkant…?

Ik besloot het er op te wagen. Maar ik voel me wel enorm schuldig erom. Voor mij zit maatkleding gevoelsmatig in tussen een kunstwerk, waar je met je vingers van af te blijven hebt, en confectiekleding, die gewoon jouw eigendom wordt waarna je er mee mag doen wat je wil (wat ik dan ook regelmatig doe).

Mijn tornmesje heeft overuren gemaakt en het was wat improviseren omdat ik het dus moest doen met onderdeeltjes die ik ergens anders vanaf kon slopen, maar uiteindelijk ben ik best tevreden over het resultaat. Ik heb de figuurnaden losgetornd en strakker en hoger ingezet, met de naad aan de binnenkant in plaats van de buitenkant. De halslijn is veel subtieler geworden, de opvallende knopen zijn vervangen door verborgen drukknopen en de tailleband loopt nu optisch weer door (helaas wel met twee extra naadjes). Ook is de onderkant, die bij de eerste twee versies een stukje inkijk had, meer dicht gemaakt doordat ik de paarse band naar beneden door heb laten lopen.

Nu vind ik hem wel draagbaar! En hopelijk verdwijnt het nare luchtje als ik hem een paar keer buiten heb laten uitwaaien.
Misschien kan ik t.z.t. in een tweedehandswinkel een trui vinden waar ik een nieuwe tailleriem van kan maken, wat die mis ik toch een beetje. Ook omdat de jas nog steeds iets te ruim is bij de taille (wat logisch is, gezien de gigantische hoeveelheid stretch in die materialen).

Mijn excuses overigens voor de dramatische selfies. Mijn camerastatief ligt ergens op een plek die ik destijds heel logisch vond toen ik moest opruimen omdat er kijkers voor ons huis kwamen. :-S

Ter compensatie hierbij foto’s van de jas op de paspop, inclusief kiekjes van de zij- en achterkant, die altijd al goed waren. En een (klikbare) collage waarin je de ontwikkeling van de voorkant goed ziet!

Dus. Eigenwijze ik blijft eigenwijs. Ik weet heel goed wat mij wel en niet staat en wat kleding betreft heb ik nu eenmaal een specifieke voorkeur. Vanaf nu maak ik gewoon weer mijn eigen dingen. ;-)

Draailier & Doedelzak workshopweekend 2017

Dat was de 8e keer dat ik naar het supergezellige workshopweekend van stichting Draailier & Doedelzak ben geweest! En wat was het weer enorm leuk!

In tegenstelling tot andere jaren schreef ik me niet in voor een doedelzakworkshop, maar voor een workshop samenspel/balfolk spelen. Vorig jaar had ik namelijk les van Toon van Mierlo, mijn favoriete doedelzakspeler. Daar was ik zo tevreden over dat ik graag opnieuw les van hem wilde hebben. Aangezien hij dit jaar de samenspelworkshop deed én ik graag wat meer wil leren over spelen voor dansers, was de keuze voor deze workshop niet moeilijk!

Eenmaal ter plekke bleken de docenten toch andere plannen te hebben. Er waren twee samenspelworkshops en er was door de docenten besloten deze min of meer samen te voegen. De groepen werden door elkaar gehusseld: op zaterdagochtend kregen de meer gevorderde spelers les van de ene docent en de minder gevorderden van de andere, ‘s middags werden de groepen samengevoegd tot één grote club. En op zondagochtend werd het omgedraaid: de gevorderde spelers kregen les van de andere docente en vice versa, en ‘s middags speelden we weer allemaal samen.

Daar was ik wat minder happy mee. Meer muzikanten is meer mogelijkheden om een leuk arrangement te maken, maar ik had toch heel bewust voor die specifieke docent gekozen. En dat niet alleen: ik wist vooraf al dat de stijl van lesgeven van de andere docente mij niet zo lag, dus daar had ik ook bewust niét voor gekozen. En hoewel het in theorie heel goed is om de groepen samen te stellen op basis van niveau, denk ik dat in praktijk de vaardigheden niet zo heel erg uit elkaar lagen. Maar goed, ondanks enkele frustraties ben ik de lessen toch goed doorgekomen.

Er lag niet echt een focus op balfolk spelen, maar vooral op het samenstellen van arrangementjes. Dat was ook leerzaam, al wordt het wel een uitdaging om dit te vertalen naar ons duo – met alleen een draailier en een doedelzak ben je toch behoorlijk beperkt in de mogelijkheden. Maar inspiratie is er in ieder geval!

Ik ben in ieder geval blij dat we uitgebreid de tijd hebben genomen voor het leren van een beperkt aantal nummers, in plaats van zo veel mogelijk nummers in een weekend erin te rammen. We hebben in totaal maar 3 liedjes geleerd en zijn daar mee aan de slag gegaan. De docenten waren gelukkig ook erg streng wat betreft voorspelen: éérst een aantal keer luisteren, dan meezingen zodat de melodie in je hoofd zit, en daarna pas zelf mee proberen te spelen. Dat werkt zo veel beter dan wanneer iedereen gelijk door elkaar begint te prutsen in de hoop een paar goede noten te raken, zodat je niet meer hoort wat de melodie nu eigenlijk is.

In onze ochtendgroep was ik de enige doedelzakspeler. Dat betekende dat ik tijdens het arrangement maar weinig mee kon spelen. Dat vind ik niet zo erg – als je doedelzak speelt dan weet je dat je af en toe ook beter even stil kunt zijn. :-) Bovendien scheelde het mentale capaciteit. Ik hoefde niet ook nog eens de begeleiding te leren (het is nu eenmaal geen akkoordeninstrument) en ik had wat meer pauzes. Daardoor was ik aan het eind van het weekend een stuk minder bek-af dan andere jaren. Ook hoef je natuurlijk niet per se mee te spelen om te leren van de manier waarop de arrangementen worden gemaakt, dus ik heb net zo veel geleerd als de anderen. Bovendien: in het stuk dat we tijdens de groepspresentatie aan het eind van het weekend uitvoerden, mocht ik een mooie solo spelen, terwijl de anderen begeleidden. Want áls ik speel, dan kom ik in mijn eentje probleemloos boven die 20 andere muzikanten uit. ;-)

Diverse mede-muzikanten spraken me tussendoor aan en lieten weten het wel een beetje sneu voor me te vinden dat ik zo weinig mee kon doen, maar dat gevoel had ik dus helemaal niet. Ik vond het wel heel indicatief van de fijne groepssfeer die er hing.

Dat merkte ik ook op de zaterdagavond, toen er even lichte paniek was: mijn instrument was weg! Tijdens het eten had ik, net als iedereen, mijn muziekkoffer tegen de muur buiten de eetzaal gezet. Maar na afloop van het diner bleek mijn doedelzak er niet meer te staan. Net als de nyckelharpa van iemand anders. Euh…
Ik besloot er rustig onder te blijven. Ik kon en wilde niet geloven dat iemand moedwillig mijn instrument had gestolen. Iemand had vast mijn koffer voor die van zichzelf aangezien. Ook al bleef er geen ander instrument over, kon in principe iedereen het terrein op en liepen er continu medewerkers langs, en ook al was de mijne niet de enige die kwijt was…

Het nieuws van de missende doedelzak verspreidde zich als een lopend vuurtje en er kwamen veel mensen naar me toe om me een hart onder de riem te steken, en diverse mensen hebben helpen zoeken in de zalen op het terrein. Volgens mij waren mijn mede-deelnemers nog ongeruster dan ikzelf. Stel je toch eens voor dat er een slecht iemand in onze fijne muzikantengroep zou zitten…

Gelukkig dook de koffer halverwege de avond weer op. Hij stond ineens weer in de gang waar ik hem had achtergelaten. Blijkbaar toch iemand die per ongeluk mijn koffer voor de zijne heeft aangezien, maar pas laat zijn fout ontdekte. Wat een opluchting! (De nyckelharpa was inmiddels ook weer terecht.)

De volgende ochtend kon ik dus gewoon weer meedoen met de workshop. En aangezien Ernic er dit jaar ook bij was, hebben we met Tweedledum & Tweedledee tijdens de lunchpauze nog even een guerilla-concertje gegeven! Dat was leuk om te doen en ook leerzaam, want uiteraard zagen mensen hun kans schoon om te dansen. Wat dat betreft was het onze eerste try-out voor een aantal balfolknummers die we pas sinds kort in ons repertoire hebben.

Zelf heb ik ook nog heerlijk gedanst in de avonduren, wanneer er concertjes waren en sessie werd gespeeld. Ik was te moe om zelf mee te spelen in de sessies, maar de volgende keer ga ik mezelf dwingen om toch weer eens mee te doen. Dat is immers ook heel leerzaam!

Vandaag zit ik helaas weer op mijn werk. Het gewone leven komt rauw op je dak vallen als je een weekend lang omringd bent geweest door gelijkgestemde mensen, en dan bij thuiskomst de kots van je kat op de vloer aantreft en je een berichtje krijgt dat een middelbareschoolvriendin is verongelukt met haar motor. :cry: Maar de fijne herinneringen blijven gelukkig, en ik ga alweer aftellen tot volgend jaar!

foto door Rosalin vd Wal

Spreken met de doden

Ik moest vanmiddag zo hard lachen… Soms vergeet je dat wat voor jou vanzelfsprekend is, voor anderen geen bekende informatie is.

Ik ontving deze mail:

Dear John,

I’m researching a program on the history of Tea and we are using all facets that relate to tea including Alice in Wonderland.  Our program has been on PBS for 16 years, called <programmanaam>.  We would like to use a few of your art pieces on the portion we mention Alice in Wonderland with a credit on our program.  Can you please grant us permission to do so?  I look forward to hearing from you.

Euh, ‘Dear John’? En ik ben toch echt geen kunstenaar…

Ik nam aan dat deze dame meerdere personen aan het aanschrijven was in haar zoektocht naar materiaal voor het tv-programma, en dat ze per ongeluk twee e-mailadressen had omgewisseld. Dat mailde ik terug en ik vertelde dat ik de beheerder was van Alice-in-wonderland.net.

Niet veel later ontving ik haar reactie:

On this website is artwork by John Tenniel.  Can you tell me how to reach him?

En toen viel het kwartje pas. Het arme mens had blijkbaar geen idee hoe oud ‘Alice’s Adventures in Wonderland’ is, en dacht dat de illustraties die ik online had gezet, van een nog levende illustrator waren! :-D

Dus mailde ik maar weer terug…

Oh, I see.
I am sorry to inform you that mr. Tenniel has died. In 1914.

The good news is, that his illustrations are therefore no longer copyright protected and are free to use. See http://www.alice-in-wonderland.net/resources/faq/#copyright for more information.

Mijn middag was weer goed. :-P

Zwarte broek

Nadat ik eenmaal had toegegeven dat mijn bruine ribbroek echt te klein was geworden en aan vervanging toe was, was de logische vervolgstap om ook te berusten in het gegeven dat mijn twee nette zwarte broeken te strak zitten en dat ook dit niet meer goed gaat komen. Gedurende de winterperiode heb ik het kunnen ontkennen, want ze waren toch te koud om te dragen. Maar nu het lente wordt, heb ik behoefte aan luchtigere broeken en word ik geconfronteerd met mezelf: ik trek ze niet meer uit de kast omdat ik weet dat ze te veel knellen.

Een van de twee broeken heb ik al sinds mijn studententijd. Ik heb al eens een gat bij de knie gestopt (gevallen met de fiets in een dronken bui…), de rits is al 2x vervangen, en de stof is in de loop der tijd wel een aantal tinten grijzer geworden. De andere broek kocht ik jaren later, maar heeft bijna dezelfde maat en past dus ook niet meer (aangezien ik ook die rits al eens moest vervangen, geeft dat volgens mij wel aan op welke plek de spanning precies is komen te staan…).

Ook nieuw maken dus. Want een neutrale zwarte broek hoort nu eenmaal in je garderobe.

De bruine ribbroek kreeg grote steekzakken op de kont, maar dat vond ik hier niet bij passen. Het werd een paspelzak. Het was alweer een tijdje geleden dat ik paspelzakken had genaaid, dus ik moest even de juf om hulp vragen, want ik snapte mijn eigen instructies niet meer…

Helemaal netjes is hij niet geworden, maar als ik de broek aan heb (misschien toch eens nadenken over een paspop die een broek aan kan… spiegelselfies zijn ook niet alles) zie je de kreukjes bijna niet. En ik heb de foto iets moeten bewerken, omdat anders de zak wegviel in de donkere stof, dus daardoor zie je hierboven ook echt álle minieme kreukjes, restjes rijgdraad en kattenharen zitten.

Bestede tijd: ongeveer 10,5 uur
Kosten: €18,15 (1,5 meter stof en een rits. Vlieseline en de knoop komt uit mijn voorraad.)

De stof was niet heel goedkoop, maar zwarte stof raakt zo snel verwassen dat het me verstandig leek om voor kwaliteit te gaan. Want hopelijk kan deze nieuwe broek dan ook weer jaren mee.

De bestede tijd had minder moeten zijn, maar ik bleek de taille te wijd te hebben gemaakt, dus moest ik naderhand de band er weer aftornen en de boel innemen. Ach ja, beter te wijd dan te smal. (Hm, misschien moet ik me er ook maar eens aan gaan wagen om broeken uit de winkel in te nemen. Als ik een complete broek zelf kan maken, dan kan ik confectiekleding toch ook wel aanpassen?)

De enige oeps die niet meer te herstellen was, is de rits. Die zit er verkeerd om in… dus nu is het een mannensluiting. Voor het uiterlijk maakt me dat niet uit (bijna niemand valt zoiets op), maar het is wel even wennen om je andere hand te moeten gebruiken als je de broek aan en uit doet. Oh well.