Het was weer een heerlijk weekendje doorbrengen met de Heksengodinnen! ^_^ De vorige keer logeerden we bij Petra, ditmaal was het mijn beurt om mijn huis van vrijdagavond tot zondagmiddag open te stellen voor de dames.
Uiteraard combineerden we het met een creatieve workshop. In mijn prep-modus had ik voorgesteld om een workshop inmaken & wecken te gaan doen. Een mooie aanvulling op het drogen van voedsel, om een nood- of wintervooraad mee te kunnen aanleggen! Vroeger had ik gezien hoe mijn moeder van de bessen uit de tuin jam maakte en die in weckpotten deed, maar verder had ik er weinig van onthouden. Bovendien blijken inmaken/inleggen en wecken twee verschillende dingen te zijn: het eerste doe je met zoet/zure vloeistof, het tweede voornamelijk door hitte. En dan heb je ook nog fermenteren, wat je met bacteriën doet, maar dat was teveel om die dag ook nog te behandelen.
Na een avondje fijn bijpraten op de bank, togen we zaterdagochtend naar Het Vormer in Wijchen. Daar maakten we eerst stoofpeertjes. Jummie!
Vervolgens kregen we een hoop theorie over hoe inmaken en wecken werkt, wat je allemaal nodig hebt, hoe belangrijk hygiëne is, hoelang je de potten kunt bewaren en hoe je kunt zien of de inhoud nog goed is. Daarna gingen we aan de slag met courgettes, waar we ook allerlei dingen aan toevoegden:
De stoofpeertjes werden gestoofd, de courgette werd in het zuur gelegd en verwarmd, en vervolgens werd alles in potjes gestopt. Die we na afloop uiteraard mee naar huis mochten nemen!
Het was een gezellig workshop, hoewel we niet écht hebben geweckt – het was vooral warm voedsel in een pot gieten en goed afdichten. Echt wecken schijnt wat lastiger en bewerkelijker te zijn. Dat moet ik thuis dus nog een keertje zelf uitzoeken. Al met al vond ik het dan ook meer gezellig dan leerzaam, maar dat was uiteraard ook een belangrijk doel.
De rest van de middag besteedden we aan verder bijkletsen op de bank, waarna we verkasten naar een restaurantje voor het veroberen van Aziatische tapas. Jummerdejum! ^_^
Zondagochtend had Petra zelf voor ons een workshopje voorbereid, namelijk ‘soul collages’ maken. Het idee is dat je allerlei plaatjes die je aanspreken uit tijdschriften knipt, daar een collage mee maakt, en vervolgens een verhaaltje schrijft over wat de collage voor je betekent: wat lees je erin en wat vertelt het je. Iets aan de zweverige kant voor mij uiteraard, maar knippen en plakken is heerlijk zen en supergezellig om te doen met leuke vriendinnen onder het genot van een kopje thee en snacks! Het duurde dan ook niet lang voordat de tafel én de vloer bezaaid lagen met knipsels en papiersnippers.
De andere dames waren iets sneller dan ik. En na mijn eerste collage had ik eigenlijk het gevoel dat ik klaar was. Het bleek een post-apocalyptisch plaatje te zijn geworden (de tweede in de onderste rij). Het geeft mij weer temidden van een setting waarin je alleen maar kunt denken: “WFT is dit?? En hoe is dit zo gekomen??” Blijkbaar mijn huidige gemoedstand en de manier waarop ik de wereld momenteel zie. Toen dat uit mijn systeem was, vond ik het lastig om nog aan een tweede te beginnen en die (de eerste in de onderste rij) is dan ook niet zo goed gelukt. Ik probeerde vooral met gelijke kleurtinten te werken en een soort overgang van Afrika naar Nederland te maken. Plus een kat, omdat: kat. Maar ik vind de overgangen niet zo goed gelukt. Naderhand heb ik ‘m nog wat verder verbeterd, maar ik ben er nog steeds lang niet zo blij mee als met de eerste. Oh well, dat zegt waarschijnlijk ook wat over me.
Waar ik wél heel blij mee ben zijn mijn lieve vriendinnetjes!! <3 Wat is het toch fijn om een heel weekend samen te zijn, bij te praten en leuke dingen te doen! Het voelt ook helemaal niet als moeite om hen in huis te hebben, want iedereen is gewend gewoon zijn ding te doen. Er worden ongevraagd snackjes en drankjes meegenomen, keukenkastjes worden gewoon opengetrokken zodat ik niet steeds degene ben die voor iedereen thee of de ontbijttafel klaar moet zetten, als iemand eerder wakker is dan de rest gaat die gewoon vast lekker in de woonkamer haar ding doen, en iedereen ruimt uit zichzelf alles meer dan keurig op. <3
Fijn dat we dus ook al gelijk plannen hebben gemaakt voor wat we de komende anderhalf jaar willen gaan doen. Want volgend jaar vieren we als Heksengodinnen ons 15-jarige jubileum!
Als het herfst wordt, krijg ik altijd hamsterneigingen. De voorraadkast moet vol en het huis moet knus en gereed worden gemaakt voor de winter. Het helpt niet dat de wereld inmiddels in brand staat en er zelfs vanuit de overheid spotjes worden uitgezonden met de boodschap dat je voorbereid moet zijn op dagenlange stroomuitval en andere narigheid, waarbij je jezelf moet zien te redden. Daardoor escaleren mijn hamsterneigingen tot prep-gedrag. Mijn hyperfocus-activiteit is daarom momenteel: meer zelfvoorzienend worden op het gebied van voedsel!
Vorige week scoorde ik voor slechts 22 euro een voedseldroger via Marktplaats.nl. Leek me een goed idee, want gedroogd voedsel neemt veel minder plek in beslag dan ingeblikt voedsel, dus kun je er meer van opslaan. Ook heb ik het wilde plan om van mijn voortuin een moestuin te gaan maken, en aangezien je dan op bepaalde momenten (als het goed gaat…) van één groente heul veul tegelijk oogst, moet je dat dan ook ergens gaan laten. Bovendien hoef ik me met dit ding in huis niet meer schuldig te voelen als ik weer eens wat vers voedsel overhoud en het moet weggooien omdat het te lang ongebruikt in de koelkast is blijven liggen (lang niet alle verpakkingen zijn gericht op eenpersoonshuishoudens en ik ben heel slecht in koken met kliekjes…).
Dus momenteel ben ik lekker aan het experimenteren met die voedseldroger, om te achterhalen hoe lang dingen nou erin moeten en op hoeveel graden, en hoe het smaakt als je daarna weer vocht toevoegt om het daadwerkelijk in je maaltijd te gebruiken.
Uiteraard besef ik ook dat een eigen moestuintje nevernooitniet genoeg gaat zijn om jezelf volledig van te onderhouden in geval van nood, zelfs als al het gezaaide daadwerkelijk uitkomt, dus wil ik ook meer leren over voedsel in de natuur vinden.
Van de zomer volgden Richard en ik al een week lang bushcraftworkshops waarin we allerlei nuttigs leerden, en afgelopen weekend sleurde ik hem mee naar het bos voor een herfstwandeling. Met de bedoeling om onderweg tamme kastanjes, beukennootjes en eikels te verzamelen. Beukennootjes vonden we niet (misschien waren we daarvoor al te laat?), maar van de andere twee namen we een flinke zak mee naar huis! En als echte beginnende bushcrafters hadden we wel water meegenomen maar geen goede zaklamp en moesten we, na al dat geraap, behoorlijk doorstappen om op tijd het bos weer uit te zijn voordat we er in het stikdonker de weg niet meer zouden kunnen vinden.
Kastanjes schijn je het beste in hun schil te kunnen bewaren, en daarvoor moet je ze ook drogen. Na 24 uur in de voedseldroger zijn de schillen nog steeds zacht, dus dat heeft blijkbaar veel meer tijd nodig dan ik dacht.
Eikels had ik nog nooit gegeten, dus in plaats van die gelijk op te slaan als wintervoorraad, wilde ik eerst experimenteren met het bereiden ervan. Dat blijkt een behoorlijk bewerkelijk klusje… Want eerst moet je de eikels in stukjes snijden en uit hun schil halen (gelukkig wilde Richard daar ook wel bij helpen) en vervolgens moeten ze een paar dagen in koud water weken zodat de tannine eruit gaat – want dat smaakt bitter en is niet gezond voor je.
Volgens de instructies die ik op internet vond, moest je de eikels daarna drogen en dan verder vermalen tot meel. Maar hoe droog moesten ze zijn? Kurkdroog? Dan worden ze keihard, en dat is veel lastiger vermalen lijkt me, en bovendien zie ik niet helemaal in waarom het spul volledig droog zou moeten zijn als je het gelijk wil gebruiken. Eerst vermalen en daarna drogen werkt ook niet, want dan doet het meel *woesh* in de voedseldroger… Dus daar ben ik nog niet helemaal over uit en ik heb uiteindelijk de eikels een tijdje gedroogd, maar niet totdat ze keihard waren.
Omdat de gaatjes in de roosters van de voedseldroger nogal groot waren, knipte ik eerst ook nog even inlegmatjes van een restant stuk gaas dat ik ooit kocht om zelf raamhorren van te maken. (Iets zelf maken met spullen die je nog ergens in huis hebt liggen is toch altijd het leukste! ^_^ )
Op internet las ik de tip dat je eikels met een koffiemolen tot meel kunt vermalen. Oh, wat handig! Want een koffiemolen heeft geen stroom nodig, dus dat ding is een goede investering als prepmiddel voor de apocalyps!
Richard werd dus ook meegesleurd naar de kringloopwinkel, waar we zowel een notenkraker als een superschattige koffiemolen met gietijzeren handwiel vonden! <3 Voor slechts €7,50!!
Enthousiast begon ik de semi-gedroogde eikels in de koffiemolen te mikken en te draaien aan het wiel. En jawel hoor, er kwam prachtig fijn eikeltjesmeel in het bakje terecht! ^_^
Na een groot deel van mijn avond aan het malen van de eikeltjes besteed te hebben, had ik een lamme arm en nog net geen blaar, maar had ik nog steeds geen deuk geslagen in de grote bak met te vermalen eikels.
Toen bedacht ik me dat ik de boel ook gewoon in de blender kon flikkeren. Hopsakee! Na slechts twee minuten oorverdovend geraas waren ook alle andere eikels net zo fijn gemalen als met de koffiemolen. :-X
Leuk hoor, dat ouderwetsche handwerk, maar het klinkt een stuk romantischer dan het is, dus dat bewaar ik toch maar gewoon voor tijden van nood. De proof of concept is geslaagd, maar zolang er stroom is ga ik daar gewoon van profiteren…
Anyway – hoezee, na enkele dagen werk was er eindelijk eikeltjesmeel! Op internet las ik diverse enthousiaste verhalen over eikeltjespannenkoeken, dus watertandend besloot ik die vanochtend te maken als ontbijt.
Mijn god, wat smaakten die ranzig!! :-X Wellicht ligt het aan het recept of heb ik iets niet goed gedaan, maar dit ga ik nooit meer maken!
Ik was echter nog niet bereid om Project Eikel als mislukking te labelen. Er was nog eikelmeel over, vanmiddag zouden mijn bandgenootjes langskomen voor een repetitie en ik had nog nét tijd om wat eikelkoekjes, waar ik ook een recept voor was tegengekomen, te maken. Ik moest wat sjoemelen met het recept omdat ik niet alle ingrediënten in huis had, maar ik hoopte dat de stroop ook wel door honing vervangen kon worden en dat het niet veel uit zou maken als ik, in plaats van havermout, mijn ontbijtmueslimix erin zou mikken. *fingers crossed*
De structurele integriteit van de koekjes was suboptimaal, waardoor het meer speculaasbrokken en -kruimels leken bij het opdienen, maar het algehele oordeel van mijn bandgenootjes was: ‘prima eetbaar’, en zeker voor een eerste poging erg goed gelukt. Pfff, toch niet al die moeite voor niets gedaan! Maar toch denk ik dat ik van het verzamelen van eikels geen jaarlijks ritueel ga maken, en alleen de opgedane kennis en ervaring opsla voor nootdgevallen.
Oh ja, tussen het maken van pannenkoeken en koekjes door, bouwde ik ‘s ochtends achter onze epische tuindeur ook nog even een composthoop voor de aanstaande moestuin, wederom geïmproviseerd met materiaal dat ik nog had liggen, en vulde ik hem gelijk met de bladeren op de oprit van de overbuurvrouw. Geen idee hoe lang deze blijft staan, want ik kwam er tijdens de bouw achter dat er blijkbaar stenen onder een deel van de grond naast mijn huis liggen en ik daar dus geen palen in kan slaan. Maar ook dit beschouw ik als een experiment en als dat geslaagd is, kan ik altijd een betere versie gaan maken.
In ieder geval is mijn hamster-/prepdrang voorlopig tevredengesteld. ^_^
Yay, afgelopen donderdag t/m zondag was weer balfolkfestival CaDansa!
Wederom had ik lang gewacht met besluiten of, en zo ja, hoeveel dagen ik zou gaan. Tegen de tijd dat het echt wel tijd werd om een kaartje te gaan aanschaffen, kwam er een oproepje voorbij vanuit de organisatie: het teamhoofd van team Workshops had afgezegd. Of iemand bereid was deze taak op zich te nemen? Tsja. Eigenlijk klonk dat best als wat voor mij. Dingen regelen kan ik wel, gastvrij zijn ook, en het voordeel van deze functie was dat het vooral tijd in beslag zou nemen tijdens het festival en niet zoveel werk vooraf zou kosten (waar ik op dat moment niet de ruimte voor had). En die tijd die het tijdens het festival zou kosten, was in de ochtenden en middagen, dus alleen rondom de workshops, waardoor ik in principe vrij zou zijn tijdens alle bals. Extra bonus: als vrijwilliger krijg je gratis toegang, gratis voeder, én een gratis slaapplek! Dus meldde ik me aan.
Uiteráárd kostte het toch allemaal veel meer tijd dan bedoeld, want omdat het vorige teamhoofd onverwachts was uitgevallen, was er geen goede overdracht en moest ik zelf fragmentarisch informatie van haar en van de organisatie lospeuteren en combineren, om een goed totaalplaatje te krijgen van wat er nou precies van mij werd verwacht en wat er wel en niet door mij geregeld moest worden. Het is namelijk niet heel logisch dat je teamleider wordt van een team waar je nog nooit zelf in hebt gezeten, waardoor je geen idee hebt wat ze eigenlijk doen. En uiteraard ben ik hypergestructureerd, dus moest en zou er een Gedetailleerde Tijdsplanning en een Grondig Schema ontwikkeld worden! En ik vermoed dat ik ook een beetje naar werk heb lopen zoeken wat er domweg niet was, omdat ik nou eenmaal gewend ben om veel werk te verzetten als vrijwilliger en ik moeite had met me realiseren en accepteren dat de voorbereidende taken daadwerkelijk meevielen.
Wel dacht ik in eerste instantie dat ik gerust pas donderdagavond kon arriveren, aangezien de eerste workshops pas op vrijdag zouden zijn, maar bij nader inzien vond ik dat ik als teamhoofd toch echt eerder aanwezig moest zijn om mijn teamleden op te vangen en te briefen, en te zorgen dat alles voldoende duidelijk was voordat we de volgende dag aan de slag gingen. Dus nam ik toch nog mijn laatst beschikbare vrije dag van dit jaar ervoor op. Oh well.
Tegen de tijd dat het festival begon had ik in ieder geval zo veel mogelijk voorbereid en ingepland. Er waren nog een paar onduidelijkheden, maar die zouden vast tijdens het festival zelf wel helder worden. Zoals het cryptische antwoord van de organisatie op mijn vraag of en waar ik de sleutels van de workshopruimtes kon krijgen: “Ja hoor, die kun je op HQ halen en dan krijg je Slups mee!” Ik wist al dat HQ stond voor het hoofdkwartier van de organisatie, maar wie of wat was Slups…?? De bijnaam of achternaam van een vrijwilliger of de sleutelbeheerder van de locatie wellicht?
Nou nee. Dit is wie Slups bleek te zijn:
Oftewel: een enorm lange roze knuffel om om je nek te hangen, die de sleutel aan z’n voelspriet geknoopt had! Ik kreeg te horen dat ‘ie Slups heette omdat men niet goed wist of het een slang of rups was. Maar aangezien het beest toch overduidelijk een hoop poten had, is een tweede theorie dat het een combinatie is van ‘sleutel’ en ‘rups’.
Een minder leuke onzekere factor was de externe workshoplocatie, die we voor het eerst hadden. Het was een schoolgebouw en dat werd pas op vrijdagochtend, anderhalf uur voor de start van de eerste workshopronde, voor ons geopend door de directeur, dus ik kon het gebouw niet vooraf scouten. Ik had natuurlijk wel even op Google Maps opgezocht hoe ingewikkeld de route er naartoe was en of er dus bewegwijzeringsbordjes nodig waren. Nou, dat leek me niet, want het was een kwestie van vanuit de festivallocatie de weg naar rechts volgen, en aan het eind van die weg liep je letterlijk tegen de ingang van het gebouw aan en de naam van het gebouw stond er in koeienletters op! Mooi.
*impending cloud of doom*
Eigenlijk had ik die vrijdagochtend gelijk met mijn daar ingeplande teamleden mee willen gaan om de locatie te bekijken. Maar het inladen van instrumenten voor een workshopgroep liep uit omdat ze later dan verwacht arriveerden. Achteraf gezien had ik dat klusje moeten delegeren aan een ander teamlid dat op de festivallocatie zou blijven, zodat ik alsnog gelijk met de rest meekon. Maar ja, ik had onvoldoende voorzien wat voor problemen er op die locatie zouden kunnen ontstaan…
Ten eerste bleek dat superduidelijke pad naar de ingang die ochtend opgebroken te zijn door werklui die daar met machines bezig waren de boel te renoveren, waardoor de workshopdeelnemers en -docenten een obscuur en onder de modder zittend paadje links van het pand moesten gaan nemen.
Ten tweede bleek de school ENORM! Het bleek een voormalige LBO-school te zijn, met een heleboel praktijkruimtes. Waardoor er binnen behoorlijk wat richtingbordjes noodzakelijk waren om iedereen naar het juiste lokaal en de toiletten te verwijzen.
En tot overmaat van ramp bleken er workshopdeelnemers op de verkeerde locatie te staan! Want vorige jaren waren er ook workshops in een gymzaal van een andere school geweest. Blijkbaar stond op de website en in de festival-app niet duidelijk wat het adres was van de nieuwe school, waardoor mensen die op eerdere edities van het festival waren geweest, uit gewoonte naar het oude pand waren gelopen. En daar dus voor een dichte deur stonden. Argh!
Gelukkig was er een ander teamhoofd zeer toevallig in de school aanwezig, die gelijk goed inschatte wat er moest gebeuren en dat vast in gang zette, terwijl ik werd gebeld en ingelicht over de situatie, zodat ik vervolgens samen met mijn teamleden verder kon gaan met het oplossen van de problemen. Zo fijn, mensen waar je op kunt rekenen! Dat is het fijne van CaDansa: allemaal lieve, betrokken mensen! <3
De rest van het festival verliep gelukkig zonder noemenswaardige incidenten. Natuurlijk kunnen er altijd dingen beter en ik heb dan ook vanalles geleerd en dingen bedacht die ik de volgende keer nog beter zou kunnen aanpakken, en er staat inmiddels een Zeer Grondig Draaiboek klaar voor degene die het volgend jaar gaat doen. Maar al met al ben ik best tevreden.
Ik vond dit ook leuker om te doen dan mijn vrijwilligerstaak bij de deur, twee jaar geleden. Teamleider zijn past beter bij me dan teamlid zijn, want ik had toen regelmatig het gevoel niet alle benodigde informatie te hebben en het totaalplaatje te missen, wat me beperkte in mijn vermogen om zelfstandig te handelen.
Dat ik alles goed kon plannen en regelen, had ik wel verwacht, maar ik had me wel afgevraagd of ik ook een prettige teamleider zou zijn voor mijn teamleden. Want ik weet van mezelf ook dat ik soms iets te strak kan vasthouden aan een planning en iets te veel kan eisen van mensen, wat ten koste gaat van de gezelligheid. Dus daar had ik bewust op gelet. Ik heb het bijvoorbeeld vriendelijk losgelaten dat de helft van het team nog niet aanwezig was op het moment dat ik het introductiepraatje had gepland, waardoor ik hetzelfde praatje 3x moest houden, en ik heb iedereen een zakje M&M’s meegegeven als snackje voor tijdens het stand-by zijn voor workshopdocenten, wat erg werd gewaardeerd (omkopen met voedsel werkt! ). Achteraf kreeg ik te horen dat ze me een heel ‘menselijke’ teamleider hadden gevonden, dus yay, missie geslaagd! Ik leer het blijkbaar toch nog eens.
Maar nogmaals: het hielp ook heel erg dat de sfeer onder de vrijwilligers zoals altijd weer supergoed was. Iedereen is lief voor elkaar, en ook al zijn er soms frustraties en lastige workshopdeelnemers, uiteindelijk blijft het drama beperkt. De toewijding van iedereen om er een mooi festival van te maken, blijkt uit de vele details, zoals hilarische bordjes en mooie decoraties in het thema van dat jaar.
Zoals traditie is, hingen er op de toiletten papiertjes waar bezoekers dingen op mochten kalken en waren er dit jaar ook grote vellen papier waarop je met stickers kon aangeven wat je mening over bepaalde onderwerpen was.
Deze moest ik natuurlijk even vastleggen.
Ook traditie: de ‘red button’ photobooth, opgezet door Ork, waar ik net als voorgaande jaren met Edwin op de foto ging.
Verder was er de jaarlijkse ‘clothing swap’, waarbij je kleding waar je op uit was gekeken, op tafels kon leggen, zodat andere deelnemers deze mee naar huis konden nemen. Ik had een flinke stapel nog echt goede kleding, die om mij onduidelijke redenen maar niet verkocht via Vinted, en die tweedehands kledingwinkels zoals Appel & Ei niet wilden hebben omdat het ‘ouder dan twee seizoenen’ was (tsk…). Gelukkig konden mijn mede-CaDansianen mijn kledingstijl wél waarderen en was volgens mij alles wat ik had neergelegd, binnen een uur verdwenen… Dezelfde avond nog zag ik iemand met mijn omslagdoek rondlopen én iemand in mijn jurkje op de dansvloer verschijnen! Fijn om te weten dat mijn kleding dankbare nieuwe eigenaren heeft gevonden. Zelf nam ik alleen een prachtige (waarschijnlijk zelf)gebreide omslagdoek mee naar huis, die helemaal míjn kleuren had.
En natuurlijk moest er ook gedanst worden! Al heb ik lang niet zoveel gedanst als andere jaren, en hoewel er 4 dagen bal was, denk ik dat ik in totaal niet heel veel meer dansjes heb gedaan dan tijdens een normaal bal van een middag en avond in Wageningen… De eerste nacht stond ik namelijk nog zo ‘aan’, dat ik zo goed als niet heb geslapen. De tweede nacht had ik voor het slapengaan me maar even teruggetrokken in de chill-ruimte met een boek, in de hoop mijn brein op die manier richting slaapmodus te krijgen. Dat hielp een beetje, maar ook de tweede en derde nacht sliep ik minder dan ik nodig had en dat brak me toch wel behoorlijk op. Zeker aangezien de bals tot behoorlijk laat duurden, en ik als ochtendmens gewoon om half 8 wakker word, ongeacht hoe laat ik naar bed ben gegaan (een van de redenen dat teamleider Workshops, waarvoor je op tijd op moet staan, geschikt is voor mij). Dus ik ben redelijk kieskeurig geweest in op welke muziek ik welke dans met wie deed, en heb ook behoorlijk wat tijd doorgebracht met aan de kant zitten en gewoon genieten van de heerlijke muziek! En met bijkletsen met bekenden natuurlijk. Zo fijn, al die mensen die even een praatje komen maken, of gewoon tijdens het langslopen even zwaaien, je aanraken of je een knuffel komen geven! <3 Dan voelt het echt als onderdeel van een community zijn.
Aan het eind van het festival is er altijd een afsluitende ceremonie. Dit jaar werd ons gevraagd om een rij te vormen op volgorde van leeftijd, en vervolgens een ‘circle of life’ te vormen tijdens het dansen van een andro. Leuk idee, maar wel wat confronterend, aangezien ik toch overduidelijk in het voorste gedeelte van die rij stond…
Oh ja, en ik had als lid van het Workshopteam nog een geintje uitgehaald met bandgenoot Wouter, die één van de workshops zou verzorgen als docent. Tijdens een repetitie hadden we wat gegrapt over dat hij dan vast een bakje blauwe M&M’s van ons verwachtte, dus besloot ik die daadwerkelijk voor hem te regelen. Verrassing!
De vraag is nu: wat ga ik volgend jaar doen tijdens CaDansa? Want de voormalige teamleider Workshops wil het volgend jaar weer gewoon gaan doen, dus dan ben ik daar niet nodig. Ik verwacht niet dat we met Androneda volgend jaar alweer geboekt worden, aangezien we er vorig jaar al hebben opgetreden. Weer als bezoeker komen, geen verantwoordelijkheden hebben en eventueel een dag minder gaan (= minder slaapgebrek) is eigenlijk ook wel weer relaxed… al word ik dan niet gepamperd met geheel verzorgde maaltijden en onderkomen. Maar hoewel ik initieel dacht dat ik inmiddels in alle hoedanigheden al op CaDansa was geweest (bezoeker, vrijwilliger, muzikant), realiseerde ik me dit jaar, dat ik nog nooit workshopdocent ben geweest! Hmmm… misschien eens een balletje bij de organisatie daarover opgooien, zodat ik volgend jaar ook vakje #4 kan afvinken? Wie van jullie zit er te wachten op een workshop van mij over bijvoorbeeld het goed leren luisteren naar en interpreteren van muziek van balfolkmuzikanten, om je dansvaardigheden te verbeteren?
Een collega vertelde onlangs dat hij BattleKart had gespeeld met vrienden. Oftewel: een soort van live Mario Kart, die vanwege copyright niet zo mag heten.
Het idee is dat je in een hal gaat karten, en dat er dan op de vloer allerlei bonussen enzo worden geprojecteerd waar je overheen kunt rijden, zodat je deze bonussen tegen je tegenstanders kunt gebruiken. Waaronder de klassieke olievlek, een snelheidsboost, of raketten om je tegenstanders mee af te schieten. Degene die aan het eind van de tijdslimiet de meeste rondjes heeft gereden, is de winnaar.
Ik wist gelijk dat dat een uitje was voor de Wonderland Weirdo’s – en jawel, ze waren per direct net zo enhousiast als ik!
Hoewel de site nogal onduidelijk was over hoe het nou precies in zijn werk ging, het online boekingssysteem niet werkte waardoor ik per mail moest proberen te reserveren, en er onverwachte enorme files waren waardoor 3 van de 5 Wonderland Weirdo’s te laat kwamen voor ons eerste slot, slaagden we er uiteindelijk toch in om afgelopen zaterdag drie rondjes BattleKart (nou ja, en blijkbaar ook ongevraagd enkele rondjes BattleSnake, al dan niet vergezeld van twee onbekende andere spelers – zoals ik al zei was de communicatie erg onduidelijk) te doen!
De karts bleken elektrisch te zijn en het track werd op de vloer geprojecteerd. Dat was veel fijner dan ‘echte’ karts, want ten eerste scheelt het een hoop kabaal en vieze uitlaatgassen, maar ook kon je zo veel ruiger rijden (de karts waren zo geprogrammeerd dat je automatisch flink afremde bij een dreigende botsing – wat ons niet ervan heeft weerhouden af en toe goed op elkaar in te rijden ) en bovendien kon het track daardoor iedere ronde anders zijn.
Voordat jullie het vragen: uiteraard heb ik overwogen om als Princess Peach gekleed te komen. Maar ik had niet genoeg tijd om daar een outfit voor in elkaar te gooien. Ik voelde me dan ook wel een beetje kaal zonder kostuum en requisieten… Maar dat heeft me er niet van weerhouden om het gaspedaal flink in te trappen. (Er was ook nog een ander pedaal, dat de rem geweest schijnt te zijn, maar die had ik niet nodig. Woohoo, driften!!!). En met succes, want hoewel ik niet iedere ronde won, won ik er wel genoeg om aan het eind van ieder spelslot bovenaan de ranglijst te eindigen.
Dit is dan ook écht een spel voor mij en wat mij betreft had ik de hele middag gespeeld. Tot nu toe deden we steeds cooperatieve spellen, maar hier werd ik grondig competitief van. Afvuren die raketten! Droppen die olievlekken! Ha, so long, suckers!!!
Maar uiteraard waren er achteraf no harsh feelings en sloten we de dag zoals gebruikelijk af met een etentje. Nom! Het was dus weer een zeer geslaagd uitje, en dat BattleKarten is wat mij betref voor herhaling vatbaar!
Op donderdag mocht ik voor de tweede keer invallen bij muziekgroep Goet ende Fyn. Pas nadat ik had toegezegd, hoorde ik dat het geen gewoon optreden was, maar een theaterdiner! Blijkbaar verzorgen zij regelmatig de muzikale omlijsting wanneer acteurs een soort moorddiner in baroksfeer begeleiden voor bedrijfsuitjes en dergelijke. Ditmaal moesten we spelen in een restaurant in Montfoort.
Superleuk, maar ik vond het wel best spannend, want het is een nogal chaotische groep, waardoor het lastig is om te achterhalen welk repertoire nou precies wordt gespeeld zodat ik me er goed op kan voorbereiden. Na de eerste keer invallen had ik een lijstje gemaakt met (vermoedelijk) overeenkomstig repertoire plus aantekeningen, want zij noemen bepaalde nummers bijvoorbeeld heel anders dan de naam waaronder ik ze ken, hun arrangementen zijn anders (en staan niet vast), en ze spelen ze vaak in andere toonsoorten dan ik op doedelzak kan meespelen. Ik had dus ook maar wat geoefend op mijn viool en blokfluiten, alleen wist ik niet precies welke nummers ik op welke instrumenten in welke toonsoorten ik precies moest gaan instuderen, dus een groot deel was ook maar gewoon afwachten en zien.
Het optreden zelf was Chaos met een grote C, want niet alleen was ik nieuw en was de band niet bepaald gestructureerd in hun toelichtingen, ook kwam iedereen al gestresst binnen omdat er amper parkeerplaatsen te vinden waren, waren meerdere acteurs ook nieuw of deden ze hun rol voor het eerst, en de groep met gasten was erg groot terwijl de ruimte erg krap was, wat betekende dat de ruimte alleen al door hun gepraat enorm rumoerig was, terwijl er dan ook nog eens acteurs en muzikanten overheen probeerden te komen, terwijl obers probeerden zich ertussendoor te worstelen om het eten en drankjes uit te serveren – en dan zijn uitstekende bourdonpijpen níét handig… Maar ach, volgens mij vonden de gasten het leuk, ik ben niet al te hard de mist in gegaan, en ik heb de meeste chaos van me af kunnen laten glijden. Just smile and play…
Na een (te) korte nacht kwamen vrijdagmiddag mijn bandgenootjes van Androneda bij me langs voor een lunch en repetitie. Die was verbazingwekkend productief en we hebben bijna een nieuw liedje af! Weer eens wat anders dan anders, want we hebben een klassiek nummer (een menuet) uit een boekje van Bach vermazurkaad. Werktitel: Anna’s Bachpipe Mazuet.
Nadat mijn bandgenootjes weer naar huis waren, arriveerde Richard en kleedden we ons om in onze middeleeuwse outfits om een avondje muziek te gaan maken op Middeleeuws Weekend Deest: een privé-evenementje van Thom in zijn achtertuin, waar we vorig jaar ook al een avondje waren langsgekomen om de boel muzikaal op te leuken.
Richard en ik zijn bezig wat gezamenlijk repertoire samen te stellen en dat konden we vrijdagavond dus gelijk uitproberen. Het was namelijk geen officieel optreden, alle re-enactors komen daar om zelf een beetje te hobbyen zonder publiek, dus ook wij konden een beetje aanrommelen met onze ‘ambacht’ en gewoon wat gezelligheid brengen. Dus ook deze avond heb ik wat kunnen experimenteren op mijn blokfluiten, al had ik mijn viool wel thuisgelaten en in plaats daarvan mijn tamboerijn ingepakt.
Het was bovendien leuk om diverse oude bekenden weer eens te zien, en aangezien troubadour Jan Willem er ook was, hebben we ook nog met z’n drieën wat muziek kunnen maken.
Na alwéér een avond te laat in bed te zijn beland, moest ik er alwéér veel te vroeg uit, want zaterdag moest ik om kwart over 9 in Zeist zijn voor een workshopdag van Stichting Draailier & Doedelzak. Ik had me opgegeven voor de workshop ‘Samenspel: Renaissance muziek & vroege barok’, maar ik had ook beloofd er wat eerder te zijn om te helpen met het ontvangen en registreren van de deelnemers (en naderhand te helpen opruimen en daarna nog twee mensen ergens op een folkbal af te droppen voordat ik naar huis reed). Zucht.
Hoewel deze workshop werd georganiseerd door Stichting Draailier & Doedelzak, zijn bij samenspelworkshops allerlei soorten instrumenten welkom. Ik had verwacht van een samenspelworkshop dat we arrangementjes zouden gaan maken met al die instrumenten, en aangezien doedelzakken in zo’n situatie niet altijd het meest gewaardeerde instrument zijn ( ), had ik wederom ook mijn viool en blokfluiten ingepakt, zodat ik flexibel was. (Zo komen ze nooit uit de kast, zo drie dagen achter elkaar…)
In praktijk ging de workshop anders dan verwacht, en hebben we vooral een aantal branles uit de renaissance doorgespeeld, wat theoretische achtergrond over renaissancemuziek gekregen en hebben we ook enkele danspasjes van verschillende branles geleerd: enkelen uit de groep speelden het liedje terwijl anderen erop dansten! Het muzikale niveau was voor mij niet bepaald hoog dus ik pikte alles snel op, en ik kende bovendien al twee branles omdat ik die met o.a. De Soete Inval speel (en ik had blijkbaar de docente positief verrast door bij het voorstelrondje ‘Tourdion’ te spelen, waarop ze gelijk begon te dansen), maar ik heb wel een leuke en gezellige workshop gehad en daar kwam ik vooral voor. De doedelzak heb ik uiteindelijk de hele tijd in zijn koffer laten liggen en ik heb bijna alles op viool gespeeld, en heel eventjes ook nog de blokfluit erbij gepakt. Dat was voor mij op die manier dus een goede extra oefening.
Maar na die drie dagen boordevol muziek en te weinig slaap… doe ik vandaag even helemaal NIKS muzikaals meer!
Afgelopen week was weer de jaarlijkse collecteweek voor de Dierenbescherming. Dit jaar ben ik geen wijkhoofd meer, omdat ik wat heb geschrapt in de hoeveelheid dingen die ik doe. Maar ik ben wel collectant gebleven, dus heb ik weer wat leuke anecdotes en foto’s voor jullie van mijn belevenissen bij het langs de deuren leuren!
Dat ik al een flinke tijd in mijn wijk met de bus rondga, blijkt overigens op te gaan vallen. Een vrouw riep toen ze open deed: “Een bekend gezicht ieder jaar!” Heh, ik word zo nog eens een bekende wijkbewoonster.
Het collecteren leidt soms ook tot bijzondere en mooie gesprekjes. Zoals even bijpraten met een oud-collega en met een oud-naailesgenootje die in mijn wijk wonen. Maar ook iemand die ik niet ken, maar langs wiens huis ik regelmatig fiets. Ik had gezien dat ze al een tijd enorm aan het verbouwen waren en toen ik daar iets over opmerkte, kwam er een heel verhaal van de bewoonster over hoe zwaar en moeilijk het allemaal was, maar ook over haar huisdieren en meer.
De gesprekken tussen de bewoners onderling zijn soms ook hilarisch:
Van achter de voordeur: “Dees! De deurbel!!”
“[onverstaanbaar]”
“Ja ja, pappa doet wel open…”
De deur opent en een man kijkt me verbaasd aan: “Oh, ik dacht dat je mijn avondeten was!”
Creepy kunst…
De manier waarop mensen met collectanten omgaan, verschilt nogal:
Een vrouw doet open met een mobieltje tegen haar oor. “Ik ben aan de telefoon”, zegt ze, en doet de deur weer dicht.
Okee… Nou ja, dan ga ik weer verder.
Als ik om haar huis heen loop, hoor ik ineens geklop tegen het raam. Ik zie de vrouw staan, die geld omhoog houdt. Ik loop weer terug naar de voordeur en ze doet alsnog geld in mijn bus. Blijkbaar bedoelde ze dat ik even moest wachten totdat ze uitgebeld was?
Een andere bewoner doet open en geeft niks, maar meldt me: “Tsja, het is een beetje brutaal om van achter het raam ‘nee’ te knikken, hè?”
Heel netjes van hem, want na half 8, als het inmiddels donker is, doen veel mensen domweg niet meer open terwijl ze overduidelijk thuis zijn.
Na aanbellen bij een ander huis hoorde ik wat gemorrel en keek er vervolgens een jongetje door de brievenbus naar buiten. “De deur zit op slot.”
Ik: “Ah okee. Is pappa of mamma thuis?”
Het jongetje loopt weg en komt even later weer terug, met nog een ander kindje ernaast. “Hoe heet jij?”
Ik: “Ik heet Lenny. Is dat je zusje?”
Jongetje: “Ja.”
Ik: “Heb je pappa of mamma al gevraagd om te komen?”
Jongetje: “Pappa wil niet.”
Okee dan…
Kinderen leveren wel vaker bijzondere situaties op. Het was al donker en ik belde ergens aan, waarna een jongen, zonder iets te zeggen, de deur een klein stukje open deed en vervolgens weer wegrende. Euh… en nu? Ik hoorde hem binnen ook niks tegen iemand zeggen. Ik heb even gewacht totdat een vader of moeder kwam, of hij zelf terugkwam, maar er gebeurde niets. Ik heb de deur uiteindelijk zelf maar weer in het slot getrokken en ben doorgelopen.
Zwusje, om de een of andere reden moest ik aan jou denken toen ik die kabouter zag!
Veel mensen zeggen gewoon ‘nee’ als ze niks willen geven, maar sommigen voelen de behoefte om het toe te lichten:
Vrouw: “Ik heb helemaal niks met dieren… Wel met planten enzo.” *kijkt over haar schouder naar binnen waar de tv hoorbaar aan staat* En ja, ik kijk inderdaad net naar de wolf op de tv. Maar verder niet.”
Man: “Mjah, de Dierenbescherming… Als ik naar de beelden kijk, dan… Ik kan wel iets geven, maar dat is dan niet van harte.”
Ik: “Het is helemaal aan u of u wat geeft.”
Man: “Nou, een andere keer dan. Veel sterkte.”
Oudere vrouw: “Er zijn er al zoveel aan de deur geweest… Ik ga zelf een keertje rond denk ik. Als bejaarden krijgen wij ook niet meer zoveel!”
Ehm… Mag ik nou aanbellen of niet?
Aangezien niet iedereen uit Nederland komt en er soms een taalbarrière is, of mensen gewoon niet bekend zijn met het fenomeen ‘collecte’ of de Dierenbescherming, is het soms wat improviseren:
Meisje met hippe bril, piercings en buitenlands accent: “Dierenbescherming? Wat is dat?”
Ik leg uit wat ze doen.
Meisje: “Okay, cool.”
Ik: “Wil je iets doneren?”
Meisje: “Nee.”
Man: “I have no money, no dinero. It’s for animals?”
Ik, signalerend dat hij Spaanstalig is: “Si, es por los animales.”
De man zijn gezicht licht op en hij zoekt alsnog naar geld, wat hij helaas écht niet vindt. Overduidelijk teleurgesteld meldt hij: “No tengo, lo siento.”
Ik: “Está bien, adios!” (Note to self: voor volgend jaar voorbereiden hoe je “Je kunt ook met QR-code betalen” in het Spaans zegt. )
Vertel me dat hier een autist woont, zonder te zeggen dat hier een autist woont.
Die QR-code werkt trouwens ieder jaar beter. Er zijn nog een hoop mensen, vooral ouderen, die het eng vinden om met mobiele telefoon te betalen, maar er maken steeds meer mensen gebruik van. Eén oudere dame stond ervoor open dat ik haar door het proces heen praatte, waardoor ze voor het allereerst op die manier iets heeft betaald.
Ook grappig om te constateren wat mensen wel en niet opvalt als ze mij met mijn bus zien staan. Sommigen zien meteen dat ze zowel geld kunnen inwerpen als met QR-code kunnen betalen, anderen moet ik wijzen op de mogelijkheid digitaal iets over te maken als ze geen contant geld kunnen vinden, en er was ook een persoon die initieel alleen de QR-code op de bus zag en zei: “Oh, ik kan niet met zo’n code werken”, die ik moest uitleggen dat er ook nog steeds gewoon cash in kon.
Toch hebben verreweg de meeste mensen nog voorkeur voor cash, ook al is dat steeds lastiger in huis te vinden:
Vrouw, enigszins beschaamd: “Ik heb wat uit de spaarpot van de kinderen gepakt… Maar het is voor een goed doel.”
Dit jaar had ik besloten om niet alleen opvallende dingen, maar ook alle katten die ik onderweg tegenkwam, op de foto te zetten. Het is niet 100% gelukt, want in één straat liepen 3 cyperse katten die dermate op elkaar leken dat ik initieel dacht dat het steeds dezelfde was, totdat ik ze ineens allemaal vlak na elkaar op een andere plek zag lopen – maar toen was ik te laat met de camera.
En die 7(!) katten van de foto hierboven heb ik helaas niet kunnen spotten.
Die laatste kat, met een permanente WTF??-blik, was mijn favoriet!
Misschien fotografeer ik volgend jaar alle honden die ik achter de deuren en ramen tegen me zie blaffen…
Zojuist ben ik mijn opbrengst gaan tellen met het nieuwe wijkhoofd en we kwamen uit op een totaal van €387,86, dus da’s een mooi bedrag! En daarmee is de collecte van dit jaar voor mij officieel afgerond.
Overigens zat dat nieuw wijkhoofd er al doorheen toen hij vorige week mijn bus kwam brengen en hij gaat het volgend jaar niet weer doen… Ik hoop dat één van de andere collectanten het wellicht wil overnemen, want anders zie ik me mezelf toch weer opofferen om het terug te nemen…
Toen ik de opleiding voor costumière deed, mocht ik jaarlijks naar de costumièredag. Nu ik daarvoor geslaagd ben en verder ben gegaan met de coupeuse-opleiding, word ik uitgenodigd voor de jaarlijkse coupeusedagen. Maar coupeuses in opleiding mogen sinds kort ook alvast deelnemen aan de couturedagen, die eigenlijk bedoeld zijn voor leraressen (een opleiding die je kunt gaan doen nadat je coupeuse bent). Gelukkig maar, want dit jaar kwam iemand een workshop “broderie d’Art” geven, oftewel hoe je kleding kunt decoreren met kraaltjes, zoals ze bijvoorbeeld op bruidskleding en bij modehuizen doen, en dat leek mij ook heel leuk om te leren!
Afgelopen zaterdag (ja, ik loop weer achter met bloggen) reed ik ervoor naar Nunspeet, waar we eerst een korte presentatie kregen van de workshopleidster, waarna we enkele van haar voorbeeldcreaties konden bewonderen. En daarna mochten we zelf aan de slag!
We kregen allemaal een basissetje met kralennaalden, speciaal garen en diverse kraaltjes en pailletten. De bedoeling was om een voorbeeld na te gaan maken, waarbij de nadruk lag op technieken om een 3D-effect in het werkstuk te krijgen. Dat doe je blijkbaar door een paillet of strengetjes garen als basis te gebruiken en daar vervolgens strengen met kraaltjes overheen vast te stikken. Ook kregen we een paar handige tips over hoe je het beste de steekjes met je naald en draad kon maken.
Maar verder was het niet heel erg rocket science… Ik vond het meeste erg logisch en voordehandliggend en ik was ook structureel als één van de eersten klaar met de onderdelen. Sommige deelneemsters bleken nog nooit geborduurd te hebben, maar ook enkele ervaren leraressen, waaronder mijn juf, worstelden met al dat werken op de vierkante millimeter. Wellicht helpt het dat ik vaak met de hand naai en dus behoorlijk handig ben met naald en draad? Al moet ik zeggen dat het grootste deel van mijn tijd ging zitten in het proberen de draad door dat minuscule oogje van de kralennaald te krijgen in plaats van daadwerkelijk kralen vaststikken… Man, wat een gepriegel! 🙈
Het voorbeeld (vingers voor schaal)Mijn eindresultaat
Het resultaat mag er dan wel weer zijn. Helaas moesten we allemaal hetzelfde maken (kleine variaties in de kralenvolgorde mochten gelukkig wel) want dit ontwerp is niet bepaald mijn smaak. Maar ik weet nu wel een stuk beter hoe ik mijn historische kostuums kan gaan opleuken. Als ik het aandurf, wil dat zeggen, want hier gaat echt onwíj́s veel tijd in zitten… Dus ik denk dat ik vooral ga werken met de techniek om soutacheband in een bepaalde vorm vast te stikken.
Eigenlijk zou ik vandaag met Richard op kraamvisite gaan bij Sandra. Maar toen bleek dat samen te vallen met de Rode Lijn-demonstratie in Amsterdam – het grote protest tegen de inactiviteit van onze regering rondom de gruwelen in Gaza. En daar wilde ik eigenlijk wel aan bijdragen.
Dus excuseerde ik me voor de afspraak, knutselde ik een protestbord en sprong ik vanochtend in de trein richting onze hoofdstad.
Op het perron van Nijmegen CS begon de boel al rood te kleuren en onderweg naar de hoofdstad werd de trein alleen maar roder én voller. Er ontstond gelijk een groepsgevoel en ik had onderweg een leuk gesprek met wat mede-demonstranten.
In Amsterdam had ik afgesproken met Gerben (van balfolk) en Gijs en Anne (van LARP) en laatstgenoemden hadden ook weer wat aanhang meegesleept, die elkaar ook niet noodzakelijk onderling kenden. Zo vormden we een mooi gelegenheidsclubje met z’n allen. 😋
We startten op het Museumplein met wat speeches en kregen op een gegeven moment de instructie om vast te beginnen met het lopen van de route, ook al waren die speeches nog niet klaar. Maar er waren dermate veel mensen op het plein dat de speeches al lang klaar waren voordat wij van dat plein waren – volgens mij waren we na een uur nog niet van start! We hebben uiteindelijk, met vele anderen, maar een soort alternatieve route genomen om op een iets later moment in te voegen in de officiële looproute.
Het was dus wel zeker een geslaagde demonstratie; de eerste schatting was dat er zo’n 250.000 mensen waren komen opdagen! En zeker niet alleen jongeren; er waren mensen van alle leeftijden. Ondanks het regenachtige weer. Maar gelukkig duurden de veelvuldige buitjes steeds maar heel even, dus echt nat ben ik niet geworden.
Ook mijn protestbord was een groot succes, op meerdere vlakken (letterlijk en figuurlijk). Ik had namelijk zowel op de voor- als achterkant een leus gezet. Eentje wat meer genuanceerd en eentje wat confronterender. Ik gokte dat de laatste het meest zou aanslaan. In praktijk werd het een soort van A/B-test om te zien welke kant de meeste reacties kreeg – ik blijf toch marketeer, hè. 😉
De “Wir haben es gewußt”-slogan is inderdaad echt vaak op de foto gezet! Ben benieuwd of ik hem nog ergens in de media terug ga zien. (Al vraag ik me af of iedereen hem begreep. Van een van de demonstranten, een lerares, hoorde ik dat er tegenwoordig een hoop jongeren zijn die geen idee hebben wie Hitler was 😱). Maar ook de langere slogan sloeg aan. (Een vrouw vroeg me of ze hem mocht fotograferen: “Ik ben speciaal ervoor een stuk achter je aan gelopen!”) 😄
En ik kreeg zelfs een compliment van een man voor de constructie (met schroeven en van die metalen ringetjes door het karton tegen een houten lat). 😂 Dat bleek inderdaad een professionele constructie, vergeleken met alle met de hand vastgehouden kartonnetjes en kartonnen borden met houten pollepels of mattenkloppers aan de achterkant. Wel heel creatief allemaal. 😄
Gelukkig was de sfeer heel goed. Tijdens de route hingen er ook een hoop mensen uit de ramen, al dan niet met Palestijnse vlag of spandoek, en vaak ook zelf in het rood gekleed. Voor zover ik kon zien zijn er geen problemen veroorzaakt. En ik hoop dat het ook vreedzaam en niet-destructief is gebleven nadat ik ben vertrokken, toen we na zo’n anderhalf uur wandelen weer terug op het Museumplein waren.
Naast het protestbord knutselde ik overigens ook nog wat anders: weer een baddoek voor de kraamvisite, die ik aan Richard meegaf. Want ik wilde toch wel laten weten dat ik aan hen dacht, ook al was ik niet aanwezig. ❤️
Het was de bedoeling om een soort grasparkiet te maken, maar bij nader inzien is het een beetje een body builder geworden… 🤪
Anyway, ik hoorde van Richard dat ze er erg blij mee waren, dus gelukkig was ook dat een geslaagde actie. 🙂
Gisteravond kwam Has bij me op bezoek. Ik ken Has al jaren, maar had hem ook al jaren niet meer gezien. We leerden elkaar namelijk kennen op het symposium van het Lewis Carroll Genootschap, maar daar gaat hij inmiddels niet meer naartoe.
De afgelopen tijd heeft hij zijn boekenkast flink uitgemest (800 exemplaren minder! ) en hij wilde onder andere wat boeken over Lewis Carroll / Alice in Wonderland kwijt. Of ik ze wellicht wilde hebben? Hij vond het gezellig om ze zelf langs te komen brengen, ook al woont hij in Utrecht, want: gepensioneerd en dus alle tijd. Natuurlijk was hij welkom! En zijn boeken ook!
Dus hebben we gisteravond dik 3 uur zitten bijkletsen en nerden over onder andere Victoriaanse kleding. Hij verzamelt namelijk onder meer ‘cartes de visite’ van Victoriaanse kinderen en ziet dus ook heel veel outfits uit die periode langskomen. Dus kreeg ik te horen hoe ik mijn Alice-jurkje verder kon verbeteren en discussieerden we over of de outfit die ik als voorbeeld voor mijn Victoriaanse zomerjurk had gekozen, wel écht uit 1864 kwam of wellicht van vroeger was, gezien de ‘pagoda’-mouwen die eraan zitten. Mooi hoe goed wij klikken, dat merkte ik al de eerste keren dat ik hem zag.
Verder ben ik schandalig verwend. Niet alleen kreeg ik deze hele stapel boeken (inclusief een groot werk met alle (terug te vinden) foto’s die Lewis Carroll maakte en een luxe exemplaar van de Alice-verhalen), ook had hij een Alice in Wonderland-theeblikje voor me meegenomen en, omdat hij geen ‘eat me’-koekjes kon vinden om erin te stoppen, er een doosje bonbons bij gedaan. <3
Als extra bonus kreeg ik een digitale versie van zijn verzameling cartes de visite ter inzage, nadat ik had gezworden deze niet met anderen of op het internet te delen. Ik ben de eerste die ernaar mag kijken en voel me enorm vereerd!
Hij zei er specifiek bij dat het ook prima is als ik boeken wil doorgeven als ik ze zelf niet wil houden, aangezien ik vast wel mensen ken die er ook blij van worden. Inderdaad had ik enkele exemplaren zelf ook al in mijn kast staan, en in sommige andere heb ik niet specifiek interesse, dus nu ben ik op zoek naar andere liefhebbers. Helaas is het symposium van het Genootschap nét vorige week geweest, anders had ik ze gelijk mee kunnen nemen. Maar ja. Dus: ga je kwijlen bij het zien van een of meer van onderstaande boeken, geef me dan een seintje en dan gaan we regelen dat het jouw kant op komt! (Kostenloos, tenzij je ze verzonden wil hebben.) Met dank aan Has! <3
Zoals ik in mijn vorige blogje schreef, reed ik zaterdag eerst van Nijmegen naar Zaltbommel en vervolgens weer door naar Herk-de-Stad, een plaats in België, om op te treden met Androneda.
Het folkbal was in een enórme zaal van een cultureel centrum, wat betekende dat er flink wat dansvloerruimte was en een podium waar we wel 10x op hadden gepast!
Voor het eerst is ons achtergronddoek aan zo’n plafondbalk omhooggehesen in plaats van dat we hem zelf op onze statieven moesten zetten, dus konden we ook eens zien hoe dat uitpakte. (Note to self: verlengsnoer kopen voor tussen de voeding en de ledstrips, zodat de lampjes in zo’n situatie ook aan kunnen zonder dat het gewicht van de hele voeding aan het doek hangt… )
De professionele locatie betekende ook goede faciliteiten. De licht- en geluidsmensen wisten precies wat ze aan het doen waren, waardoor we in 3 kwartier daadwerkelijk klaar én tevreden waren met de soundcheck. Yay voor met schilderstape gelabelde stekkers waarop de naam van de instrumenten staat! Ook kregen we vooraf maar liefst een driegangendiner aangeboden, met pompoensoep vooraf en een toetje na. Helaas was dat vlak voordat we het podium op moesten, dus ik heb mijn bord niet helemaal leeggegeten (spelen met een overvolle maag is niet optimaal) en Patricia heeft haar toetje in de koelkast laten zetten tot na het optreden.
Het nadeel van zo’n enorme zaal was wel dat de boel nogal leeg oogde. Er waren bovendien veel zitplekken, wat de aanwezigen stimuleerde om te zitten en luisteren in plaats van te komen dansen. En blijkbaar was er op dezelfde avond een concurrerend bal in de buurt met een grote naam als band, dus dat had ook wat dansers bij ons gekost. Dat mocht de pret echter niet drukken en we hebben best lekker gespeeld. Nooit foutloos, maar niets dat de boel echt verstoorde.
Onder de wel aanwezigen bleken een heleboel Belgische balfolkorganisatoren te zijn. Blijkbaar hadden zij voorafgaand aan het bal daar een vergadering gehad. En die mensen hebben ons nu allemaal zien optreden… Dus wij kruisen onze vingers en hopen dat het nog wat optredens in België op gaat leveren!